ALGEMENE PATHOLOGISCHE
ONTLEEDKUNDE (PROF. SCIOT)
= pathologische anatomie = anatomopathologie = pathologie
Examen:
- 15% vd punten
- 2 open vragen
o 1) Klinische beschrijving van een casus --> betekenis van termen geven in die context
o 2) Begrip uitleggen
INLEIDING
- Metaplasie
o = een cel wordt een andere cel
§ Therapeutisch perspectief?
• In vivo testing bezig
- Netrine en semaforine
o = chemotrope stoffen --> weg wijzen aan groeiconus van axon
§ N: aantrekken; S: afstoten
o Spelen ook een rol bij verschillende soorten van inflammatie (acuut en chronisch)
§ --> relatie tussen neurowetenschappen en algemene pathologie
• Vb. inflammatie in moeder kan effect hebben op ontwikkelend brein van
baby
- Amyloidose
o Zeldzaam
o = pt die achteruitgaat om onbekende redenen
o = eiwitstapelingsziekte die ontstaat uit voorstadium van beenmergkanker
- Tumoren
o Kankercellen veranderen constant (epi)genetisch --> altijd een kloon die verder zal groeien
§ = vorm van metaplasie
• Vb. kankercellen van epitheelorigine zullen omvormen tot epiblast om te
kunnen metastaseren = epitheliale mesenchymale transitie
o Kankercellen laten signaalmoleculen los
§ --> IS aanpakken --> kankercellen minder aantasten
o Luchtverontreiniging --> meer longkanker
§ > inflammatoire omgeving in long
• --> facilitatie kankergroei
• --> inflammatie ≠ altijd helpend
o Neutrofielen: dubbele rol
§ Tumorgroei faciliteren/tegengaan
o Kanker-geassocieerde fibroblast
§ Sommige fibroblasten helpen kankercellen, andere niet
o Macrofaag
§ Speelt ook belangrijke rol in ontwikkeling van tumoren
1
, - Definitie pathologie
o Bestuderen & diagnosticeren van ziekte obv morfologische/genetische
kenmerken
- Definitie algemene pathologie
o Gemeenschappelijke basisprincipes van zieke weefsels
o + bijkomend ook speciale ∆ bekijken
- Metafoor: boom van de Geneeskunde
o Wortel
§ Onzichtbaar
§ Basisvakken in gnk
o Stam
§ Tussenin
§ Algemene pathologie
o Bladeren
§ Klinische geneeskunde
- Impact van pathologische anatomie op gnk ↑↑↑ vanaf 19e E
o » Kwaliteit vd gnk
§ --> zieke pt moet je holistisch benaderen, niet alleen specialistisch
o Pas vanaf 1850
§ > religieuze beperkingen
§ > technische beperkingen
§ > te beperkt inzicht in bouw en functie van normaal menselijk lichaam
§ > geen inzicht in elementaire eenheid vd gnk
HOE TOT DIAGNOSE KOMEN?
= KIJKEN
- > 95% vd diagnoses die gesteld worden zijn gebaseerd op morfologisch onderzoek,
aangevuld met moleculair onderzoek
- Kijken naar wat en hoe?
o Autopsie (# ↓) & macroscopisch onderzoek
§ Orgaan
§ Lichaam
o Microscopisch onderzoek (# ↓)
§ Weefsel
§ Cel
o Ultrastructureel onderzoek – moleculaire technieken
§ Cel
§ Chromosomen, genen
2
, H1: ZIEKTE EN DIAGNOSE
1.1 WAT IS EEN ZIEKTE? WAT IS EEN DIAGNOSE? ROL VAN HISTOPATHOLOGIE
Ziekte = suboptimaal functioneren
Diagnosticeren = proces: interpreteren van klacht van pt --> identificatie van ziekte
Diagnose = eindpunt vd zoektocht naar wat er scheelt; benoemen van ziekte
--> pathologisch onderzoek cruciaal bij diagnosticeren ó # beperkingen:
- Niet alle ziekten hebben morfologische uitdrukkingsvormen
o Vb. diabetescoma, HR-stoornissen
- Morfologische uitdrukkingsvorm ≠ specifieke diagnose
o Vb. infiltratie van lymfocyten in synovium zowel bij RA als andere aandoeningen
- Probleem van representativiteit
o Weefsel moet op juiste plaats genomen w
§ Vb. naaldbiopsie in groot sarcoom ó sarcomen kunnen zeer heterogeen beeld
vertonen
- Niet alle letsels in gepreleveerd weefsel w gevonden
o Biopsies w alsmaar kleiner
o Niet gehele orgaan w onderzocht (kan wel indien nodig)
- Te vroeg onderzoek
o --> letsel in prediagnostisch stadium
o Vb. bepaalde beeldvormingstechnieken (NMR) in staat om vroegtijdig hersenletsel te
detecteren zonder duidelijk histopathologisch substraat
1.2 DOELSTELLINGEN VH MORFOLOGISCH ONDERZOEK
= hoeksteen van diagnose
--> Doel:
- Tumor? Ontsteking? Ander proces aanwezig?
