H1: inleiding
Wat is galenica?
=het verpakken van een actieve molecule in een voor de patiënt geschikte toedieningsvorm
Geneesmiddel= actief bestandsdeel (=farmacon) + ‘omhulling’/toedieningsvorm
MPH overcoat (relatine)
- Wordt zeer snel opgenomen en heeft een snelle werking
- Maar ook zeer snel afgebroken
- =>gereguleerde afgifte
o Binnen het uur overcoat weg
o Push compartiment: gaat de volgende dosis eruit duwen door water op te nemen en
op te zwellen
o Werking van 12 uur
Regulatie, begrippen en definities
EDQM= european directorate for the quality of medicines & health care
ICH= international council for harmonization of technical requirements for pharmaceuticals for
human use
Voorwaarden ontikkelen nieuw geneesmiddel:
- GM moet gemakkelijke toediening hebben
- Actief bestandsdeel
o Stabiel blijven
o De bedoelde plaats bereiken
(doelorgaan)
o Daar gemakkelijk vrij komen
Ontwikkelen geneesmiddelenvorm;
- Beoogde vrijzettingprofiel
- Excipientia
- Groot aantal vormen en toedieningsplaatsen optimalisatie biologische beschikbaarheid
- Doelstelling: realisatie van toedingsvorm met voorspelbare en reproduceerbare
therapeutische respons
o Voorwaarden
Fysiche/chemische stabiliteit
Reproduceerbare farmaceutische beschikbaarheid
Uniforme dosis
Aanvaardbare microbiologische kwaliteit
- Keuze/selectie obv
o Fysishe en chemische eigenschappen
, Deeltjesgrootte & - oppervlakte
Dissolutie (=oplosbaarheid)
Uniformiteit gehalte (hoeveel aanwezig?)
Sedimentatie suspensie
Depositie inhalatie- aerosolen (plaats afgifte)
Werkzaamheid topische bereidingen (crèmes / zalven)
Oplosbaarheid – zoutselectie
Minimale oplosbaarheid vereist
Zout stijging oplosbaarheid)
Micronisatie (=kleiner maken deeltjes, verpulveren)
Vaste dispersies
Effect van de ph
Dissolutie
Snelheidsbepalende stap in GM met lage oplosbaarheid
Partitiecoëfficiënt
logP of P: lipofiel karakter
permeatiesnelheid = logP, pH, pKa
permeatiesnelheid: snelheidsbepalende stap voor GM met hoge
oplosbaarheid
polymorfie: kristalijne structuren
stabiliteit
o Therapeutische overwegingen
Klinische indicatie
Systemische vs. lokale therapie
Periode van werking
Urgentie vs. chronisch
Leeftijd patiënt
o Biofarmaceutische aspecten
Oraal
Rectaal
Topisch
Respiratoir
Parenteraal
ADME (absorptie, distributie, metabolisme, excretie)
Farmaceutische beschikbaarheid= het deel van de toegediende dosis dat
vrijkomt
belang oplosbaarheid, afhankelijk toedieningsvorm
Biologische beschikbaarheid= de fractie van het toegevoegde farmacon
dat in onveranderde vorm de algemene circulatie bereikt.
