7.4 lokaal bestuur en decentralisaties
Inhoud
- Van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving
- De rol van het lokaal/decentraal bestuur
Actoren
decentralisatie
- De betekenis van decentralisaties ‘in de praktijk…’
Verdieping groepen met een achterstand in de samenleving
- Wie heeft het voor het zeggen
- Vragen en discussie
Van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving
Verzorgingsstaat:
- er wordt voor je (iedereen) gezorgd door de overheid;
- werkt op basis van solidariteit en wederkerigheid (ik betaal nu, maar als ik ziek wordt betaald een
ander ook voor mij);
- bied toegankelijkheid/betaalbaarheid/kwaliteit als collectief doel.
- gefinancierd dmv verzkeringen/belastingen/eigen betalingen
De betaalbaarheid van de verzorgingsstaat staat echter onder druk; eind jaren ’60 al discussie,
kunnen we het wel bekostigen of moeten mensen meer zelf doen.
langzaam meer participatie: zelfhulp/vrijwilligerswerk/kleinschaligheid/decentralisatie van
bestuur
Betaalbaarheid onder druk solidariteit onder druk.
hoe houden we de solidariteit in stand? (participatiesamenleving?)
De rol van het lokaal/decentraal bestuur
wie/hoe geven we vorm aan de participatiesamenleving?
Burgermeester; verantwoordelijk voor de orde en veiligheid van een stad; benoemd door koning in
voordracht van de minister van binnenlandse zaken;
Wethouders; voeren bedacht beleid uit aantal wethouders afhankelijk van grootte gemeente, hebben
sectoren in portefeuille (kleinere gemeente, meer sectoren in portefeuilles per wethouder); voeren
bedacht beleid uit.
vroeger in dienst v/d stad, nu politieke profilering; is er geld over uit portefeuilles, inzetten binnen
portefeuilles om mensen te triggeren op hun partij te stemmen.
College van burgermeester en wethouders; bedenken voorstellen (ook in coalitie progamma);
uitvoeren van beleid
- Besturen de gemeente; voeren de besluiten van de gemeenteraad uit/ voeren de wetten en
regelingen van het rijk en de provincie uit.
- Verantwoordelijk voor de Wmo/Wwb (Wet werk en bijstand)/Wm (Wet milieubeheer).
- Verantwoordelijk voor de financiën van de gemeente en de organisatie.
De gemeenteraad; gekozen door het volk (volksvertegenwoordigers); controleren (uitvoering beleid)
B&W; nomineren en kiezen wethouders:
, - Bepaald het beleid v/d gemeente (verkeer/milieu/gezondheidszorg/cultuur/sport).
- Raadsleden controleren het college van burgermeester en wethouders; recht om onderzoek
te doen naar… (uitvoering beleid door wethouders)-> wethouders kunnen zichzelf niet
controleren (trias politca), dus niet in GR en in cB&W.
- Taken terug te vinden in de gemeentewet
- Begroting/jaarverslag
- Verordeningen (algemene regels) voor de inwoners v/d gemeente
Ambtelijk apparaat; onafhankelijk en ter ondersteuning van GR of cB&W
vroeger publieke organisatie (denk aan ov), niet efficiënt, vandaar nu in belang van kostenbeheersing private/ semi-private
organisaties.
- Beleid voorbereiden en uitvoeren (cB&W) hoe komt dit terug op tentamen?
- Beleid opstellen en uitvoeren (GR)-> griffie Casus; wat is de rol van de ambtenaar/wethouder?
- Niet aan beide tegelijkertijd, want
onafhankelijk
Gemeentesecretaris; laag tussen ambtelijk apparaat en wethouders (directeur ambtelijk apparaat
zou verantwoording moeten afleggen aan gemeentesecretaris)
De burger/ bedrijven/ samenleving:
- Kiezer: 1x in de 4 jaar kies je beleid
- Coproducent: meepraten over beleid; speeltuintjes in de wijk ed.
- Burger: je bent afhankelijk van de voorzieningen verschaft door de gemeente
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
De verandering van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving betekent, een grotere rol
voor de gemeenten/eigen verantwoordelijkheid van burgers/organisatie van voorzieningen zijn
dichtbij.
met als doel: bezuinigingen/ verandering in ordening en verantwoordelijkheden tussen de actoren.
Deze herziening houdt een lokale plicht in:
Wmo(dagbesteding/thuishulp/huishoudelijke hulp)/Jeugdwet(jeugdzorg)/Participatiewet(ondersteuning mensen
met arbeidsbeperkingen)
De decentralisatie begon met wetten zoals:
Welzijnswet/Onderwijswetgeving/Wet Werk en Bijstand/ de eerste Wmo
Decentralisatie zou moeten leiden tot discretionaire ruimte/integraal werken/zorg dichterbij.
- Discretionaire ruimte; meer ruimte om een patiënt passende ondersteuning te geven (zorg op
maat)/ meer ruimte voor innovatie
- Integraal werken; meer samenwerking tussen verscheidene domeinen(->
gezondheid-schulden/eenzaamheid-schulden)
- Zorg dichtbij; door bekendheid delen mensen eerder hun verhaal (maatwerk/laagdrempeligheid)
- verder: zelfredzaamheid bevorderen/ meer inzet preventie en algemene voorzieningen
Men heeft echter zo zijn zorgen mbt decentralisatie:
- Er zijn grenzen aan eigen netwerk (denk aan ouderen die pas na 3 weken gevonden worden)
- Toegang tot zorg onduidelijk; waar vind ik zorg/ zijn mensen gespecialiseerd genoeg of juist te
Inhoud
- Van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving
- De rol van het lokaal/decentraal bestuur
Actoren
decentralisatie
- De betekenis van decentralisaties ‘in de praktijk…’
Verdieping groepen met een achterstand in de samenleving
- Wie heeft het voor het zeggen
- Vragen en discussie
Van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving
Verzorgingsstaat:
- er wordt voor je (iedereen) gezorgd door de overheid;
- werkt op basis van solidariteit en wederkerigheid (ik betaal nu, maar als ik ziek wordt betaald een
ander ook voor mij);
- bied toegankelijkheid/betaalbaarheid/kwaliteit als collectief doel.
