Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting - Inleiding privaatrecht (3891)

Vendu
6
Pages
16
Publié le
31-05-2024
Écrit en
2021/2022

Samenvatting van het vak Inleiding privaatrecht van de opleiding HBO Rechten bij de NTI.

Établissement
Cours

Aperçu du contenu

Samenvatting Privaatrecht

Hoofdstuk 1 – Enige grondbeginselen

Rechtsregels: regels die als zodanig worden erkend en door rechters en andere autoriteiten worden
toegepast en afgedwongen. Juridisch relevant en rechtens afdwingbaar.
Andere regels zijn regels van moraal en fatsoen.

Rechtsregels
• Publiekrechtelijk en privaatrechtelijk
Publiekrecht (overheid vs. burger):
o Staatsrecht
o Bestuursrecht
o Belastingrecht
o Strafrecht
Privaatrecht (burger vs. burger):
o Personen- en familierecht
o Vermogensrecht
o Ondernemingsrecht
• Dwingend en aanvullend/regelend
Dwingend: er mag niet afgeweken worden van de rechtsregel.
Aanvullend/regelend: van toepassing wanneer partijen zelf geen regeling hebben getroffen.
• Materieel en formeel
Materieel: inhoud van de rechtsregel
Formeel: proces van de rechtsregel (procesrecht)
• Objectief en subjectief
Objectief: rechtsregel beschrijft de bevoegdheden waarop personen recht kunnen hebben.
Subjectief: recht van de persoon zelf.
Rechtsobject: substantie van elke rechtsbetrekking (loon, koopsom)

Rechtsbronnen
• Wet
o Wet in materiële zin: wetten die voor iedereen gelden, kunnen door verschillende
overheidsorganen uitgevaardigd worden.
o Wet in formele zin: wetten die door regering en Staten-Generaal zijn uitgevaardigd.
Meeste wetten in formele zin zijn ook wetten in materiële zin. Wetten in materiële zin kunnen ook
AMVB, APV etc. zijn.
Rangorde:
Hogere regelingen gaan boven lagere regelingen.
Jongere regelingen gaan voor oudere regelingen.
Bijzondere regelingen gaan voor algemene regelingen.
• Internationale regelingen (IPR)
Verdragen met rechtsregels.
• Jurisprudentie
Blijft van kracht zolang de rechtsregel niet opgenomen is in een wettelijke regeling.
• Gewoonterecht
Gewoonte moet gedurende lange tijd in bepaalde kring zijn gevolgd en de overtuiging moet zijn
ontstaan dat men zich overeenkomstig moet gedragen.
• Ongeschreven recht
Redelijkheid en billijkheid en sommige algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

Burgerlijk Wetboek: getrapte opbouw en schakelbepalingen.
Rechtssubjecten: natuurlijke personen en rechtspersonen.

1

,Rechtspersonen: privaatrechtelijke rechtspersonen en publiekrechtelijke rechtspersonen (en
kerkgenootschappen).
Rechtsbevoegd: rechtssubjecten zijn dragers van rechten en plichten.
Handelingsbekwaam: in staat zijn onaantastbare rechtshandelingen te verrichten.

Hoofdstuk 2 – Vermogensrecht algemeen

Vermogen: op geld waardeerbare bezittingen en schulden die een persoon heeft.
Goederen: zaken en vermogensrechten.

Zaken: stoffelijke voorwerpen
• Onroerende zaken
• Roerende zaken

Eenheidsbeginsel: de hoofdzaak met bestanddelen vormt één zaak.
Natrekking: een bepaalde zaak gaat één geheel vormen met een andere zaak.

Registergoederen: voor vestiging of overdracht is inschrijving nodig in openbare registers.
• Alle onroerende zaken
• Bepaalde schepen en luchtvaartuigen
• Sommige vermogensrechten
Niet-registergoederen: alles dat geen registergoed is.

Vermogensrechten: rechten die overdraagbaar zijn, voordeel verschaffen en verkregen zijn in ruil voor
voordeel.
• Absolute rechten: kunnen tegenover iedereen worden uitgeoefend.
o Zakelijk: rusten op zaken
o Niet-zakelijk: rusten op voortbrengselen van de geest
Drie kenmerken:
1. Exclusiviteit
2. Zaaksgevolg (droit de suite)
3. Gesloten systeem
• Relatieve rechten: kunnen tegenover één bepaalde persoon worden uitgeoefend (wederpartij).
Ook wel persoonlijke rechten of vorderingsrechten genoemd. Ontstaan uit verbintenis.

Beperkte rechten: absolute vermogensrechten, afgeleid uit een meeromvattend recht.
• Genotsrechten: recht op gedeelte van een zaak (bijv. erfpacht).
• Zekerheidsrechten: dienen tot zekerheid voor de voldoening van een vordering.