afhankelijk toedieningsvorm, permatie van het farmacon
,Biopharmaceutical classification system (BCS)
Permeabiliteit: mate van opname door barrière
Biobeschikbaarheid afhankelijk van wateroplosbaarheid
Het recept
- R/ : neem
- S/ : etiket
- f.s.a. : maak volgens de regels van de kunst
- aa: in gelijke delen (voor A en P beide 200mg)
- qs: zoveel als nodig
recept voor 1 gelule, maak er 20 (alles X 20)
Recept wettelijk
- geschreven, gedagtekend en ondertekend door arts
- verdoving aantal eenheden voluit schrijven
o voorkomen fouten en fraude
Giflijsten
- lijst 1-4 + verdoving
- voor elk GM
o lijst
o MED (maximale eenheidsdosis) + MDD (maximale dagdosis)
o Massieve dosis (Mas.D)= 3x dagdosis
- Gebruik
o Controle of een recept mag uitgevoerd worden
o Bepalen of een voorschrift nodig is
o Bepalen of een bereiding in gifkast bewaard moet worden
o Bepalen speciaal etiket
Nr1: doodshoofd
Nr2: ‘de aangegeven hoeveelheid niet overschrijden’
- Etiket bij aflevering
o Inwendig: wit
o Uitwendig: oranje/geel
o Vermelding: naam patiënt, naam voorschrijver, volgnummer, bereidingsdatum,
samenstelling werkzame bestandsdelen
, H2:POEDERS EN CAPSULES
Eigenschappen
- Deeltjesgrootte + distributie heeft invloed op; (hoe kleiner hoe beter, oplosbaarheid stijgt)
o Vloeieigenschappen / mengen
=mate dat stof in holte kan vloeien/lopen
- Vorm
o Vloeieigenschappen/ mengen
- Hygroscopiciteit
o Bewaring bv. Droogstoffen
- Oppervlak: glad/ruw (mortier; glad voor kleine hoeveelheid AS, ruw voor kristalijne stof
zodat deze makkelijker kleiner te maken zijn)
- Bevochtigbaarheid
Vloeieigenschappen verbeteren
- Glijmiddelen (hulpstof)
o Aerosol (=colloïdaal siliciumdioxide, SiO2)
In bereiding van poeders en capsules op kleine schaal
0,1-0,5%
o Mg stearaat
Glijmiddel, antistatisch middel
Hydrofoob nadelige invloed op uiteenvalbaarheid en oplossnelheid
0,25-5%
o Talk (=gehydrateerde Mg-silicaat)
Glijmiddel, vulmiddel, excipiënt voor strooipoeders
Belang vloeieigenschappen
- Mengen
- Industrieel afvullen
- Meten via rheometer: hoeveel stof er kan lopen in een bepaalde tijd in een bepaald
compartiment
Mengen
Doel: homogeen mengsel en geen ontmenging gedurende productieproces
- Oorzaak ontmenging: de te mengen componenten verschillen in;
o Grootte !
o Vorm
o Densiteit / soortelijk gewicht
Wat is galenica?
=het verpakken van een actieve molecule in een voor de patiënt geschikte toedieningsvorm
Geneesmiddel= actief bestandsdeel (=farmacon) + ‘omhulling’/toedieningsvorm
MPH overcoat (relatine)
- Wordt zeer snel opgenomen en heeft een snelle werking
- Maar ook zeer snel afgebroken
- =>gereguleerde afgifte
o Binnen het uur overcoat weg
o Push compartiment: gaat de volgende dosis eruit duwen door water op te nemen en
op te zwellen
o Werking van 12 uur
Regulatie, begrippen en definities
EDQM= european directorate for the quality of medicines & health care
ICH= international council for harmonization of technical requirements for pharmaceuticals for
human use
Voorwaarden ontikkelen nieuw geneesmiddel:
- GM moet gemakkelijke toediening hebben
- Actief bestandsdeel
o Stabiel blijven
o De bedoelde plaats bereiken
(doelorgaan)
o Daar gemakkelijk vrij komen
Ontwikkelen geneesmiddelenvorm;
- Beoogde vrijzettingprofiel
- Excipientia
- Groot aantal vormen en toedieningsplaatsen optimalisatie biologische beschikbaarheid
- Doelstelling: realisatie van toedingsvorm met voorspelbare en reproduceerbare
therapeutische respons
o Voorwaarden
Fysiche/chemische stabiliteit
Reproduceerbare farmaceutische beschikbaarheid
Uniforme dosis
Aanvaardbare microbiologische kwaliteit
- Keuze/selectie obv
o Fysishe en chemische eigenschappen
, Deeltjesgrootte & - oppervlakte
Dissolutie (=oplosbaarheid)
Uniformiteit gehalte (hoeveel aanwezig?)
