VERBAAL GEDRAG NON-VERBAAL GEDRAG
Lichaamshouding Een open houding (geopende armen) biedt
toegankelijkheid. Een gesloten houding (gesloten armen)
komt defensief over en is niet motiverend.
Oogcontact Kijk de spreker regelmatig aan, maar niet constant. Dit
voelt onaangenaam en kan intimiderend zijn. Teveel
om je heen kijken, komt ongeïnteresseerd over.
Gezichtsuitdrukking Neem de juiste gezichtsuitdrukking aan. Bij een
emotioneel verhaal kan je niet gaan lachen. Fronzen laat
zijn dat je verbaas bent.
Aanmoedigingen Hiermee moedig je de spreker aan om verder te gaan
met zijn of haar verhaal. Bijvoorbeeld: “Wat lastig nou”,
“Dat is leuk zeg!” of “Wat vervelend!”
Lichaamshouding Een open houding (geopende armen) biedt
toegankelijkheid. Een gesloten houding (gesloten armen)
komt defensief over en is niet motiverend.
Oogcontact Kijk de spreker regelmatig aan, maar niet constant. Dit
voelt onaangenaam en kan intimiderend zijn. Teveel
om je heen kijken, komt ongeïnteresseerd over.
Gezichtsuitdrukking Neem de juiste gezichtsuitdrukking aan. Bij een
emotioneel verhaal kan je niet gaan lachen. Fronzen laat
zijn dat je verbaas bent.
Aanmoedigingen Hiermee moedig je de spreker aan om verder te gaan
met zijn of haar verhaal. Bijvoorbeeld: “Wat lastig nou”,
“Dat is leuk zeg!” of “Wat vervelend!”