Afhankelijke rechten: rechten die zodanig aan een ander recht verbonden zijn, dat ze niet zonder dat recht
kunnen bestaan. Deze rechten zijn niet apart overdraagbaar en volgen het recht waaraan zij verbonden
zijn. Bijvoorbeeld pand- en hypotheekrecht en borgtocht.

Zekerheden:
• Persoonlijke zekerheid: iemand anders dan de schuldenaar kan ook aangesproken worden via
borgtocht of hoofdelijkheid.
• Goederenrechtelijke zekerheid: voorrang op andere schuldeisers via pand- en hypotheekrecht.

Prioriteitsbeginsel: bij botsing twee beperkte rechten heeft oudste recht voorrang (op basis van tijdstippen
inschrijving register of uit de wet c.q. tijdstip van vestiging).

Botsing twee vorderingsrechten: uitgangspunt is gelijkheid van schuldeisers: concurrente crediteuren.
Tenzij in geval van voorrang door pand- en hypotheekhouder of overeengekomen achterstelling.

2

, Vijf uitzonderingen op hoofdregel van gelijkheid schuldeisers.
1. Twee botsende rechten op levering: oudste recht gaat voor c.q. absolute zakelijke recht gaat voor
relatief persoonlijk recht.
2. Kwalitatieve rechten: wanneer een uit een overeenkomst voortvloeiend recht in zodanig verband staat
met een aan de schuldeiser toebehorend goed dat hij dat dat recht slechts belang heeft zolang hij het
goed behoudt, dan gaat dat recht over op degene die het goed onder bijzondere titel verkrijgt.
3. Bescherming van een derde tegen een beschikkingsonbevoegde voorganger: roerende zaken hebben
geen gevolg.
4. Koop breekt geen huur.
5. Onrechtmatige-daadactie.

==================================================================================

Hoofdstuk 1 – Rechtshandeling en overeenkomst

Rechtshandeling: de handeling die erop gericht is een bepaald rechtsgevolg in het leven te roepen.
• Eenzijdig: wilsverklaring van één persoon is voldoende
• Meerzijdig: wilsverklaring van twee of meer personen = overeenkomst
• Ongericht: rechtshandeling is niet gericht tot een bepaald persoon
• Gericht: rechtshandeling is gericht tot een bepaald persoon

Rechtshandelingen kunnen onder een tijdsbepaling of een voorwaarde worden verricht.
Deze hebben dan een opschortende of ontbindende werking.

Vereisten voor totstandkoming geldige rechtshandeling:
• Persoon moet handelingsbekwaam zijn
• Persoon moet handelingsbevoegd zijn
• Wilsverklaring en indien nodig, vorm

Handelingsbekwaamheid
Iedere natuurlijke persoon is geschikt om voor zichzelf rechtshandelingen tot stand te brengen.
Onbekwaam zijn minderjarigen en onder curatele gestelden.

Handelingsbevoegdheid
Handelingsbekwame personen kunnen op een bepaald gebied onbevoegd zijn een rechtshandeling te
verrichten om de schijn van misbruik te voorkomen (art 3:43 BW).

Wilsverklaring
Er moet een op rechtsgevolg gerichte wil zijn die zich door een verklaring heeft geopenbaard.
Soms schrijft de wet voor een bepaalde handeling een bepaalde vorm van wilsverklaring voor.

Dubbele grondslag van totstandkoming rechtshandelingen
1. Wil en verklaring stemmen overeen, rechtshandeling komt tot stand.
2. Wil en verklaring stemmen niet overeen, maar op grond van het vertrouwensbeginsel komt er toch een
rechtshandeling tot stand.

Uitzonderingen:
• Tikfouten (evident dat wil en verklaring niet overeenstemmen)
• Geestelijke stoornis, wanneer er een causaal verband is tussen stoornis en wilsverklaring is en/of het
voor wederpartij zichtbaar is.

Moment totstandkoming rechtshandeling: het moment waarop de verklaring (aanvaarding) de wederpartij
heeft bereikt.

3

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Publié le
31 mai 2024
Nombre de pages
16
Écrit en
2021/2022
Type
RESUME

Sujets

$8.35
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Reviews from verified buyers

Affichage de tous les 2 avis
8 mois de cela

10 mois de cela

3.5

2 revues

5
1
4
0
3
0
2
1
1
0
Avis fiables sur Stuvia

Tous les avis sont réalisés par de vrais utilisateurs de Stuvia après des achats vérifiés.

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
hdekruijff NTI
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
15
Membre depuis
4 année
Nombre de followers
0
Documents
10
Dernière vente
1 semaine de cela

3.7

3 revues

5
1
4
1
3
0
2
1
1
0

Documents populaires

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions