GESPREKSVAARDIGHEID
Blok 1.3 – Onderste Extremiteit
, Communicatieve vaardigheden
Manier van informatie verzamelen
▪ Inleiden met afwisselend open en gesloten vragen, doorvragen en samenvatten.
▪ De student leeft zich in middels doorvragen, parafraseren en het geven van
gevoelsreflecties (erkenning en aandacht).
▪ Benadering afstemmen op de patiënt (taalgebruik, leeftijd, culturele achtergrond,
scholing, ziekteperceptie).
Professionele houding
▪ Voldoende oogcontact houden en actieve luisterhouding.
▪ Veiligheid en comfort bieden voor de patiënt.
▪ Houdt professionele afstand ten opzichte van de patiënt.
Gesprekstechnieken
▪ Doorvragen: om een goede inschatting te maken van de cliënt en zijn probleem is
doorvragen een techniek. Je kunt doorvragen in de diepte, door in te gaan op wat de
patiënt zojuist gezegd heeft. Je kunt daarnaast doorvragen in de breedte, door als
fysiotherapeut een ander aspect aan de aandacht te brengen.
▪ Suggestieve vraag: dit is een type vraag waarmee je het antwoord stuurt. Het is
eigenlijk geen vraag, maar een verkapte mening. Bijvoorbeeld: “Vind jij ook niet dat er
een rookverbod in de kantine moet komen?”.
▪ Directe versus niet directe aanpak: met directe vragen ga je direct op je doel af. Dit
zijn meestal gesloten vragen. Met een niet directe aanpak ga je niet direct op je doel
af. Bijvoorbeeld: “Welke leuke kanten heeft uw werk?”.
Gespreksvaardigheden
Het beginnen van het consult
Je begint het consult door de patiënt een hand te geven en jezelf voor te stellen:
“Goedemorgen/middag/avond. Ik ben (naam) en ik ben Fysiotherapeut in opleiding.”
Om het consult op gang te krijgen begin je met een ijsbreker: “Wat fijn dat u er bent. Kon u
het makkelijk vinden?”. Je kunt hierop verder gaan door: “Ik heb kort gelezen waar u last van
heeft. Is er iets gebeurt waardoor u vandaag dacht: en nu moet ik naar de fysiotherapeut?”
Vervolgens leg je de gang van zaken uit (agendering). “Ik ga u zo dadelijk een aantal vragen
stellen om te kijken of u bij mij op de juiste plaats bent, of dat ik u moet terugverwijzen naar
de huisarts. Als dit niet het geval is, zal ik meer inhoudelijk met u ingaan op uw klacht.
Eventueel volgt er hierna een lichamelijk onderzoek. Gaat u hiermee akkoord?
Informatie inwinnen
Voorafgaand aan het consult weet je of de patiënt via Direct Toegankelijke Fysiotherapie bij
jou komt of niet. Als de patiënt een verwijzing heeft van de huisarts hoef je geen screening
uit te voeren. Als de patiënt geen verwijzing heeft voer je wél een screening uit. Hierbij geef
je dan een terugkoppeling aan de patiënt.
Om informatie van de patiënt te krijgen kun je gebruik maken van het SCEGS-model. Dit
model gaat niet alleen in op de klachten (somatische) van de patiënt, maar ook op het
cognitieve, emotionele, gedragsmatige en sociale deel van de klacht.
SCEGS-model
Somatisch ▪ Kunt u mij iets vertellen over uw klachten?
▪ Hoe lang heeft u al last van de klachten?
▪ Zijn uw klachten in de tijd toegenomen, gelijk gebleven of
afgenomen?