1 "De moderne staat is een historisch contingent construct dat in grote mate vorm
geeft aan onze
levens"
1) De staat :
gemeenschap die aanspraak maakt op de legitieme gewelds-
bepaald gebied
monopolie een in een met centraal bestuur (Weber .
legitiem macht wordt geaccepteerd als wettelijk
-
:
-geweldsmonopolie uiteindelijk al het handelen van de
: staat gebasseerd op (fysiek)(
1
de sterkste zijn de met gewelds-
dreiging geweld zonder
en +
zonder het
ein niet het
monopolie geen staat !
,
ander
~
-
belastingsmonopolie
2) Historisch
1. Statenstelsel
-primaire staatsvorming :
agrarische revolutie >
-
sociale differentiatie + machtsongelijkheid
-secundaire staats vorming staatsvorming door andere
: staten
staten erkennen elkaars grondgebied territorialiteit
-
:
staten erkennen elkaars soevereiniteit alleen wat te zeggen over
eigen burgers en gebied
-
:
.
2 De Natie
-
Het gebied gaat steeds meer samenhangen met een gevoel van verbondenheid
-
Natiestaat : samenvallen natie en staat
-Voor naties is hard door staten (als project) onderwijs Koningskuis Rijksmuseum
gewerkt :
, ,,
zelfde TV NL woorden boekje
,
.
3
Bureaucratisering &democratisering
bestuur & overheid rechtsstaat parlementaire democratie
professioneel
-
, ,
4
. Grote overheid
in ieder domein het leven
aanwezig van
-
, 3) Contingent : het had ook anders gekund
4 Construct : we hebben ze zelf gemaakt en zitten in ons hoofd (geld gender ,
5) Onze levens : de staat is overal
Duurzaamheid staat - overheid - bureaucratisch Chiërarchie regels deskundigheid)
, ,
Staatsbindingen : niet zelfgekozen duurzaam exclusief
, ,
Staat als Januskop : macht beveiligt ,
maar beperkt ook >
-
Kapitaal belang
bijv : geweldsmonopolie beschermt ,
maar kan ook
tegen je keren
Gezag Legitieme
: macht (alleen dan is staat succesvol)
traditioneel :
geloof in geheiligde gerespecteerde traditie (is altijd zo geweest)
en
-
charismatisch :
geloof in buitengewone eigenschappen van heerser (geen limieten,
-
systemen werken minder goed)
-
rationeel-legaal :
vertrouwen in wetten (minder 'oneerlijkheid', maar onpersoonlijk)
Theorie van collectieve actie : individu maakt kosten voor collectieve opbrengsten .
Hier is soms
dwang voor nodig (belastingdwang) .
, 2 Wat zijn naties?
primordialisme vs . constructivisme/instrumentalisme
Primordialisme (naties zijn oud en het bestaat wezenlijk) -> veel kritiek op
-
collectieve verbondenheid =
gegeven (taal ,
Cultuur , geloof) - unieke
-
Herder : taal ,
Karakter, territorium socialisatie ,
- volksaard
-
naties van nu ontstaan uit
groepen die Cultuur , taal ,
nabijheid gemeen hadden
homogene groepen naties > > nationaal bewustzijn
-
- -
-
bewustzijn gereproduceerd (door staat ? ) door cultuur en taal
/biologisch ? )
-
nationaliteit -
>
collectief
+ individueel
Constructivisme (naties zijn modern en we hebben het bedacht : sociaal construct)
-
bijproduct politiek
-modern verschijnsel ↑ overeenkomst primordialisme
· worden bewust en onbewust geconstrueerd gereproduceerd (taal onderwijs)
-
en ,
I
gebaseerd op verlangen onderde te
zijn van sociale (wegvallen religie)
-
om
groep
7 Instrumentalisme
naties' bedenken' een romantisch' verleden haly con
-
:
-
eenheid +
gemeenschapsgevoel :
politiek instrument
naties modern
zijn
-
Benedict Anderson >
-
constructivistisch
natie :
gemeenschap die wordt geproduceerd d m V taal en cultuur
Verbeelde
-
.
. .
