IBR samenvatting boek
H1 belastingen in NL
Overzicht van de belangrijkste belastingen:
- Inkomstenbelasting (IB): betaald door alle natuurlijke personen die wonen in Nederland (of
niet wonen, maar wel Nederlands inkomen genieten). De IB wordt geheven over 3 boxen.
Wordt geheven met een aanslag na het kalenderjaar. Echter, dit wordt verrekend met de
loonbelasting (voorheffing) waardoor al in het jaar belasting wordt geheven.
- Loonbelasting (LB): voorheffing op IB. loonheffing = loonbelasting, premies volksverzekering,
premies werknemer, inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekering
- Vennootschapsbelasting (vpb): door rechtspersonen betaald.
- Dividend, interest, royalty belasting: bronheffingen (indirect geheven, de
bron=inhoudingsplichtige betaald de belasting al voor de ontvanger=belastingplichtige).
o Dividendbel is 15% van dividend die als voorheffing verrekend wordt met de IB
(geldt alleen voor Nederlanders dus)
o Bronbelasting op interest en royalty’s is 25.8% ingehouden door rechtspersoon
- Erf- en schenkbelasting
- Kansspelbelasting over prijzen uit casino en loterij van 29%. In Nederland is het een
bronbelasting wat betekent dat de casino bijvoorbeeld de belasting afdraagt. Over de prijs is
geen IB verschuldigd dus is ook niet verrekenbaar.
- Omzetbelasting (OB): btw
- Accijnzen: verbruiksbelastingen
- Overdrachtsbelasting: bij verkrijging van onroerende zaken van 8%, maar hoofdverblijf 2%.
- Assurantiebelasting: op verzekeringen in NL van 21%.
- Mileuheffingen: kan op provinciaal niveau (afvalstoffenheffing), op rijk niveau (energie,
water, vlieg, afvalstofbel)
- Belasting op auto/motor bij registratie, ombouw, ter beschikking stelling
- Motorrijtuigen= wegenbelasting hoogte afhankelijk van type en woonplaats.
- Premies sociale verzekeringen: volksverzekeringen, werknemersverzekeringen,
basisverzekering tegen ziektekosten
- Belastingen van gemeenten (onroerendezaak), provincies (motorrijtuigen) en
waterschappen (zuivering, watersysteem)
Belastingrecht. Materieel: hoeveel, wie, wanneer, waarover. Formeel: welke autoriteit vaststelt, hoe
vaststellen, hoe bezwaar (herzien). De materiele belastingschuld (hoeveel) wordt door een formele
belastingschuld (wijze vaststelling en incasseren).
Volgens Adam Smith moet het belastingstelsel voldoen aan 4 eisen:
- Rechtvaardig: draagkrachtbeginsel (belastingdruk verdeeld), profijtbeginsel (betalen naar
mate men profijt van de voorzieningen hebben wat uit de belasting wordt betaald).
- Rechtszeker: fiscus moet eerlijk innen
- Uitvoerbaar: duidelijke regels, en uitvoerbaar.
- Neutraal: belastingen zouden geen effect moeten hebben op keuze die men maakt in de
vrije markteconomie (in praktijk wel het geval).
H3 loonheffingen
Loonheffingen:
, - Loonbelasting: voorheffing op IB. Over het algemeen komt deze redelijk overeen met de
betalen IB.
- Volksverzekering: AOW, Anw, Wlz.
- Werknemersverzekering: WW, WAO, WIA, ZW. Worden geheven van werkgevers
- Zorgverzekeringswet
Werknemer betaald loonbelasting; Een werknemer is een natuurlijkpersoon (art 2 lid 1 LB) die tot
een inhoudingsplichtige in dienstbetrekking staat
- Dienstbetrekking privaatrechtelijk= arbeidsovereenkomst, art 7.610 BW, waarbij GAL geldt
(Gezagsverhouding, Arbeid, Loon). GAL staat in een andere wet, maar mogen wij gewoon uit
ons hoofd kennen dus we hoeven geen wet te noemen.
- Dienstbetrekking publiekrechtelijk: benoeming door overheidsorgaan.
- Fictieve dienstbetrekking, art 3 en 4 wet LB.
Art 5: huishoudpersoneel is geen dienstbetrekking.
