HC 1.3 de Gouden Eeuw: een politiek, economisch en cultureel experiment
In hoeverre bepaalde de burgerij de ontwikkelingen in de Republiek in de Gouden Eeuw (1602-
1700)?
Oorlogseconomie
- Regentenklasse werd schatrijk door handel in Europa en Azië dit wilden ze graag
behouden, dus economische samenwerking steden en innovatie bijv. scheepvaart
- Welvaart was ook belangrijk voor oorlog tegen Spanje op concurrent gebied en prijs oorlog
- Particularisme hoog in vaandel, omdat opstand nog in geheugen lag was gewetensvrijheid
een belangrijke waarde
- Calvinisme was de staatsgodsdienst, maar andersgezinden werden niet vervolgd
- Vrijheid uniek in de Republiek, dus steden werden toevluchtsoord voor geleerden, rijke
kooplieden en kunstenaars uit andere landen. Dit was gunstig voor de economie
- Bestuur Republiek:
- Staten-Generaal
- Stadhouders (van elk gewest 1) en landsadvocaat en landspensionaris
- Stadhouders van adel en vaak conservatiever dan regenten (als stedelijke vrijheid)
- Macht stadhouders groeide echter langzaam stadhouderschap werd erfelijk en soms
meerdere gewesten tegelijkertijd vertegenwoordigen
Onbegrensde groei tijdens de dertigjarige oorlog
- Internationale factoren die Gouden Eeuw mogelijk maakten:
- Begin 17e eeuw woedde in Europa, groot conflict: de 30-jarige oorlog streden om macht in
Europa en de nieuwe wereld (conflict katholieken en protestanten ook in verweven)
- 1648: Vrede van Westfalen verslagen Spanje en einde van Dertigjarige Oorlog
- 1648: verdrag van Munster (onderdeel Vrede van Westfalen) Spanje erkend Republiek en
einde 80-jarige oorlog
- Begin 17e eeuw probeerden koningen van Frankrijk en Engeland hun monarchie te
verstevigen en te centraliseren ten koste van adel en stedelijke bestuursorganen
- Engeland probeerde 2 opeenvolgende koningen absolute monarchie te maken, dit
koste geld en tijd konden zich niet focussen op de handel
- Gevolg: Republiek belande in positie waarin zij de wereldhandel met Oost- en West-Indië
grotendeels beheerste
In hoeverre bepaalde de burgerij de ontwikkelingen in de Republiek in de Gouden Eeuw (1602-
1700)?
Oorlogseconomie
- Regentenklasse werd schatrijk door handel in Europa en Azië dit wilden ze graag
behouden, dus economische samenwerking steden en innovatie bijv. scheepvaart
- Welvaart was ook belangrijk voor oorlog tegen Spanje op concurrent gebied en prijs oorlog
- Particularisme hoog in vaandel, omdat opstand nog in geheugen lag was gewetensvrijheid
een belangrijke waarde
- Calvinisme was de staatsgodsdienst, maar andersgezinden werden niet vervolgd
- Vrijheid uniek in de Republiek, dus steden werden toevluchtsoord voor geleerden, rijke
kooplieden en kunstenaars uit andere landen. Dit was gunstig voor de economie
- Bestuur Republiek:
- Staten-Generaal
- Stadhouders (van elk gewest 1) en landsadvocaat en landspensionaris
- Stadhouders van adel en vaak conservatiever dan regenten (als stedelijke vrijheid)
- Macht stadhouders groeide echter langzaam stadhouderschap werd erfelijk en soms
meerdere gewesten tegelijkertijd vertegenwoordigen
Onbegrensde groei tijdens de dertigjarige oorlog
- Internationale factoren die Gouden Eeuw mogelijk maakten:
- Begin 17e eeuw woedde in Europa, groot conflict: de 30-jarige oorlog streden om macht in
Europa en de nieuwe wereld (conflict katholieken en protestanten ook in verweven)
- 1648: Vrede van Westfalen verslagen Spanje en einde van Dertigjarige Oorlog
- 1648: verdrag van Munster (onderdeel Vrede van Westfalen) Spanje erkend Republiek en
einde 80-jarige oorlog
- Begin 17e eeuw probeerden koningen van Frankrijk en Engeland hun monarchie te
verstevigen en te centraliseren ten koste van adel en stedelijke bestuursorganen
- Engeland probeerde 2 opeenvolgende koningen absolute monarchie te maken, dit
koste geld en tijd konden zich niet focussen op de handel
- Gevolg: Republiek belande in positie waarin zij de wereldhandel met Oost- en West-Indië
grotendeels beheerste