Probleem 6 – Bestuursrecht
Leerdoel I: Welke rol spelen beginselen in het bestuursrecht?
Rechtsbeginselen in het bestuursrecht zijn gegroeid vanuit het perspectief van een rechtvaardige
verhouding tussen de overheid en de burger. De rechtsbeginselen komen tot uiting in de verhouding
tussen rechter en overheidsbestuur, zij hebben staan soms in ingewikkelde verhoudingen tot elkaar.
Er zijn rechtsbeginselen die rechtsgebied overschrijdend zijn (ne bis in idem).
Vijftal kernbeginselen:
1. Fairplay
2. Zorgvuldigheid
3. Evenwichtigheid
4. Zuiverheid van oogmerk
5. Rechtszekerheid
a. De motiveringsplicht
b. Het gelijkheidsbeginsel
c. Het vertrouwensbeginsel
De beginselen spelen een rol in de verhouding tussen bestuur en burger, en worden door de rechter
gebruikt om de norm te bepalen bij het handelen van het bestuur.
Algemene beginselen van behoorlijk bestuur In de rechtspraktijk
Algemene beginselen van behoorlijk bestuur hebben betrekking op de behoorlijkheid van de
bestuursrechtelijke bevoegdheidsuitoefening: bestuursorganen moeten hun bevoegdheden netjes
uitvoeren.
- De normen die voortvloeien uit verschillende beginselen zijn van toepassing op de uitoefening
van de bestuursrechtelijke bevoegdheden door het bestuursorgaan.
- De burger kan zich op deze beginselen beroepen in een geschil tegen een overheidsorgaan.
- Algemene beginselen van behoorlijk bestuur zijn een toetsingsgrond voor de rechter.
o Heeft het bestuursorgaan wel rechtmatig gehandeld?
Algemene rechtsbeginselen van behoorlijk bestuur zijn Daarom als rechtsnorm op 3 niveaus van
rechtsvorming en rechtsvinding van invloed:
1. Bij de interpretatie van wettelijke bepalingen;
2. Bij de vorming van het bestuursbeleid daar waar de wettelijke regelingen ruimte bieden, of
waar wettelijk normering ontbreekt;
3. Bij de uitvoering van het beleid in individuele gevallen
a. Hieronder valt de bestuurder die wil weten of een voorgenomen besluit rechtmatig is
b. Zo wel Als de rechter die achteraf toetst
De algemene beginselen van behoorlijk bestuur kunnen worden ingedeeld in twee brede categorieën:
I. Formele beginselen, die gaan over de vorm van een besluit en de gevolgde procedure bij het
nemen ervan.
a. Ze spelen een rol bij de voorbereiding van besluiten, de wijze van besluitvorming en
de inkleding of inrichting van besluiten.
II. Materiële beginselen, die gaan over de inhoudelijke kwaliteit van een besluit.
a. Stellen eisen aan de inhoud van bestuursbesluit. Gericht op de kern van het besluit;
die kern is bepalend voor het rechtsgevolg van dat besluit.
Formele rechtsbeginselen:
I. Het formele zorgvuldigheidsbeginsel: de beschikkende ambtenaren moeten alle relevante
informatie inwinnen en de betrokkenen daarop horen.
II. Het beginsel van Fair Play: elke schijn van partijdigheid moet worden vermeden en de burger
mogen geen mogelijkheden worden ontnomen voor zijn belang op te komen door een
overigens volgens de letter van de wet toegestane handelswijze.
Leerdoel I: Welke rol spelen beginselen in het bestuursrecht?
Rechtsbeginselen in het bestuursrecht zijn gegroeid vanuit het perspectief van een rechtvaardige
verhouding tussen de overheid en de burger. De rechtsbeginselen komen tot uiting in de verhouding
tussen rechter en overheidsbestuur, zij hebben staan soms in ingewikkelde verhoudingen tot elkaar.
Er zijn rechtsbeginselen die rechtsgebied overschrijdend zijn (ne bis in idem).
Vijftal kernbeginselen:
1. Fairplay
2. Zorgvuldigheid
3. Evenwichtigheid
4. Zuiverheid van oogmerk
5. Rechtszekerheid
a. De motiveringsplicht
b. Het gelijkheidsbeginsel
c. Het vertrouwensbeginsel
De beginselen spelen een rol in de verhouding tussen bestuur en burger, en worden door de rechter
gebruikt om de norm te bepalen bij het handelen van het bestuur.
Algemene beginselen van behoorlijk bestuur In de rechtspraktijk
Algemene beginselen van behoorlijk bestuur hebben betrekking op de behoorlijkheid van de
bestuursrechtelijke bevoegdheidsuitoefening: bestuursorganen moeten hun bevoegdheden netjes
uitvoeren.
- De normen die voortvloeien uit verschillende beginselen zijn van toepassing op de uitoefening
van de bestuursrechtelijke bevoegdheden door het bestuursorgaan.
- De burger kan zich op deze beginselen beroepen in een geschil tegen een overheidsorgaan.
- Algemene beginselen van behoorlijk bestuur zijn een toetsingsgrond voor de rechter.
o Heeft het bestuursorgaan wel rechtmatig gehandeld?
Algemene rechtsbeginselen van behoorlijk bestuur zijn Daarom als rechtsnorm op 3 niveaus van
rechtsvorming en rechtsvinding van invloed:
1. Bij de interpretatie van wettelijke bepalingen;
2. Bij de vorming van het bestuursbeleid daar waar de wettelijke regelingen ruimte bieden, of
waar wettelijk normering ontbreekt;
3. Bij de uitvoering van het beleid in individuele gevallen
a. Hieronder valt de bestuurder die wil weten of een voorgenomen besluit rechtmatig is
b. Zo wel Als de rechter die achteraf toetst
De algemene beginselen van behoorlijk bestuur kunnen worden ingedeeld in twee brede categorieën:
I. Formele beginselen, die gaan over de vorm van een besluit en de gevolgde procedure bij het
nemen ervan.
a. Ze spelen een rol bij de voorbereiding van besluiten, de wijze van besluitvorming en
de inkleding of inrichting van besluiten.
II. Materiële beginselen, die gaan over de inhoudelijke kwaliteit van een besluit.
a. Stellen eisen aan de inhoud van bestuursbesluit. Gericht op de kern van het besluit;
die kern is bepalend voor het rechtsgevolg van dat besluit.
Formele rechtsbeginselen:
I. Het formele zorgvuldigheidsbeginsel: de beschikkende ambtenaren moeten alle relevante
informatie inwinnen en de betrokkenen daarop horen.
II. Het beginsel van Fair Play: elke schijn van partijdigheid moet worden vermeden en de burger
mogen geen mogelijkheden worden ontnomen voor zijn belang op te komen door een
overigens volgens de letter van de wet toegestane handelswijze.