100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting toets: mensen en problematie - ontwikkelingspsychologie

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
18
Geüpload op
04-10-2024
Geschreven in
2024/2025

Samenvatting thema 1 'mensen van 0-100'. Boek is mensen & problematiek. Samenvatting is voor de toets van het vak ontwikkelingspsychologie. Begrippenlijsten aanwezig. Sociaal werk MBO 4.

Instelling
Vak










Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Thema 1
Geüpload op
4 oktober 2024
Aantal pagina's
18
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting toets
1.1 Prenatale ontwikkeling (conceptie-geboorte)

Erfelijkheid
Elk mens is anders doordat de spermacel genetische informatie bevat van de vader
en de eicel genetische informatie van de moeder. Deze twee versmelten met elkaar.
Er kunnen verschillende combinaties van de genetische informatie ontstaan.

Omgevingsfactoren
Tijdens de prenatale groei kunnen omgevingsinvloeden de ontwikkeling van het
ongeboren kind beïnvloeden. Dit wordt ook wel teratogene effecten genoemd. Het
effect ervan is afhankelijk van de duur en de intensiteit van de factoren en van het
prenatale stadium waarin het ongeboren kind zich bevindt.

Alcohol en roken
Ongeboren kinderen die blootgesteld worden aan een grote hoeveelheid alcohol
lopen het risico op het foetale alcoholsyndroom (FAS). Het verstoort de
hersenontwikkeling, waardoor er neurologische afwijkingen ontstaan zoals een
verstandelijke beperking en leerproblemen. Uiterlijke kenmerken van FAS zijn
bijvoorbeeld een klein schedel en een vlak gezicht. Een minimale inname van alcohol
kan al schadelijk zijn en kan leiden tot een aantal kenmerken van FAS. Dit noem je
foetale alcoholEFFECTEN (FAE).

Sigarettenrook zorgt ervoor dat er minder zuurstof beschikbaar is, waardoor de
ademhaling van het ongeboren kind vertraagt. Hierdoor is er een grotere kans op
een miskraam en sterfte in de babytijd. Geboren baby’s van rokende moeders
hebben vaak een laag geboortegewicht, lopen meer risico op een verstandelijke
beperking en kampen in de loop van hun leven vaker met hart en
ademhalingsproblemen.

Middelen
Het roken van marihuana heeft dezelfde effecten als het roken van tabak. Op de
langere termijn leidt het ook tot snel geïrriteerde, afgeleide kinderen. Kinderen
waarvan de moeder tijdens de zwangerschap cocaïne, methadon of heroïne heeft
gebruikt, hebben vaak een laag geboortegewicht, zichtbare geboorteafwijkingen,
reageren vlak en zijn vaak ontroostbaar. Baby’s kunnen hierdoor ook verslaafd
geboren worden.

Medicijnen kunnen leiden tot ernstige beperkingen. Aspirines kunnen bloedingen en
achterstanden in de fysieke groei veroorzaken en anticonceptiemiddelen zijn van
invloed op de hersenstructuren.

Straling en chemische stoffen
De blootstelling aan röntgenstralen kan leiden tot aantasting van de hersenfuncties.
Röntgenstralen zijn al schadelijk voordat de vrouw zwanger is; het kan erfelijke
mutaties van de ei- en zaadcellen veroorzaken. Blootstelling aan radioactieve straling
verhoogt het risico op een miskraam, doodgeboorte, fysieke misvormingen en
hersenafwijkingen. Ook kunnen de stoffen kwik en lood het kind schaden.


1

,Gezondheid en welzijn moeder
Wanneer de moeder het virus rubella (rodehond) heeft kan deze binnendringen in de
placenta. Dit kan leiden tot doofheid, een oogafwijking of een verstandelijke
beperking bij het ongeboren kind. Hiv wordt vaak van moeder op kind doorgegeven
en genitale herpes en syfilis kunnen een miskraam of doofheid, blindheid en een
verstandelijke beperking tot gevolg hebben. De infectieziekte toxoplasmose kan een
miskraam of ernstige hersenafwijkingen en oogafwijkingen veroorzaken.

Ondervoeding van moeder kan ook negatieve effecten hebben. Het kind haalt zo niet
genoeg voedingsstoffen uit wat moeder binnenkrijgt, dit kan de uitbouw van het
zenuwstel belemmeren en kan leiden tot een laag geboortegewicht en hartziekten.
Een tekort aan foliumzuur (vitamine B11) verhoogt de kans op een open ruggetje
(spina bifida), onvolgroeide hersenen (anencefalie) en vroeggeboorte. Intense stress
bij moeder brengt een overproductie van cortisol teweeg, wat schadelijk is voor het
ongeboren kind. Het kan leiden tot een vroeggeboorte en een laag geboortegewicht.
Op lange termijn zal het kind vatbaarder zijn voor allergieën en is meer prikkelbaar.

