Bestuursrecht
Inhoudsopgave
Hoorcollege 1, blz. 2;
Hoorcollege 2, blz. 3;
Hoorcollege 3, blz. 4;
Hoorcollege 4, blz. 5;
Hoorcollege 5, blz. 6;
Hoorcollege 6, blz. 7;
Hoorcollege 7, blz. 8;
Hoorcollege 8, blz. 9;
Hoorcollege 9, blz 10;
Hoorcollege 10, blz. 11.
1
,Hoorcollege 1
Staats- en Bestuursrecht realiseert de democratsche rechtsstaat.
De democratsche rechtsstaat wordt onder meer verwezenlijktt door de volgende 4 elementen:
- Het legaliteitsbeginsel;
- De machtenscheiding;
- De onafanktelijkte en onpartjdige rechtspraakt; en
- De grondrechten.
Het bestuursrecht ktent 2 dimensies:
De waarborgdimensie, deze normeert de bestuursbevoegdheid en biedt zo grenzen en
voorwaarden waaronder het bestuur zijn bevoegdheid ktan uitoefenen.
De instrumentele dimensie, het bestuursrecht biedt de overheid middelen (instrumenten)
om de samenleving te sturen.
2
, Hoorcollege 2
De bronnen van het bestuursrecht zijn:
Wet- en regelgeving;
Jurisprudente
Ongeschreven beginselen:
- Algemene beginselen (zoals het legaliteitsbeginsel)
- Abbb’s (zoals het vertrouwensbeginsel, het materiële zorgvuldigheidsbeginsel)
Instrumentele functe van het bestuursrecht: het bestuursrecht biedt de overheid middelen
(instrumenten) om de samenleving te sturen.
Waarborgfuncte: biedt bescherming tegen overheidsoptreden.
De Awb ktent geen bevoegdheden toe. De instrumentele functe vindt men alleen in de bijzondere
weten.
Onderdelen van de waarborgfuncte zijn:
- Het ktlachtrecht; de ombudsman , deze toetst de behoorlijktheid van een overheidsgedraging.
- De bestuurlijkte voorprocedure; dit betref een volle toets van doelmatgheid en
rechtmatgheid van een besluit.
- Beroep; dit betref de toetsing op rechtmatgheid van een besluit door de rechter.
De Awb is een codifcate van het algemeen deel van het bestuursrecht. het is een
aanbouwwetgeving, het is opgebouwd in tranches en afzonderlijkte weten.
(de commissie Warb (voorganger Awb) is nu een adviserend orgaan)
Het centrale doel van de Awb is:
- Het bevorderen van de rechtsgelijktheid en rechtszekterheid;
- Bevorderen van de eenheid binnen de bestuurswetgeving;
- Systematseren en vereenvoudigen van de bestuurswetgeving;
- Codifceren van ongeschreven recht en jurisprudente; en
- Trefen van bijzondere (algemene) voorzieningen (zoals een doorzendplicht, dit is iets wat
niet in een bijzondere wet geregeld wordt)
Er zijn 4 wetgevingstechniekten:
1. Dwingend recht, art. 6:7 Awb;
2. Regelend recht, de hoofdregel staat dan in de Awb, maar afwijkten daarvan man, art. 4:1
Awb;
3. Aanvullende recht, wordt in de bijzondere wet geregeld, maar de bepaling in de Awb geldt
als een vangnet art. 4:13 Awb;
4. Facultatef recht, art. 3:10 Awb (openbare voorbereidingsprocedure).
3