Algemene biologie en
weefselleer
3. Epitheelweefsel
= dicht aaneengesloten veelhoekige cellen => heel weinig extracellulaire
matrix
Functies:
- Bedekken + afgrenzen (bv. Huid) = transport stoppen
- Absorptie (darmepitheel)
- Secretie (klieren
- Gevoel (neuroepithelium)
- Contractie (myoepitheliale cellen)
Grenzen:
- Interne oppervlaktes
- Externe oppervlaktes
- Opname/afscheiding steeds voorbij epitheliale membranen (je
bent niet binnen als je geen epitheel passeert)
Vormen:
- Cilindrisch, kubisch of plaveisel
- Polyhedrisch (ifv de beschikbare ruimte)
- Bolvormig tot plat (de as van de kern ligt meestal parallel met de
as van de cellen)
- Verschillende lagen (afhankelijk van de functie)
Lamina basalis
= Grens met bindweefsel of tussen epitheliale lagen
Extra cellulaire structuur:
- Epitheelweefsel cellen in contact met bindweefsel via collageen
- Basale oppervlakten in contact met elkaar
Netwerken van fibrillen (collageen, glycoproteïnen, proteoglycanen)
Aanhechting aan het onderliggende bindweefsel door
verankeringsvezels (=collageen)
Voorkomen:
, - In contact met bindweefsel: spiercellen, vetcellen, Schwanncellen
- In contact met andere epitheliale lagen: long alveoli, renale
glomerus
Aangemaakt door de basale cellen
Ronde bolletjes zichtbaar: microtubuli of collageen vezels
- Microtubuli: intracellulair
- Collageen: extracellulair (te groot om intra geproduceerd te
worden)
Functies:
- Structureel
- Barrière
- Hechting
- Filterfunctie
- Regulerende functie (celdelingsactiviteit & differentiatie)
- Celpolariteit
- Celproliferatie
- Organisatie van proteïnes in de plasmamembraan
- Cel-cel interactie: reïnnervatie van gedenerveerde spieren
Intercellulaire verbindingen
Prominent in epitheel (ook aanwezig in andere weefsels)
Intercellulaire adhesie door transmembranaire glycoproteïnen (cadherins)
Laterale specialisaties: intercellulaire verbindingen
Functies:
- Cohesie
- Communicatie
- Adhesie
- Afdichting (transportverhindering via intercellulaire ruimte)
Tight junction of zonula occludens
Zorgen voor verhindering van het aantal passages door
compartementalisatie
- Afsluitingsband rond de hele cel
weefselleer
3. Epitheelweefsel
= dicht aaneengesloten veelhoekige cellen => heel weinig extracellulaire
matrix
Functies:
- Bedekken + afgrenzen (bv. Huid) = transport stoppen
- Absorptie (darmepitheel)
- Secretie (klieren
- Gevoel (neuroepithelium)
- Contractie (myoepitheliale cellen)
Grenzen:
- Interne oppervlaktes
- Externe oppervlaktes
- Opname/afscheiding steeds voorbij epitheliale membranen (je
bent niet binnen als je geen epitheel passeert)
Vormen:
- Cilindrisch, kubisch of plaveisel
- Polyhedrisch (ifv de beschikbare ruimte)
- Bolvormig tot plat (de as van de kern ligt meestal parallel met de
as van de cellen)
- Verschillende lagen (afhankelijk van de functie)
Lamina basalis
= Grens met bindweefsel of tussen epitheliale lagen
Extra cellulaire structuur:
- Epitheelweefsel cellen in contact met bindweefsel via collageen
- Basale oppervlakten in contact met elkaar
Netwerken van fibrillen (collageen, glycoproteïnen, proteoglycanen)
Aanhechting aan het onderliggende bindweefsel door
verankeringsvezels (=collageen)
Voorkomen:
, - In contact met bindweefsel: spiercellen, vetcellen, Schwanncellen
- In contact met andere epitheliale lagen: long alveoli, renale
glomerus
Aangemaakt door de basale cellen
Ronde bolletjes zichtbaar: microtubuli of collageen vezels
- Microtubuli: intracellulair
- Collageen: extracellulair (te groot om intra geproduceerd te
worden)
Functies:
- Structureel
- Barrière
- Hechting
- Filterfunctie
- Regulerende functie (celdelingsactiviteit & differentiatie)
- Celpolariteit
- Celproliferatie
- Organisatie van proteïnes in de plasmamembraan
- Cel-cel interactie: reïnnervatie van gedenerveerde spieren
Intercellulaire verbindingen
Prominent in epitheel (ook aanwezig in andere weefsels)
Intercellulaire adhesie door transmembranaire glycoproteïnen (cadherins)
Laterale specialisaties: intercellulaire verbindingen
Functies:
- Cohesie
- Communicatie
- Adhesie
- Afdichting (transportverhindering via intercellulaire ruimte)
Tight junction of zonula occludens
Zorgen voor verhindering van het aantal passages door
compartementalisatie
- Afsluitingsband rond de hele cel