Hoe korter een tiener menstrueert voordat zij zwanger raakte, hoe groter de kans op
een te vroeg geboren baby met een laag geboortegewicht. Oudere vrouwen lopen
meer kans op een kind met het syndroom van Down. Vrouwen die binnen een
halfjaar voor de tweede keer zwanger raken, lopen meer kan op een vroeggeboorte.

Rol sociaal werker
Doordat je weet welke factoren van invloed zijn op een ongeboren kind, kun je
ouders informeren over de gevaren van bijvoorbeeld alcoholgebruik en drugs. Je kan
moeder doorverwijzen naar de juiste instanties voor hulpverlening. Vrijwillige
hulpverlening heeft de voorkeur, maar als dit geweigerd wordt kan besloten worden
tot verplichte hulpverlening om schade aan het ongeboren kind te beperken of te
voorkomen. Ook kan je ouders doorverwijzen, wanneer nodig, naar instanties die
helpt en ondersteunt of organisaties die zich bezighouden met de
ontwikkelingsstimulering van het kind, wanneer het kind geboren is met een
beperking.

1.2 Baby (0-1 jaar)

Reflexen en doelbewust gedrag
Een pasgeborene heeft geen gedachte maar reageert alleen motorisch op wat er
gebeurt aan de hand van reflexen: automatische lichamelijke reacties. Zoals de
zuigreflex: wanneer de lippen van de baby worden aangeraakt, begint hij te zuigen.
Reflexen zorgen ervoor dat baby’s, met hulp van ouders, zichzelf in leven kunnen
houden. Baby’s van een paar maanden oud maken spontane bewegingen en vanaf 8
maanden handelt een baby doelbewust. Op dat moment denken baby’s na, leren ze
van hun eigen gedrag en kunnen ze dingen onthouden. Rond de 8 maanden
beseffen baby’s ook dat mensen of objecten blijven bestaan, ook al verdwijnen ze uit
het gezichtsveld, dit noem je objectpermanentie.

Brabbelen
Vanaf 2 maanden maakt een baby zelf geluiden en klanken. Vanaf 4 maanden
komen er medeklinkers bij en ontstaan er zinnen. Baby van 7 maanden maakt


2

, combinatie van klanken, die voor hem een vaste betekenis hebben. Dit wordt de
brabbelfase genoemd.

Hechting
Bij geboorte ontstaat er tussen baby en ouders een speciale band. Dit heet een
hechtingsrelatie en komt enerzijds tot stand doordat ouders reageren op de signalen
van het kind, zoals reageren op gehuil en anderzijds door het gedrag van de baby
zoals glimlachen naar ouders. Dit noem je gehechtheidsgedrag. De hechting verloopt
in 3 fasen. Eerst reageert de baby op iedereen hetzelfde, maar vanaf 3 maanden
ontwikkelt hij een voorkeur voor degene die het meest adequaat reageert op het
gehechtheidsgedrag. Deze favoriet noem je de hechtingspersoon. Vanaf 6 maanden
wordt de relatie sterker; de baby gaat huilen wanneer deze persoon weggaat
(scheidingsangst) en bij 8 maanden reageert de baby met verzet en angst op
vreemden (vreemdelingenangst).

Sociaal gedrag
Een baby heeft geen zelfbewustzijn, hij ervaart zichzelf niet als een zelfstandig
persoon. De eerste maanden is een baby zich ook niet bewust van het bestaan van
anderen. Rond de 9 maanden gaan baby’s sociale gebaren gebruiken, zoals nee
schudden en gedag zwaaien. Ook wijzen ze naar mensen en voorwerpen,
bijvoorbeeld om duidelijk te maken dat ze een bepaald voorwerp willen hebben. Dit
heet joint attention.

Eerste emoties
Bij een pasgeboren baby draait het hele gevoelsleven om het bevredigen van de
basisbehoefte, zoals voeding en slaap. Als dit niet goed verloopt, zal de baby huilen.
Vanaf 3 maanden komen er andere emoties bij, zoals plezier. Vanaf 6 maanden
worden emoties specifieker. De baby reageert met emoties op zijn omgeving.

Kijken en grijpen
Kijkstadium 0 tot 3 maanden De baby kijkt om zich
heen en leert oogspieren
en halsspieren te
besturen
Grijpstadium 3 tot 6 maanden De baby beweegt zijn
armpjes naar objecten toe
en pakt ze vast
Zitstadium 6 tot 9 maanden De baby kan zichzelf van
positie veranderen
Kruip- en optrekstadium 9 tot 12 maanden De baby kruipt en trekt
zich op

Zintuigen
Een pasgeboren baby kan goed horen, ruiken, proeven en voelen. De ogen
functioneren nog niet goed, dit duurt een paar maanden voordat hij scherpte kan zien
en kleuren kan onderscheiden. Baby’s kijken in het begin scheel, doordat deze zijn
blik nog niet kan richten.




3
$7.67
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
michellevandongen

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
michellevandongen ROC Nova College
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
0
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
2
Laatst verkocht
-

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen