Bouwkunde
Hoofdstuk 1.5
Bouwbesluit
Voor 1 april 2012 waren de bouwvoorschriften verbrokkeld opgenomen in
allerlei regelingen:
- Het bouwbesluit 2003, de daarbij behorende ministeriële regeling,
het Gebruiksbesluit, het Besluit aanvullende regels veiligheid
wegtunnels (Barvw)
- 418 gemeentelijke bouwverordeningen
Deze regelingen hadden elk hun eigen systematiek, begrippen en
begripsomschrijvingen. In het bouwbesluit 2012 zijn al deze voorschriften
op elkaar afgestemd en opgenomen in 1 algemene maatregel van bestuur
en een daarbij behorende ministeriële regeling.
De grootste verandering in het bouwbesluit 2012 ten opzichte van 2003 is
dat er nu 1 set technische voorschriften is voor het (ver)bouwen,
gebruiken en slopen van gebouwen en ander bouwwerken.
De juridische basis voor het Bouwbesluit is artikel 2 van de Woningwet.
Het bouwbesluit gevat 5 pijlers:
- Het realiseren van veilige, gezonde, bruikbare, energiezuinige en
voor het milieu zo min mogelijk belastende gebouwen
Het bouwbesluit is vooral bedoeld voor huurders en eigenaren van
gebouwen en deskundige zoals architecten, installateurs, makelaars en
projectontwikkelaars, aannemers en brandweer. Het bevat
bouwtechnische voorschriften voor het bouwen en in stand houden van
alle bouwwerken, zoals woningen, kantoren en winkels. In alle gevallen
moet Nederland minimaal aan deze eisen voldoen.
Een woonhuis uit 1920 moest aan andere eisen voldoen dan een modern
huis, maakt het bouwbesluit in een aantal gevallen onderscheid in
voorschriften voor nieuwbouw en bestaande bouw. De eisen die worden
gesteld, zijn afhankelijk van de gebruiksfunctie van dat bouwwerk. Per eis
wordt eerst een functioneel voorschrift gegeven. Bij verschillende
prestatie-eisen voor de verschillende gebruiksfuncties wordt
gebruikgemaakt van een aansturingstabel. De aansturingstabel geeft aan
welk voorschrift van de betreffende paragraaf op welke gebruiksfunctie
van toepassing is.
Hoofdstuk 1.5
Bouwbesluit
Voor 1 april 2012 waren de bouwvoorschriften verbrokkeld opgenomen in
allerlei regelingen:
- Het bouwbesluit 2003, de daarbij behorende ministeriële regeling,
het Gebruiksbesluit, het Besluit aanvullende regels veiligheid
wegtunnels (Barvw)
- 418 gemeentelijke bouwverordeningen
Deze regelingen hadden elk hun eigen systematiek, begrippen en
begripsomschrijvingen. In het bouwbesluit 2012 zijn al deze voorschriften
op elkaar afgestemd en opgenomen in 1 algemene maatregel van bestuur
en een daarbij behorende ministeriële regeling.
De grootste verandering in het bouwbesluit 2012 ten opzichte van 2003 is
dat er nu 1 set technische voorschriften is voor het (ver)bouwen,
gebruiken en slopen van gebouwen en ander bouwwerken.
De juridische basis voor het Bouwbesluit is artikel 2 van de Woningwet.
Het bouwbesluit gevat 5 pijlers:
- Het realiseren van veilige, gezonde, bruikbare, energiezuinige en
voor het milieu zo min mogelijk belastende gebouwen
Het bouwbesluit is vooral bedoeld voor huurders en eigenaren van
gebouwen en deskundige zoals architecten, installateurs, makelaars en
projectontwikkelaars, aannemers en brandweer. Het bevat
bouwtechnische voorschriften voor het bouwen en in stand houden van
alle bouwwerken, zoals woningen, kantoren en winkels. In alle gevallen
moet Nederland minimaal aan deze eisen voldoen.
Een woonhuis uit 1920 moest aan andere eisen voldoen dan een modern
huis, maakt het bouwbesluit in een aantal gevallen onderscheid in
voorschriften voor nieuwbouw en bestaande bouw. De eisen die worden
gesteld, zijn afhankelijk van de gebruiksfunctie van dat bouwwerk. Per eis
wordt eerst een functioneel voorschrift gegeven. Bij verschillende
prestatie-eisen voor de verschillende gebruiksfuncties wordt
gebruikgemaakt van een aansturingstabel. De aansturingstabel geeft aan
welk voorschrift van de betreffende paragraaf op welke gebruiksfunctie
van toepassing is.