Scheikunde Hoofdstuk 6
Zonder water is geen leven mogelijk. Je lichaam gebruikt water om voedingsstoffen op te
nemen en afvalstoffen af te voeren. De hoeveelheid water op aarde is constant. Slechts een
klein deel zoet water. Water is belangrijk in de industrie e de land- en tuinbouw. Afhankelijk
van de toepassing kan gebruik worden gemaakt van oppervlaktewater of grondwater.
Polaire atoombinding:
Bij moleculaire stoffen heb je te maken met 2 soorten bindingen.
De vanderwaalsbindingen tussen de moleculen
De atoombindingen (tussen de moleculen) in de moleculen.
Een polaire atoombinding is een atoombinding waarbij de atomen niet even sterk aan
het gemeenschappelijk elektronenpaar trekken en dit paar iets verschoven is. Het ene
atoom krijgt een kleine positieve lading (+), het andere atoom een kleine negatieve ), het andere atoom een kleine negatieve
lading (-).
Dipoolmoleculen:
Is een molecuul dat door één of meer polaire atoombindingen, een +), het andere atoom een kleine negatieve kant en een -
kant heeft.
Polaire stoffen:
Stoffen die uit dipoolmoleculen bestaan, noemen we polaire stoffen.
Een apolaire stof bestaat uit moleculen die geen dipoolmoleculen zijn.
Waterstofbruggen:
Omdat de waterstofatomen erg klein zijn, is de dipool dipool interactie erg groot.
Deze bijzondere dipool dipool interactie noemen we een waterstofbrug of een
H – brug.
Waterstofbruggen treden op tussen moleculen die een O-H of een N-H groep
bevatten.
(Je geeft ze aan met een stippellijn).
Oppervlaktespanning:
Ontstaat doordat waterstofmoleculen elkaar stevig aantrekken.
Opdrachten:
6.1 = 7
6.2 = 13,18,19
Zonder water is geen leven mogelijk. Je lichaam gebruikt water om voedingsstoffen op te
nemen en afvalstoffen af te voeren. De hoeveelheid water op aarde is constant. Slechts een
klein deel zoet water. Water is belangrijk in de industrie e de land- en tuinbouw. Afhankelijk
van de toepassing kan gebruik worden gemaakt van oppervlaktewater of grondwater.
Polaire atoombinding:
Bij moleculaire stoffen heb je te maken met 2 soorten bindingen.
De vanderwaalsbindingen tussen de moleculen
De atoombindingen (tussen de moleculen) in de moleculen.
Een polaire atoombinding is een atoombinding waarbij de atomen niet even sterk aan
het gemeenschappelijk elektronenpaar trekken en dit paar iets verschoven is. Het ene
atoom krijgt een kleine positieve lading (+), het andere atoom een kleine negatieve ), het andere atoom een kleine negatieve
lading (-).
Dipoolmoleculen:
Is een molecuul dat door één of meer polaire atoombindingen, een +), het andere atoom een kleine negatieve kant en een -
kant heeft.
Polaire stoffen:
Stoffen die uit dipoolmoleculen bestaan, noemen we polaire stoffen.
Een apolaire stof bestaat uit moleculen die geen dipoolmoleculen zijn.
Waterstofbruggen:
Omdat de waterstofatomen erg klein zijn, is de dipool dipool interactie erg groot.
Deze bijzondere dipool dipool interactie noemen we een waterstofbrug of een
H – brug.
Waterstofbruggen treden op tussen moleculen die een O-H of een N-H groep
bevatten.
(Je geeft ze aan met een stippellijn).
Oppervlaktespanning:
Ontstaat doordat waterstofmoleculen elkaar stevig aantrekken.
Opdrachten:
6.1 = 7
6.2 = 13,18,19