Cellen en weefsels:
Weefsels
Academisch verslag 1
, Inleiding:
Weefsel= een groepering van cellen.
Tussen de cellen bevindt zich intercellulaire matrix.
Functie: het samenhouden van de cellen.
Bij veel extracellulaire matrix: houden ze de cellen samen.
Bij weinig extracellulaire matrix: desmosomen en tight junctions zullen
de cellen samenhouden en voor en voor een klein deel de matrix.
Opm.: Tight junctions zijn soort van punten waar de celmembranen
verbonden zijn. (afsluitingsverbinding)
Soorten weefsels:
-epitheelweefsel
-bindweefsel
-spierweefsel
-zenuwweefsel
Embryonale oorsprong (histogenese):
Epitheel→alle 3
Bind en spier→mesoderm
zenuw→ectoderm
Academisch verslag 2
, Epithelen:
A. Algemene kenmerken:
-functie: het bedekt het lichaam, holten en kanalen,
bloedvaten(=endotheel), en vormt klieren.
-de cellen zijn nauw aaneengesloten, bevatten dus weinig intercellulaire
matrix en zijn verbonden door sterke intercellulaire verbindingen.
-het is avasculair, aangezien er geen plaats hiervoor is door de
opeengepakte cellen.
-voor voedingsstoffen zijn de cellen afhankelijk van haarvaatjes waardoor
deze stoffen diffunderen. De haarvaatjes liggen in het onderliggende
bindweefsel.
-Epitheeltypes kunnen zich onder bepaalde omstandigheden omvormen
tot een ander type. =metaplasie
(een tumorcel van epitheliale oorsprong=carcinoom)
Academisch verslag 3
, De epitheelcel:
A. Cytoskelet:
Het cytoskelet (intermediaire filamenten, microtubuli en
microfilamenten). Alle epitheelcellen produceren keratine-eiwitten. Ze zijn
belangrijk bij de verhoorning en keratinisering en kunnen ook intermediare
filamenten vormen. Ook zelfs tonofilamenten die aanhechten aan de
desmosomen.
B. Celpolariteit en celdomeinspecificaties:
-Apicaal domein:
microvilli→uitstulpingen aan de opp., oppervlakte vergroting+ glycocalyx
stereocilia→idem, maar langer
cilia→trilharen, verplaatsen vloeistof over het oppervlak
-Basaal domein:
Academisch verslag 4
Weefsels
Academisch verslag 1
, Inleiding:
Weefsel= een groepering van cellen.
Tussen de cellen bevindt zich intercellulaire matrix.
Functie: het samenhouden van de cellen.
Bij veel extracellulaire matrix: houden ze de cellen samen.
Bij weinig extracellulaire matrix: desmosomen en tight junctions zullen
de cellen samenhouden en voor en voor een klein deel de matrix.
Opm.: Tight junctions zijn soort van punten waar de celmembranen
verbonden zijn. (afsluitingsverbinding)
Soorten weefsels:
-epitheelweefsel
-bindweefsel
-spierweefsel
-zenuwweefsel
Embryonale oorsprong (histogenese):
Epitheel→alle 3
Bind en spier→mesoderm
zenuw→ectoderm
Academisch verslag 2
, Epithelen:
A. Algemene kenmerken:
-functie: het bedekt het lichaam, holten en kanalen,
bloedvaten(=endotheel), en vormt klieren.
-de cellen zijn nauw aaneengesloten, bevatten dus weinig intercellulaire
matrix en zijn verbonden door sterke intercellulaire verbindingen.
-het is avasculair, aangezien er geen plaats hiervoor is door de
opeengepakte cellen.
-voor voedingsstoffen zijn de cellen afhankelijk van haarvaatjes waardoor
deze stoffen diffunderen. De haarvaatjes liggen in het onderliggende
bindweefsel.
-Epitheeltypes kunnen zich onder bepaalde omstandigheden omvormen
tot een ander type. =metaplasie
(een tumorcel van epitheliale oorsprong=carcinoom)
Academisch verslag 3
, De epitheelcel:
A. Cytoskelet:
Het cytoskelet (intermediaire filamenten, microtubuli en
microfilamenten). Alle epitheelcellen produceren keratine-eiwitten. Ze zijn
belangrijk bij de verhoorning en keratinisering en kunnen ook intermediare
filamenten vormen. Ook zelfs tonofilamenten die aanhechten aan de
desmosomen.
B. Celpolariteit en celdomeinspecificaties:
-Apicaal domein:
microvilli→uitstulpingen aan de opp., oppervlakte vergroting+ glycocalyx
stereocilia→idem, maar langer
cilia→trilharen, verplaatsen vloeistof over het oppervlak
-Basaal domein:
Academisch verslag 4