Samenvatting scheikunde
Hoofdstuk 1 – Materialen en stoffen
Paragraaf 1
- Natuurlijke materialen : Materialen van natuurlijke oorsprong, zoals
been, hout en steen.
Grondstoffen zijn stoffen die je nodig hebt om materialen te maken
die je niet in de natuur kunt vinden. Materialen die je niet in de
natuur kunt vinden, moet je via chemische processen maken uit
grondstoffen. De materialen die zo ontstaan, heten synthetische
materialen.
- Kunststof: Synthetisch materiaal dat (voornamelijk) uit aardolie
wordt gesynthetiseerd. Omdat er een groot aantal ingewikkelde
processen nodig zijn, treed er vervuiling op en aardolie is schaars.
Daardoor worden steeds vaker biologische grondstoffen gebruikt en
kunststoffen hergebruikt. Biologische grondstoffen zijn hernieuwbare
grondstoffen. Ze raken niet op, omdat ze weer opnieuw kunnen
bijgroeien. Voordelen plastic: Kan in elke vorm worden gegoten, licht,
elke mogelijke kleur, doorzichtig, laten vallen zonder dat her breekt,
goedkoop.
- Materiaaleigenschappen: Eigenschappen van een materiaal, zoals
hardheid, dichtheid ne elektrische geleidbaarheid.
Stofeigenschappen: eigenschappen van een zuivere stof, zoals
dichtheid, kookpunt en smeltpunt.
- Belangrijke stof- en materiaaleigenschappen:
Oplosbaarheid: mate waarin stoffen oplossen in een vloeistof
(water)
Hydrofoob: waterafstotend/niet oplosbaar
Hydrofiel: water absorberend/oplosbaar
Smeltpunt: temperatuur waarbij een stof smelt
Kookpunt: temperatuur waarbij een stof kookt
Warmtegeleidbaarheid
Elektrische geleidbaarheid
Dichtheid
Hardheid
Elasticiteit
- Er zijn 3 fases (toestand waarin een stof zich bevindt.) Vast,
vloeibaar en gasvormig. De formule voor dichtheid - ρ = m : v
Ρ = dichtheid in kg/l
m = massa in kg
V = volume in L
- Soms is er voor een bepaalde toepassing geen geschikt materiaal
beschikbaar. Je kan dan een nieuw materiaal ontwikkelen of de
Hoofdstuk 1 – Materialen en stoffen
Paragraaf 1
- Natuurlijke materialen : Materialen van natuurlijke oorsprong, zoals
been, hout en steen.
Grondstoffen zijn stoffen die je nodig hebt om materialen te maken
die je niet in de natuur kunt vinden. Materialen die je niet in de
natuur kunt vinden, moet je via chemische processen maken uit
grondstoffen. De materialen die zo ontstaan, heten synthetische
materialen.
- Kunststof: Synthetisch materiaal dat (voornamelijk) uit aardolie
wordt gesynthetiseerd. Omdat er een groot aantal ingewikkelde
processen nodig zijn, treed er vervuiling op en aardolie is schaars.
Daardoor worden steeds vaker biologische grondstoffen gebruikt en
kunststoffen hergebruikt. Biologische grondstoffen zijn hernieuwbare
grondstoffen. Ze raken niet op, omdat ze weer opnieuw kunnen
bijgroeien. Voordelen plastic: Kan in elke vorm worden gegoten, licht,
elke mogelijke kleur, doorzichtig, laten vallen zonder dat her breekt,
goedkoop.
- Materiaaleigenschappen: Eigenschappen van een materiaal, zoals
hardheid, dichtheid ne elektrische geleidbaarheid.
Stofeigenschappen: eigenschappen van een zuivere stof, zoals
dichtheid, kookpunt en smeltpunt.
- Belangrijke stof- en materiaaleigenschappen:
Oplosbaarheid: mate waarin stoffen oplossen in een vloeistof
(water)
Hydrofoob: waterafstotend/niet oplosbaar
Hydrofiel: water absorberend/oplosbaar
Smeltpunt: temperatuur waarbij een stof smelt
Kookpunt: temperatuur waarbij een stof kookt
Warmtegeleidbaarheid
Elektrische geleidbaarheid
Dichtheid
Hardheid
Elasticiteit
- Er zijn 3 fases (toestand waarin een stof zich bevindt.) Vast,
vloeibaar en gasvormig. De formule voor dichtheid - ρ = m : v
Ρ = dichtheid in kg/l
m = massa in kg
V = volume in L
- Soms is er voor een bepaalde toepassing geen geschikt materiaal
beschikbaar. Je kan dan een nieuw materiaal ontwikkelen of de