Fractuurleer
De student kan de orthopedie beschrijven en verklaren van fracturen (algemene aspecten).
Fractuur: onderbreking van de structuur en continuïteit van een bot
- Gaat vaak gepaard met weke delen schade of schade aan het gewricht
- Classificatie op basis van:
o Locatie in het bot:
▪ Intra-articulair: breuk loopt door tot in het gewricht
▪ Meta- en epifysair: breuk in het uiteinde van het bot
▪ Diafysair: breuk in de schacht van het bot
o Open/gesloten:
▪ Open: bot steekt door de huid heen
• Classificatie van Gustilo:
o Type 1: laagenergetisch trauma met weinig weke delen
letsel
o Type 2: gemiddeld trauma met een schone wond van
maximaal 1 cm
o Type 3: hoogenergetisch trauma met uitgebreid weke delen
letsel, neurovasculaire schade en contaminatie (vervuiling)
van de wond
▪ Gesloten: huid is nog heel
o Compleet/incompleet
▪ Compleet: het bot breekt in twee of meer stukken
▪ Incompleet: het bot breekt niet helemaal
o Hoeveelheid fractuurlijnen:
▪ Simpel: één fractuurlijn → bot breekt in twee stukken
▪ Communitief: meerdere fractuurlijnen → bot breekt in meerdere stukken
▪ Compressie: verbrijzeling van het bot → bot breekt in heel veel kleine
fragmenten
o Type fractuur:
▪ Transversaal: breuk dwars over het bot
▪ Oblique: breuk vanaf een hoek naar de diafyse
▪ Spiraal: breuk die rond het bot draait
▪ Avulsie: er is een klein hoekje van het bot afgebroken
▪ Geïmpacteerd: één stuk van het bot is in een ander stuk gedrongen
▪ Torus: aan de ene zijde van het bot zit een klein bobbeltje en aan de andere
zijde is de cortex gewoon normaal
▪ Greenstick: aan de ene zijde van het bot zit een knikje en aan de andere
zijde is de cortex onderbroken
• Te vergelijken met een vers takje dat wordt gebroken
1
,- Oorzaken:
o Adequaat trauma
o Stress (overbelasting)
o Pathologie
o Insufficiëntie (osteoporose)
o Spontaan (battered child): komt voor bij kinderen in de epifysairschijf (groeischijf)
▪ Groeischijffracturen:
• Type 1 (5%): dwarse fractuur door de gecalcificeerde zone van de
groeischijf
o Groei meestal niet beïnvloed
• Type 2 (75%): zelfde als type 1, maar buigt aan het einde van de
groeischijf af
o Groei meestal niet beïnvloed
• Type 3 (10%): buigt na een tijdje af dwars door alle groeischijflagen
o Groei meestal verstoord
• Type 4 (10%): fractuur in de lengte dwars door de epifyse, fyse en
metafyse
o Asymmetrische groei
• Type 5 (ongewoon): de groeischijf is verdrukt door de longitidunale
compressie
o Groei meestal verstoord
- Genezing: 5 stadia
o Destructie + haematoom
o Ontsteking + celproliferatie
o Callusformatie met eilandjes onrijp bot (“woven bone”)
o Consolidatie (onrijpe bot wordt lamellair bot)
o Remodellatie (o.i.v. inwerkende klachten)
- Behandeling:
o Wondverzorging
o Repositie:
▪ Manipulatie onder pijnstilling en spierverslapping
▪ Tractie
▪ Operatief
o Stabilisatie/immobilisatie:
▪ Tractie:
• Contra-indicaties:
o Weke delen letsel
o Instabiele fractuur
o Multipele fractuur
o Verwarde, non-coöperatieve patiënt
• Complicaties:
o Diastase (uit elkaar) fractuurspleet
o Pininfectie bij skelettractie
o Te strak zwachtelen bij huidtractie
o Decubitis/pneumonie/trombosebeen door de bedrust
2
, ▪ Gips:
• Complicaties:
o Te strak/los
o Drukplekken
o Huidlaceraties (beschadigingen)
▪ Fixatie (intern/extern)
o Oefenen
- Vroege complicaties:
o Bijkomend letsel (ingewanden/longen/vaten/zenuwen)
o Compartimentsyndroom: verstoring van de bloedtoevoer door zwelling binnen een
compartiment in het lichaam (meestal veroorzaakt door een ontsteking)
▪ De 5 P’s:
• Pijn: meestal hele heftige, diepe pijn, die constant aanwezig is en
niet makkelijke te lokaliseren is
o Verdwijnt niet na toediening van pijnstillers
• Paresthesieën: tintelingen, speldenprikken, slapende voet/been
• Pallor: bleekheid
• Paralyse: verlamming (treedt vaak pas laat op)
• Polsloosheid: afwezigheid van polsslag
o Wordt bijna nooit gevonden omdat de bovendruk meestal
hoger is dan de druk in het compartiment en bovendien
moet het bloedvat voor polsloosheid door het aangedane
compartiment lopen
▪ Na 12 uur al weefselschade
o Haemartrose
o Infectie
o Gasgangreen
o Decubitis/blaren t.g.v. de fractuur, de behandeling of de bedrust
- Late complicaties:
o Delayed union: vertraagde genezing
▪ Oorzaken:
• Onvoldoende bloedvoorziening
• Weke delen letsel
• Fractuureinden niet tegen elkaar (bijv. bij tractie)
• Fixatie te star
• Infectie
o Non union
o Mal union
o Avasculaire necrose
o Instabiliteit gewricht
o Osteoartritis
3
, o Late weke delen complicaties:
▪ Stijfheid van het gewricht
▪ Heterotope ossificatie: botafzetting in de spieren
• Ontstaat door geforceerd passief doorbewegen
• Niet direct zichtbaar op X
▪ Contractuur
▪ Peesruptuur
▪ Zenuwcompressie/-beklemming
▪ CRPS (Complex Regionaal PijnSyndroom)
• Vaak brandende pijn
• Zwelling
• Roodheid (heel soms blauw)
• Warmte (heel soms kou)
• Vegetatieve verschijnselen
De student kan de orthopedie beschrijven en verklaren van fracturen van wervelkolom en bekken.
Bekkenfractuur: vaak ernstig letsel
- Veel inwendig bloedverlies bij instabiele fractuur
- Behandeling:
o Conservatief indien geen dislocatie
o Operatief bij een “open boek fractuur” met verwijding symphyse
- Soorten fracturen:
o Voor-achterwaartse compressie:
▪ Ongelukken met motorrijders
▪ “Open boek” fractuur
o Laterale compressie:
▪ Aanrijding met voetganger
▪ Meestal breekt de ring bij het schaambeen
o Verticale druk
▪ Val van hoogte
▪ Vaak instabiele breuken
- Complicaties:
o Urogenitaal letsel
o Blaasletsel
o Vaginaletsel
o Plexusletsel (m.n. L5)
o Persisterende pijn SI-gewricht
o Trombose
Wervelfractuur: ernst m.n. afhankelijk van het bijkomend neurologisch letsel
- Oorzaken:
o Val van hoogte
o Verkeersongeval
o Osteoporose
4