·
Verbeeld broederschap terwijl je elkaar niet kent - benaderen via verbeelding
:
,
·
beperkt : naties hebben grenzen
·
soeverein : natie wil vrij zijn vrijheid ,
soevereine staat
-
verbeelden : reëel
fictief niet tastbaar
+ :
,
maar bestaat wel - bereikt via verbeelding
vervalsen volledig fictief/verzonnen
-
:
geeft aan onze
levens"
1) De staat :
gemeenschap die aanspraak maakt op de legitieme gewelds-
bepaald gebied
monopolie een in een met centraal bestuur (Weber .
legitiem macht wordt geaccepteerd als wettelijk
-
:
-geweldsmonopolie uiteindelijk al het handelen van de
: staat gebasseerd op (fysiek)(
1
de sterkste zijn de met gewelds-
dreiging geweld zonder
en +
zonder het
ein niet het
monopolie geen staat !
,
ander
~
-
belastingsmonopolie
2) Historisch
1. Statenstelsel
-primaire staatsvorming :
agrarische revolutie >
-
sociale differentiatie + machtsongelijkheid
-secundaire staats vorming staatsvorming door andere
: staten
staten erkennen elkaars grondgebied territorialiteit
-
:
staten erkennen elkaars soevereiniteit alleen wat te zeggen over
eigen burgers en gebied
-
:
.
2 De Natie
-
Het gebied gaat steeds meer samenhangen met een gevoel van verbondenheid
-
Natiestaat : samenvallen natie en staat
-Voor naties is hard door staten (als project) onderwijs Koningskuis Rijksmuseum
gewerkt :
, ,,
zelfde TV NL woorden boekje
,
.
3
Bureaucratisering &democratisering
bestuur & overheid rechtsstaat parlementaire democratie
professioneel
-
, ,
4
. Grote overheid
in ieder domein het leven
aanwezig van
-
, 3) Contingent : het had ook anders gekund
4 Construct : we hebben ze zelf gemaakt en zitten in ons hoofd (geld gender ,
5) Onze levens : de staat is overal
Duurzaamheid staat - overheid - bureaucratisch Chiërarchie regels deskundigheid)
, ,
Staatsbindingen : niet zelfgekozen duurzaam exclusief
, ,
Staat als Januskop : macht beveiligt ,
maar beperkt ook >
-
Kapitaal belang
bijv : geweldsmonopolie beschermt ,
maar kan ook
tegen je keren
Gezag Legitieme
: macht (alleen dan is staat succesvol)
traditioneel :
geloof in geheiligde gerespecteerde traditie (is altijd zo geweest)
en
-
charismatisch :
geloof in buitengewone eigenschappen van heerser (geen limieten,
-
systemen werken minder goed)
-
rationeel-legaal :
vertrouwen in wetten (minder 'oneerlijkheid', maar onpersoonlijk)
Theorie van collectieve actie : individu maakt kosten voor collectieve opbrengsten .
Hier is soms
dwang voor nodig (belastingdwang) .
, 2 Wat zijn naties?
primordialisme vs . constructivisme/instrumentalisme
Primordialisme (naties zijn oud en het bestaat wezenlijk) -> veel kritiek op
-
collectieve verbondenheid =
gegeven (taal ,
Cultuur , geloof) - unieke
-
Herder : taal ,
Karakter, territorium socialisatie ,
- volksaard
-
naties van nu ontstaan uit
groepen die Cultuur , taal ,
nabijheid gemeen hadden
homogene groepen naties > > nationaal bewustzijn
-
- -
-
bewustzijn gereproduceerd (door staat ? ) door cultuur en taal
/biologisch ? )
-
nationaliteit -
>
collectief
+ individueel
Constructivisme (naties zijn modern en we hebben het bedacht : sociaal construct)
-
bijproduct politiek
-modern verschijnsel ↑ overeenkomst primordialisme
· worden bewust en onbewust geconstrueerd gereproduceerd (taal onderwijs)
-
en ,
I
gebaseerd op verlangen onderde te
zijn van sociale (wegvallen religie)
-
om
groep
7 Instrumentalisme
naties' bedenken' een romantisch' verleden haly con
-
:
-
eenheid +
gemeenschapsgevoel :
politiek instrument
naties modern
zijn
-
Benedict Anderson >
-
constructivistisch
natie :
gemeenschap die wordt geproduceerd d m V taal en cultuur
Verbeelde
-
.
. .
·
Verbeeld broederschap terwijl je elkaar niet kent - benaderen via verbeelding
:
,
·
beperkt : naties hebben grenzen
·
soeverein : natie wil vrij zijn vrijheid ,
soevereine staat
-
verbeelden : reëel
fictief niet tastbaar
+ :
,
maar bestaat wel - bereikt via verbeelding
vervalsen volledig fictief/verzonnen
-
: