1. Het begrip katalysator / enzym
Experiment:
Waterstofperoxide ( zuurstofwater ) is een onstabiele stof. Ze ontbindt spontaan volgens de reactie: 2 H2O2 → 2H2O + O2
Zuurstofwater wordt bewaard in een bruin flesje, omdat licht anders de reactie stimuleert.
Wanneer we een klein beetje MnO2 toevoegen versnelt het proces.
Mangaandioxide is in deze reactie een katalysator die de snelheid van de chemische reactie beïnvloedt.
Ook levende cellen bevatten katalysatoren die er voor zorgen dat de chemische reacties in ons lichaam sneller doorgaan
= biokatalysatoren of enzymen
Experiment:
Een aardappel begint te bruisen wanneer je waterstofperoxide toevoegt, omdat een aardappel een biokatalysator bezit.
Het enzym dat hier werkzaam is, noemen we peroxidase of katalase.
De werking van een enzym of katalysator:
Om chemische reacties in het lichaam te laten doorgaan moeten de betrokken moleculen geactiveerd worden. Door het
toevoegen van een katalysator zal de activeringsenergie die nodig is voor de chemische reactie lager zijn dan wanneer je
geen katalysator gebruikt. De katalysator zal er dus voor zorgen dat de chemische reactie veel vlotter zal kunnen doorgaan.
+ tekeningen pagina 3
2. Bouw en werking van enzymen
Bij een afbraakreactie noemen we de stof die wordt bewerkt het substraat. Het enzym klikt even vast op het substraat zodat
er een onstabiel complex ontstaat ( de activeringsenergie voor een verdere reactie is nu lager ). Omdat dit complex onstabiel
is grijpt er een chemische reactie plaats waarbij het substraat uiteenvalt in kleinere eindproducten.
1 = het actief centrum 2 = het substraat
Enzym + substraat → ( onstabiel ) enzym substraatcomplex → enzym + product
Het kan ook zijn dat er door de complexvorming kleinere substraatmoleculen aan elkaar worden gebonden tot
grotere eindproducten = opbouw reactie