- gefinancierd dmv verzkeringen/belastingen/eigen betalingen
De betaalbaarheid van de verzorgingsstaat staat echter onder druk; eind jaren ’60 al discussie,
kunnen we het wel bekostigen of moeten mensen meer zelf doen.
langzaam meer participatie: zelfhulp/vrijwilligerswerk/kleinschaligheid/decentralisatie van
bestuur
Betaalbaarheid onder druk solidariteit onder druk.
hoe houden we de solidariteit in stand? (participatiesamenleving?)
De rol van het lokaal/decentraal bestuur
wie/hoe geven we vorm aan de participatiesamenleving?
Burgermeester; verantwoordelijk voor de orde en veiligheid van een stad; benoemd door koning in
voordracht van de minister van binnenlandse zaken;
Wethouders; voeren bedacht beleid uit aantal wethouders afhankelijk van grootte gemeente, hebben
sectoren in portefeuille (kleinere gemeente, meer sectoren in portefeuilles per wethouder); voeren
bedacht beleid uit.
vroeger in dienst v/d stad, nu politieke profilering; is er geld over uit portefeuilles, inzetten binnen
portefeuilles om mensen te triggeren op hun partij te stemmen.
College van burgermeester en wethouders; bedenken voorstellen (ook in coalitie progamma);
uitvoeren van beleid
- Besturen de gemeente; voeren de besluiten van de gemeenteraad uit/ voeren de wetten en
regelingen van het rijk en de provincie uit.
- Verantwoordelijk voor de Wmo/Wwb (Wet werk en bijstand)/Wm (Wet milieubeheer).
- Verantwoordelijk voor de financiën van de gemeente en de organisatie.
De gemeenteraad; gekozen door het volk (volksvertegenwoordigers); controleren (uitvoering beleid)
B&W; nomineren en kiezen wethouders:
, - Bepaald het beleid v/d gemeente (verkeer/milieu/gezondheidszorg/cultuur/sport).
- Raadsleden controleren het college van burgermeester en wethouders; recht om onderzoek
te doen naar… (uitvoering beleid door wethouders)-> wethouders kunnen zichzelf niet
controleren (trias politca), dus niet in GR en in cB&W.
- Taken terug te vinden in de gemeentewet
- Begroting/jaarverslag
- Verordeningen (algemene regels) voor de inwoners v/d gemeente
Ambtelijk apparaat; onafhankelijk en ter ondersteuning van GR of cB&W
vroeger publieke organisatie (denk aan ov), niet efficiënt, vandaar nu in belang van kostenbeheersing private/ semi-private
organisaties.
- Beleid voorbereiden en uitvoeren (cB&W) hoe komt dit terug op tentamen?
- Beleid opstellen en uitvoeren (GR)-> griffie Casus; wat is de rol van de ambtenaar/wethouder?
- Niet aan beide tegelijkertijd, want
onafhankelijk
Gemeentesecretaris; laag tussen ambtelijk apparaat en wethouders (directeur ambtelijk apparaat
zou verantwoording moeten afleggen aan gemeentesecretaris)
De burger/ bedrijven/ samenleving:
- Kiezer: 1x in de 4 jaar kies je beleid
- Coproducent: meepraten over beleid; speeltuintjes in de wijk ed.
- Burger: je bent afhankelijk van de voorzieningen verschaft door de gemeente
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
De verandering van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving betekent, een grotere rol
voor de gemeenten/eigen verantwoordelijkheid van burgers/organisatie van voorzieningen zijn
dichtbij.
met als doel: bezuinigingen/ verandering in ordening en verantwoordelijkheden tussen de actoren.
Deze herziening houdt een lokale plicht in:
Wmo(dagbesteding/thuishulp/huishoudelijke hulp)/Jeugdwet(jeugdzorg)/Participatiewet(ondersteuning mensen
met arbeidsbeperkingen)
De decentralisatie begon met wetten zoals:
Welzijnswet/Onderwijswetgeving/Wet Werk en Bijstand/ de eerste Wmo
Decentralisatie zou moeten leiden tot discretionaire ruimte/integraal werken/zorg dichterbij.
- Discretionaire ruimte; meer ruimte om een patiënt passende ondersteuning te geven (zorg op
maat)/ meer ruimte voor innovatie
- Integraal werken; meer samenwerking tussen verscheidene domeinen(->
gezondheid-schulden/eenzaamheid-schulden)
- Zorg dichtbij; door bekendheid delen mensen eerder hun verhaal (maatwerk/laagdrempeligheid)
- verder: zelfredzaamheid bevorderen/ meer inzet preventie en algemene voorzieningen
Men heeft echter zo zijn zorgen mbt decentralisatie:
- Er zijn grenzen aan eigen netwerk (denk aan ouderen die pas na 3 weken gevonden worden)
- Toegang tot zorg onduidelijk; waar vind ik zorg/ zijn mensen gespecialiseerd genoeg of juist te