Farmacologie
Beschrijft fysieke interactie van medicijn met receptoren.
Distributie = absorptie van medicijn
Aangrijpingspunt = lichaamseigen eiwit
- Receptoren
- G-eitwit gebonden rec (sec messenger, cascade van rea)
- Dna gebonden rec (activ deel DNA → fysiologisch respons)
- Enzym gebonden rec
- Ion rec (regulerend effect op ap en concentratiegradiënt)
- Ionkanalen
- Enzymen
- Transporteiwitten
Natuurlijke boodschapper Bijbehorende rec groep
(Nor)Adrenaline Adrenerg
Acetylcholine Cholinerg
Histamine Histamine
Opioïde achtige peptide Opioïde
Geen farmacon aanwezig: rec inactief = R
Chemische boodschapper bindt aan rec: evenwicht verschuift naar R*
Constitutief actieve rec: spontaan actieve rec
Farmacon werkt op verschillende manier aan op rec:
- Agonist: verschuiven evenwicht van R → R* (activeren rec)
- Inverse agonist: “ (het tegenovergestelde)
- Antagonist: geen effect op evenwicht, blokkeren wel stoffen die het beïnvloeden.
- Partiële agonist:
- Competeert met volle agonist → werkt als partiële agonist
- Competeert met antagonist → werkt als agonist
CWC = conc werkingscurve
- Emax = max respons bij volledige rec bezetting
- Affiniteit = wederzijdse aantrekking tussen rec en farmacon
- EC50 = conc farmacon nodig om helft van max respons
- pD2 = sterkte van werking van farmacon aangeven
- Bij lagere affiniteit schuift curve naar r
Beschrijft fysieke interactie van medicijn met receptoren.
Distributie = absorptie van medicijn
Aangrijpingspunt = lichaamseigen eiwit
- Receptoren
- G-eitwit gebonden rec (sec messenger, cascade van rea)
- Dna gebonden rec (activ deel DNA → fysiologisch respons)
- Enzym gebonden rec
- Ion rec (regulerend effect op ap en concentratiegradiënt)
- Ionkanalen
- Enzymen
- Transporteiwitten
Natuurlijke boodschapper Bijbehorende rec groep
(Nor)Adrenaline Adrenerg
Acetylcholine Cholinerg
Histamine Histamine
Opioïde achtige peptide Opioïde
Geen farmacon aanwezig: rec inactief = R
Chemische boodschapper bindt aan rec: evenwicht verschuift naar R*
Constitutief actieve rec: spontaan actieve rec
Farmacon werkt op verschillende manier aan op rec:
- Agonist: verschuiven evenwicht van R → R* (activeren rec)
- Inverse agonist: “ (het tegenovergestelde)
- Antagonist: geen effect op evenwicht, blokkeren wel stoffen die het beïnvloeden.
- Partiële agonist:
- Competeert met volle agonist → werkt als partiële agonist
- Competeert met antagonist → werkt als agonist
CWC = conc werkingscurve
- Emax = max respons bij volledige rec bezetting
- Affiniteit = wederzijdse aantrekking tussen rec en farmacon
- EC50 = conc farmacon nodig om helft van max respons
- pD2 = sterkte van werking van farmacon aangeven
- Bij lagere affiniteit schuift curve naar r