Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 54 pages
Summary

Samenvatting Child Development - Ontwikkelingspsychologie ()

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 54 pages

Dit is een samenvatting van Child Development voor het vak ontwikkelingspsychologie voor het eerste jaar van de studie psychologie van de Universiteit Utrecht. Het boek is kort en volledig samengevat.

Content preview

Voorwoord
Ontwikkelingspsychologie is de wetenschappelijke studie van de ontwikkeling van menselijke
psychologische functies, zoals perceptie, kennis, denken, geheugen, emotie en taal.

Cultuur is belangrijk, bovendien moeten individuelen niet in isolatie bestudeerd worden, maar
met sociale relaties en culturele omstandigheden. Niet alleen huidige, maar ook de oorsprong
van deze.

Meesten die bestudeerd zijn door ontwikkelingspsychologen zijn WEIRD mensen → “Western,
Educated, Industrialized, Rich, and Democratic”. Dus niet representatief voor de hele wereld.

De meesten culturen herkennen 6 levensfases:

1- Omvat de geboorte, de pasgeborene en de kindertijd
2- Begint wanneer zorggevers denken dat het kind kan overleven, lopen i.p.v. kruipen
3- Onafhankelijk van zorggevers d.m.v. zindelijkheidstraining
4- Omvat taken, meisjes binnen huis, jongens vaak buiten
5- Puberteit, is kort en eindigt met jongeren die samen gaan wonen
6- Begint vaak met huwelijk, het grootbrengen van kinderen

Stadia = perioden van stabiliteit

Overgangen = periodes van snelle verandering

- Dramatische verandering van de manier waarop het kind in de wereld staat.

Een ontwikkelingstraject is de progressie of lijn van ontwikkeling dat typisch is voor een kind in
een specifieke culturele setting.



Hoofdstuk 1: Theoretische perspectieven in de ontwikkelingspsychologie
Ontwikkeling is een historisch complex dat in elk stadium de inhoud uit het verleden
weerspiegelt. Alle ontwikkelingspsychologen maken gebruik van een theoretisch perspectief,
dit is een lens waardoor je naar het kind kunt kijken. Elk perspectief bevat veronderstellingen
over de processen van menselijke ontwikkeling, de rollen van nature en nurture, of ontwikkeling
een continu of discontinu proces is, wat ervoor zorgt dat individuen verschillen in
psychologische karakteristieken en de geschikte manier om onderzoek uit te voeren.

5 perspectieven:

1- Genetische psychologie: 1890s-1950s
2- Behaviorisme: 1930s-1950s
3- Cognitieve ontwikkelingspsychologie: 1957- vandaag
4- Constructivisme: 1950s – vandaag
5- Culturele psychologie: 1980s – vandaag

AD 1 : genetische psychologie

Bij de genetische psychologie werd de focus gelegd op de endogene factoren; invloeden binnen
het kind. De term “genetisch” verwijst niet naar de genen, maar naar een focus op de oorsprong



1

,Granville Stanley Hall: Recapitulatie

= het individueel herleeft de evolutionaire stadia van de geschiedenis van zijn ras. De
biologische “erfenis” bepaald dus hoe een kind opgroeit (cultuur speelt geen rol).

- De ontwikkeling van een individu is een weerspiegeling van de evolutionaire ontwikkeling
van de mensheid.

Deterministen geloven dat psychologische ontwikkeling compleet bepaald wordt door
erfelijkheid.

De kenmerken van elke ontwikkelingsfase werden gezien als reflecties van eerdere evolutie.

Arnold Gesell: benadrukte de rol van biologische maturatie.

Wetenschappelijke studie van de ontwikkeling van kinderen moet gebaseerd zijn op empirische
feiten. Ontwikkeling gebeurt via verschillende stadia, maar het is altijd vloeiend en continu.
Ontwikkeling is het resultaat van de interactie tussen kind en omgeving.

Erik Erikson: een psychosociaal model van ontwikkeling

Menselijke ontwikkeling is een levenscyclus dat door verschillende stadia gaat. Elk stadia heeft
zijn eigen dynamieken, deze zijn het resultaat van de wetten van individuele ontwikkeling en van
sociale organisatie. Elk stadia heeft een crisis; “een noodzakelijk keerpunt, een cruciaal
moment wanneer de ontwikkeling de ene of de andere kant op moet”. Ook heeft elke stadium
een moratorium; een tijdelijke vertraging waarin een individu tijd krijgt om de moeilijkheden van
dat stadium te overwinnen.

Cross-sectioneel onderzoek = kinderen van verschillende leeftijden werden vergeleken

Twin studies= het vergelijken van ééneiige en twee-eiige tweelingen, samen of apart opgevoed

Longitudinaal onderzoek = herhaalde observaties van participanten over een langere periode.

- Verschillen bij dit type onderzoek zijn het minst waarschijnlijk, omdat er sprake kan zijn
van confounds ; verschillen tussen generaties of historische veranderingen.



AD 2: Behaviorisme

Het behaviorisme legt de nadruk op exogene factoren; invloeden van buiten het kind. Vanuit dit
perspectief wordt ontwikkeling/leren veroorzaakt door het ‘vormgeven’ van gedrag, vaak door
beloning en straf.