- Igg tumor
o Benigne/maligne?
o Type?
o Graad van differentiatie?
§ --> R/ en prognose
o Stadium van uitbreiding?
§ --> naR/ en prognose
- Geen tumor
o Etiologie?
o Infectie?
o Metabole aandoening?
o Graad van beschadiging: (ir)reversibel?
3
, 1.3 METHODES IN DE PATHOLOGIE
1.3.1 CYTOPATHOLOGIE
- Hoe?
o Afschrapen van mucosa
o Aspiratie dmv fijne naald
- Idee
o Afwijkende kenmerken van cytoplasma en kernen die deel uitmaken van tumoren
- (+) snel, weinig ingrijpend
- (-) sampling error
o Staal op foutieve plaats genomen
- (-) technische problemen
o Slecht gefixeerd/bewerkt staal
o Vb. uitgedroogd
- (-) interpretatieproblemen
o Betrouwbaar indien door ervaren cytoloog
o Niet opmerken van kenmerkende cellen
1.3.2 HISTOPATHOLOGIE
= gouden standaard!
- Weefsel
o > diagnostische ingreep
o > biopsietang/naald
o > resectie van 1/meer (delen van) organen
- Paraffinecoupes
o Vaak onvoldoende
o Preparaten kunnen bekeken worden onder microscoop na kleuring
§ Standaard: H&E
§ Histochemisch
§ Immuunhistochemisch
- Vriescoupes
o Mindere kwaliteit dan paraffine
o Peroperatief
§ Vb. gedurende operatie: sectievlak moet onderzocht worden om te zien of er
voldoende weggesneden is
- Histochemie
o Visualiseren van weefselcomponenten obv hun chemische eigenschappen
- Immunohistochemie
o Visulealiseren van weefselcomponenten dmv hun antigene kenmerken
o As koppelen aan fluorescerende substantie
- Enzymhistochemie
o Indien reactieproducten onoplosbaar zijn en zichtbaar kunnen gemaakt worden
§ Vb. spierziekten
o Alleen op ingevroren materiaal
4
ONTLEEDKUNDE (PROF. SCIOT)
= pathologische anatomie = anatomopathologie = pathologie
Examen:
- 15% vd punten
- 2 open vragen
o 1) Klinische beschrijving van een casus --> betekenis van termen geven in die context
o 2) Begrip uitleggen
INLEIDING
- Metaplasie
o = een cel wordt een andere cel
§ Therapeutisch perspectief?
• In vivo testing bezig
- Netrine en semaforine
o = chemotrope stoffen --> weg wijzen aan groeiconus van axon
§ N: aantrekken; S: afstoten
o Spelen ook een rol bij verschillende soorten van inflammatie (acuut en chronisch)
§ --> relatie tussen neurowetenschappen en algemene pathologie
• Vb. inflammatie in moeder kan effect hebben op ontwikkelend brein van
baby
- Amyloidose
o Zeldzaam
o = pt die achteruitgaat om onbekende redenen
o = eiwitstapelingsziekte die ontstaat uit voorstadium van beenmergkanker
- Tumoren
o Kankercellen veranderen constant (epi)genetisch --> altijd een kloon die verder zal groeien
§ = vorm van metaplasie
• Vb. kankercellen van epitheelorigine zullen omvormen tot epiblast om te
kunnen metastaseren = epitheliale mesenchymale transitie
o Kankercellen laten signaalmoleculen los
§ --> IS aanpakken --> kankercellen minder aantasten
o Luchtverontreiniging --> meer longkanker
§ > inflammatoire omgeving in long
• --> facilitatie kankergroei
• --> inflammatie ≠ altijd helpend
o Neutrofielen: dubbele rol
§ Tumorgroei faciliteren/tegengaan
o Kanker-geassocieerde fibroblast
§ Sommige fibroblasten helpen kankercellen, andere niet
o Macrofaag
§ Speelt ook belangrijke rol in ontwikkeling van tumoren
1
, - Definitie pathologie
o Bestuderen & diagnosticeren van ziekte obv morfologische/genetische
kenmerken
- Definitie algemene pathologie
o Gemeenschappelijke basisprincipes van zieke weefsels
o + bijkomend ook speciale ∆ bekijken
- Metafoor: boom van de Geneeskunde
o Wortel
§ Onzichtbaar
§ Basisvakken in gnk
o Stam
§ Tussenin
§ Algemene pathologie
o Bladeren
§ Klinische geneeskunde
- Impact van pathologische anatomie op gnk ↑↑↑ vanaf 19e E
o » Kwaliteit vd gnk
§ --> zieke pt moet je holistisch benaderen, niet alleen specialistisch
o Pas vanaf 1850
§ > religieuze beperkingen
§ > technische beperkingen
§ > te beperkt inzicht in bouw en functie van normaal menselijk lichaam
§ > geen inzicht in elementaire eenheid vd gnk
HOE TOT DIAGNOSE KOMEN?