Art 6 LB beschrijft wie inhoudingsplichtige kan zijn. Het gaat in beginsel over werkgevers in
Nederland gevestigd. Of als werkgever in NL vaste inrichting/vertegenwoordiger heeft, of een
persoon in dienst heeft van wie het loon onderworpen is aan de IB van NL.
Wat is loon? (alle 4 worden ingehouden op het loon door de inhoudingsplichtige op moment
loon wordt genoten)
- Loonbelasting. Loon = hetgeen uit een dienstbetrekking of vroegere dienstbetrekking wordt
genoten, vergoed of verstrekt art 10 lid 1. Loon in natura wordt gewaardeerd tegen waarde
economisch verkeer (dan verkoopt tegen de hoogst mogelijke prijs), art 13 lid 1. Privé
gebruik van een auto van de zaak is een voorbeeld van loon in natura. Bij meer dan 500 km
privé rijden per jaar komt er een bijtelling, art 13bis lid 1. Voor de fiets geldt 7% bijtelling bij
privégebruik van de waarde van een vergelijkbare fiets, art 13ter lid 1. Loon kan ook worden
genoten in de vorm van een recht: aanspraak. Wordt de aanspraak belast, dan blijft latere
uitkering onbelast. Zo gaat dit van de inkomenssfeer naar de vermogenssfeer. Uitzondering
= omkeerregel waarbij de aanspraak onbelast blijft en bij uittering wordt belast. Dan blijft
het dus loon.
Loonbelasting kent een progressief tarief met inkomensschijven, art 20a LB.
- Premie volksverzekeringen over het loon voor de loonbelasting (ongeveer 30% voor AOW).
- Premie werknemersverzekeringen over het loon voor de loonbelasting behalve loon uit
vroegere dienstbetrekking of eindheffingsbestanddelen. (2.7-7.7%).
- Inkomensafhankelijke bijdrage Zvw over loon tegenwoordig (minus veel eindheffing,
bijtelling privégebruik auto, pseudo-werknemer loon, DGA loon) en loon verleden. (3
tarieven: standaard 6.75%, verlaagd 5.5%, nihil).
H1 belastingen in NL
Overzicht van de belangrijkste belastingen:
- Inkomstenbelasting (IB): betaald door alle natuurlijke personen die wonen in Nederland (of
niet wonen, maar wel Nederlands inkomen genieten). De IB wordt geheven over 3 boxen.
Wordt geheven met een aanslag na het kalenderjaar. Echter, dit wordt verrekend met de
loonbelasting (voorheffing) waardoor al in het jaar belasting wordt geheven.
- Loonbelasting (LB): voorheffing op IB. loonheffing = loonbelasting, premies volksverzekering,
premies werknemer, inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekering
- Vennootschapsbelasting (vpb): door rechtspersonen betaald.
- Dividend, interest, royalty belasting: bronheffingen (indirect geheven, de
bron=inhoudingsplichtige betaald de belasting al voor de ontvanger=belastingplichtige).
o Dividendbel is 15% van dividend die als voorheffing verrekend wordt met de IB
(geldt alleen voor Nederlanders dus)
o Bronbelasting op interest en royalty’s is 25.8% ingehouden door rechtspersoon
- Erf- en schenkbelasting
- Kansspelbelasting over prijzen uit casino en loterij van 29%. In Nederland is het een
bronbelasting wat betekent dat de casino bijvoorbeeld de belasting afdraagt. Over de prijs is
geen IB verschuldigd dus is ook niet verrekenbaar.
- Omzetbelasting (OB): btw
- Accijnzen: verbruiksbelastingen
- Overdrachtsbelasting: bij verkrijging van onroerende zaken van 8%, maar hoofdverblijf 2%.
- Assurantiebelasting: op verzekeringen in NL van 21%.
- Mileuheffingen: kan op provinciaal niveau (afvalstoffenheffing), op rijk niveau (energie,
water, vlieg, afvalstofbel)
- Belasting op auto/motor bij registratie, ombouw, ter beschikking stelling
- Motorrijtuigen= wegenbelasting hoogte afhankelijk van type en woonplaats.
