Thema 4: Genetica
Samen werken, samen leren, samen leven
,Cellen
THEMA 5 Genetica
• Basisstof 1: Genen, geluk en psychosen
• Basisstof 2: Fenotype, genotype en epigenetica
• Basisstof 3: Genenparen
• Basisstof 4: Monohybride kruisingen
• Basisstof 5: Geslachtschromosomen
• Basisstof 6: Dihybride kruisingen
• Basisstof 7: Speciale manieren van overerving
• Basisstof 8: Moleculaire genetica
• Basisstof 9: Mutaties
,Genen, geluk en psychosen
In de celkern komen chromosomen voor. In deze
chromosomen bevindt zich de informatie voor
erfelijke eigenschappen.
Van een man of van een vrouw?
Chromosoomportret of karyogram
, Geslachtschromosomen
• De eerste 22 paar chromosomen worden
autosomen genoemd. De overgebleven twee
chromosomen zijn bij een man niet gelijk aan
elkaar
• Vrouw: XX Man: XY
Met dit
chromosomenpaar kan
het geslacht van een
individu worden bepaald
geslachtschromosome
n
Karyogram van een man
,Chromosomen
In de celkern van elke
cel
46 chromosomen bij
de mens in
lichaamscellen.
Altijd in paren van
twee in lichaamscellen
(2n = diploid)
In geslachtscellen 23
chromosomen, niet in
paren (n = haploid)
, Fenotype en genotype
Een gen, ook wel een erffactor genoemd deze bevat
de informatie voor een erfelijke eigenschap.
Genotype: de verzameling aan genen in een cel.
Fenotype: alle uiterlijke waarneembare kenmerken
van een individu. Het fenotype wordt bepaald door
het genotype en door milieufactoren.