Sedimentatie suspensie
Depositie inhalatie- aerosolen (plaats afgifte)
Werkzaamheid topische bereidingen (crèmes / zalven)
Oplosbaarheid – zoutselectie
Minimale oplosbaarheid vereist
Zout stijging oplosbaarheid)
Micronisatie (=kleiner maken deeltjes, verpulveren)
Vaste dispersies
Effect van de ph
Dissolutie
Snelheidsbepalende stap in GM met lage oplosbaarheid
Partitiecoëfficiënt
logP of P: lipofiel karakter
permeatiesnelheid = logP, pH, pKa
permeatiesnelheid: snelheidsbepalende stap voor GM met hoge
oplosbaarheid
polymorfie: kristalijne structuren
stabiliteit
o Therapeutische overwegingen
Klinische indicatie
Systemische vs. lokale therapie
Periode van werking
Urgentie vs. chronisch
Leeftijd patiënt
o Biofarmaceutische aspecten
Oraal
Rectaal
Topisch
Respiratoir
Parenteraal
ADME (absorptie, distributie, metabolisme, excretie)
Farmaceutische beschikbaarheid= het deel van de toegediende dosis dat
vrijkomt
belang oplosbaarheid, afhankelijk toedieningsvorm
Biologische beschikbaarheid= de fractie van het toegevoegde farmacon
dat in onveranderde vorm de algemene circulatie bereikt.
afhankelijk toedieningsvorm, permatie van het farmacon
,Biopharmaceutical classification system (BCS)
Permeabiliteit: mate van opname door barrière
Biobeschikbaarheid afhankelijk van wateroplosbaarheid
Het recept
- R/ : neem
- S/ : etiket
- f.s.a. : maak volgens de regels van de kunst
- aa: in gelijke delen (voor A en P beide 200mg)
- qs: zoveel als nodig
recept voor 1 gelule, maak er 20 (alles X 20)
Recept wettelijk
- geschreven, gedagtekend en ondertekend door arts
- verdoving aantal eenheden voluit schrijven
o voorkomen fouten en fraude
Giflijsten
- lijst 1-4 + verdoving
- voor elk GM
o lijst
o MED (maximale eenheidsdosis) + MDD (maximale dagdosis)
o Massieve dosis (Mas.D)= 3x dagdosis
- Gebruik
o Controle of een recept mag uitgevoerd worden
o Bepalen of een voorschrift nodig is
o Bepalen of een bereiding in gifkast bewaard moet worden
o Bepalen speciaal etiket
Nr1: doodshoofd
Nr2: ‘de aangegeven hoeveelheid niet overschrijden’
- Etiket bij aflevering
o Inwendig: wit
o Uitwendig: oranje/geel
o Vermelding: naam patiënt, naam voorschrijver, volgnummer, bereidingsdatum,
samenstelling werkzame bestandsdelen
, H2:POEDERS EN CAPSULES
Eigenschappen
- Deeltjesgrootte + distributie heeft invloed op; (hoe kleiner hoe beter, oplosbaarheid stijgt)
o Vloeieigenschappen / mengen
=mate dat stof in holte kan vloeien/lopen
- Vorm
o Vloeieigenschappen/ mengen
- Hygroscopiciteit
o Bewaring bv. Droogstoffen
- Oppervlak: glad/ruw (mortier; glad voor kleine hoeveelheid AS, ruw voor kristalijne stof
zodat deze makkelijker kleiner te maken zijn)
- Bevochtigbaarheid
Vloeieigenschappen verbeteren
- Glijmiddelen (hulpstof)
o Aerosol (=colloïdaal siliciumdioxide, SiO2)
In bereiding van poeders en capsules op kleine schaal
0,1-0,5%
o Mg stearaat
Glijmiddel, antistatisch middel
Hydrofoob nadelige invloed op uiteenvalbaarheid en oplossnelheid
0,25-5%
o Talk (=gehydrateerde Mg-silicaat)
Glijmiddel, vulmiddel, excipiënt voor strooipoeders
Belang vloeieigenschappen
- Mengen
- Industrieel afvullen
- Meten via rheometer: hoeveel stof er kan lopen in een bepaalde tijd in een bepaald
compartiment
Mengen
Doel: homogeen mengsel en geen ontmenging gedurende productieproces
- Oorzaak ontmenging: de te mengen componenten verschillen in;
o Grootte !
o Vorm
o Densiteit / soortelijk gewicht