- Premies sociale verzekeringen: volksverzekeringen, werknemersverzekeringen,
basisverzekering tegen ziektekosten
- Belastingen van gemeenten (onroerendezaak), provincies (motorrijtuigen) en
waterschappen (zuivering, watersysteem)
Belastingrecht. Materieel: hoeveel, wie, wanneer, waarover. Formeel: welke autoriteit vaststelt, hoe
vaststellen, hoe bezwaar (herzien). De materiele belastingschuld (hoeveel) wordt door een formele
belastingschuld (wijze vaststelling en incasseren).
Volgens Adam Smith moet het belastingstelsel voldoen aan 4 eisen:
- Rechtvaardig: draagkrachtbeginsel (belastingdruk verdeeld), profijtbeginsel (betalen naar
mate men profijt van de voorzieningen hebben wat uit de belasting wordt betaald).
- Rechtszeker: fiscus moet eerlijk innen
- Uitvoerbaar: duidelijke regels, en uitvoerbaar.
- Neutraal: belastingen zouden geen effect moeten hebben op keuze die men maakt in de
vrije markteconomie (in praktijk wel het geval).
H3 loonheffingen
Loonheffingen:
, - Loonbelasting: voorheffing op IB. Over het algemeen komt deze redelijk overeen met de
betalen IB.
- Volksverzekering: AOW, Anw, Wlz.
- Werknemersverzekering: WW, WAO, WIA, ZW. Worden geheven van werkgevers
- Zorgverzekeringswet
Werknemer betaald loonbelasting; Een werknemer is een natuurlijkpersoon (art 2 lid 1 LB) die tot
een inhoudingsplichtige in dienstbetrekking staat
- Dienstbetrekking privaatrechtelijk= arbeidsovereenkomst, art 7.610 BW, waarbij GAL geldt
(Gezagsverhouding, Arbeid, Loon). GAL staat in een andere wet, maar mogen wij gewoon uit
ons hoofd kennen dus we hoeven geen wet te noemen.
- Dienstbetrekking publiekrechtelijk: benoeming door overheidsorgaan.
- Fictieve dienstbetrekking, art 3 en 4 wet LB.
Art 5: huishoudpersoneel is geen dienstbetrekking.
Art 6 LB beschrijft wie inhoudingsplichtige kan zijn. Het gaat in beginsel over werkgevers in
Nederland gevestigd. Of als werkgever in NL vaste inrichting/vertegenwoordiger heeft, of een
persoon in dienst heeft van wie het loon onderworpen is aan de IB van NL.
Wat is loon? (alle 4 worden ingehouden op het loon door de inhoudingsplichtige op moment
loon wordt genoten)
- Loonbelasting. Loon = hetgeen uit een dienstbetrekking of vroegere dienstbetrekking wordt
genoten, vergoed of verstrekt art 10 lid 1. Loon in natura wordt gewaardeerd tegen waarde
economisch verkeer (dan verkoopt tegen de hoogst mogelijke prijs), art 13 lid 1. Privé
gebruik van een auto van de zaak is een voorbeeld van loon in natura. Bij meer dan 500 km
privé rijden per jaar komt er een bijtelling, art 13bis lid 1. Voor de fiets geldt 7% bijtelling bij
privégebruik van de waarde van een vergelijkbare fiets, art 13ter lid 1. Loon kan ook worden
genoten in de vorm van een recht: aanspraak. Wordt de aanspraak belast, dan blijft latere
uitkering onbelast. Zo gaat dit van de inkomenssfeer naar de vermogenssfeer. Uitzondering
= omkeerregel waarbij de aanspraak onbelast blijft en bij uittering wordt belast. Dan blijft
het dus loon.
Loonbelasting kent een progressief tarief met inkomensschijven, art 20a LB.
- Premie volksverzekeringen over het loon voor de loonbelasting (ongeveer 30% voor AOW).
- Premie werknemersverzekeringen over het loon voor de loonbelasting behalve loon uit
vroegere dienstbetrekking of eindheffingsbestanddelen. (2.7-7.7%).
- Inkomensafhankelijke bijdrage Zvw over loon tegenwoordig (minus veel eindheffing,
bijtelling privégebruik auto, pseudo-werknemer loon, DGA loon) en loon verleden. (3
tarieven: standaard 6.75%, verlaagd 5.5%, nihil).