= KIJKEN
- > 95% vd diagnoses die gesteld worden zijn gebaseerd op morfologisch onderzoek,
aangevuld met moleculair onderzoek
- Kijken naar wat en hoe?
o Autopsie (# ↓) & macroscopisch onderzoek
§ Orgaan
§ Lichaam
o Microscopisch onderzoek (# ↓)
§ Weefsel
§ Cel
o Ultrastructureel onderzoek – moleculaire technieken
§ Cel
§ Chromosomen, genen
2
, H1: ZIEKTE EN DIAGNOSE
1.1 WAT IS EEN ZIEKTE? WAT IS EEN DIAGNOSE? ROL VAN HISTOPATHOLOGIE
Ziekte = suboptimaal functioneren
Diagnosticeren = proces: interpreteren van klacht van pt --> identificatie van ziekte
Diagnose = eindpunt vd zoektocht naar wat er scheelt; benoemen van ziekte
--> pathologisch onderzoek cruciaal bij diagnosticeren ó # beperkingen:
- Niet alle ziekten hebben morfologische uitdrukkingsvormen
o Vb. diabetescoma, HR-stoornissen
- Morfologische uitdrukkingsvorm ≠ specifieke diagnose
o Vb. infiltratie van lymfocyten in synovium zowel bij RA als andere aandoeningen
- Probleem van representativiteit
o Weefsel moet op juiste plaats genomen w
§ Vb. naaldbiopsie in groot sarcoom ó sarcomen kunnen zeer heterogeen beeld
vertonen
- Niet alle letsels in gepreleveerd weefsel w gevonden
o Biopsies w alsmaar kleiner
o Niet gehele orgaan w onderzocht (kan wel indien nodig)
- Te vroeg onderzoek
o --> letsel in prediagnostisch stadium
o Vb. bepaalde beeldvormingstechnieken (NMR) in staat om vroegtijdig hersenletsel te
detecteren zonder duidelijk histopathologisch substraat
1.2 DOELSTELLINGEN VH MORFOLOGISCH ONDERZOEK
= hoeksteen van diagnose
--> Doel:
- Tumor? Ontsteking? Ander proces aanwezig?
- Igg tumor
o Benigne/maligne?
o Type?
o Graad van differentiatie?
§ --> R/ en prognose
o Stadium van uitbreiding?
§ --> naR/ en prognose
- Geen tumor
o Etiologie?
o Infectie?
o Metabole aandoening?
o Graad van beschadiging: (ir)reversibel?
3
, 1.3 METHODES IN DE PATHOLOGIE
1.3.1 CYTOPATHOLOGIE
- Hoe?
o Afschrapen van mucosa
o Aspiratie dmv fijne naald
- Idee
o Afwijkende kenmerken van cytoplasma en kernen die deel uitmaken van tumoren
- (+) snel, weinig ingrijpend
- (-) sampling error
o Staal op foutieve plaats genomen
- (-) technische problemen
o Slecht gefixeerd/bewerkt staal
o Vb. uitgedroogd
- (-) interpretatieproblemen
o Betrouwbaar indien door ervaren cytoloog
o Niet opmerken van kenmerkende cellen
1.3.2 HISTOPATHOLOGIE
= gouden standaard!
- Weefsel
o > diagnostische ingreep
o > biopsietang/naald
o > resectie van 1/meer (delen van) organen
- Paraffinecoupes
o Vaak onvoldoende
o Preparaten kunnen bekeken worden onder microscoop na kleuring
§ Standaard: H&E
§ Histochemisch
§ Immuunhistochemisch
- Vriescoupes
o Mindere kwaliteit dan paraffine
o Peroperatief
§ Vb. gedurende operatie: sectievlak moet onderzocht worden om te zien of er
voldoende weggesneden is
- Histochemie
o Visualiseren van weefselcomponenten obv hun chemische eigenschappen
- Immunohistochemie
o Visulealiseren van weefselcomponenten dmv hun antigene kenmerken
o As koppelen aan fluorescerende substantie
- Enzymhistochemie
o Indien reactieproducten onoplosbaar zijn en zichtbaar kunnen gemaakt worden
§ Vb. spierziekten
o Alleen op ingevroren materiaal
4