Ontwikkeling wordt gezien als een geleidelijk, continu proces waarin er geen te onderscheiden
stadia zijn en evolutie speelt geen rol.

John B. Watson omschreef behaviorisme als een puur objectieve wetenschap. Alleen hetgeen
wat direct geobserveerd kan worden moet bestudeerd worden.

Belangrijk concept van behaviorisme is conditionering.

- Klassieke conditionering; de responses van een organisme zijn veranderd wanneer een
omgeving stimulus, wat eerst geen respons opriep, komt om het optreden van een
tweede stimulus aan te geven.


2

, - “Little Albert” experiment



Ivan Pavlov: geconditioneerde reflex

= een neutrale stimulus wordt gepresenteerd naast een tweede ongeconditioneerde stimulus.
De aangeboren reflex reactie op de ongeconditioneerde stimulus wordt geproduceerd bij de
aanwezigheid van de neutrale stimulus.

Skinner: radicale behaviorist. Gevoelens en mentale staat kunnen wel bestudeerd worden.

Operante conditionering = ‘operants’ zijn gedragingen actief geproduceerd door een
organisme.

- Een leerprocedure waarin spontaan (i.p.v. reflexen) geproduceerd gedrag gevormd
worden door versterking

Als een bepaald gedrag wordt beloond zal deze vaker optreden en andersom.

Albert Bandura; leren door imitatie of modeling

Observationeel leren = kinderen kunnen nieuw gedrag leren, zonder beloning te krijgen, alleen
door anderen te observeren. Hij noemt dit ook sociaal leren

- Bobo doll experiment

Zelfregulatie:

Een kind controleert haar eigen gedrag via 3 stappen:

1- Zelfobservatie; een kind monitort haar eigen gedrag
2- Oordeel; kind vergelijkt wat ze heeft gedaan met het standaard
3- Zelf-reactie; kind geeft zichzelf beloning of straf

Op lange termijn ontwikkelt kind een ‘self-esteem’ gebaseerd op haar geschiedenis van zelf-
straf of zelf-beloning. ‘Zelfeffectiviteit’ is een persoon zijn geloof in zijn vermogen om een
bepaalde taak uit te voeren.
Bandura noemt dit de sociale cognitieve theorie. Mensen zijn zelf organiserend.

Logisch positivisme =

Wetenschappelijk onderzoek vereist de opzet van experimenten met onafhankelijke en
afhankelijke variabelen, die gedefinieerd zijn in termen van meten en manipulatie. Er moet
statistische analyse gedaan worden.



AD 3: cognitieve ontwikkelingspsychologie

Legt de nadruk op zowel exogene als endogene factoren. Gaat voornamelijk over informatie
verwerken. Het brein wordt gezien als een soort computer. Niet alleen maar nadruk
observeerbaar gedrag maar ook interne processen.
Informatie-verwerkingsmodel: mens is computer

Mensen hebben bepaalde “theorieën” over de wereld, dit zijn mentale modellen. Op basis van
ervaring.

3

, Chomsky: onderscheiding tussen taalkundige competentie en prestatie

Taalkundige competentie = iemands kennis over een taal
Taalkundige prestatie = daadwerkelijk gebruik van taal in concrete situaties

Grammatica is volgens hem een informatie-verwerkingssysteem.


Sommige cognitivisten zijn nativisten; geloven dat een kinds informatieverwerking capaciteiten
grotendeels aangeboren zijn en niet veel veranderen gedurende de ontwikkeling.

Doel onderzoek vanuit cognitief perspectief: te reconstrueren wat wordt verondersteld de
onderliggende cognitieve competentie van het kind te zijn.



AD 4: constructivisme

Deze theorie legt ook de nadruk op zowel endogene als exogene factoren. Focust op de
interactie tussen kind en omgeving, het kind is actief aan het ontdekken. Zowel biologie van het
kind als de omgeving is even belangrijk voor de ontwikkeling.

Jean Piaget: logica komt voort uit de spontane organisatie van de acties van het menselijk
organisme. Gelooft dat ontwikkeling inhoudt dat kinderen zich aanpassen aan de omgeving.

Functies in het proces van ontwikkeling die niet veranderen (volgens Piaget):

1- Assimilatie = het kind past haar handelingspatronen toe
2- Accommodatie = het kind past deze patronen aan

Piaget omschrijft ontwikkeling als constant veranderende schema’s.
Schema’s = een samenhangende actiereeks met acties die nauw met elkaar verbonden zijn en
worden beheerst door een kernbetekenis.

- Een schema is een basis blok van kennis. Een kind past zich aan de omgeving aan d.m.v.
schema’s

Equilibrium = als er een balans is tussen assimilatie en accommodatie. Volgens Piaget is dit het
optimale pad van aanpassing en intelligentie.

Ontwikkelingsfases volgens Piaget:
(deze zijn universeel en volgen een vaste volgorde gebaseerd op aanpassing)

Fase Structuren van kennis
Infancy & kleutertijd Sensomotorische kennis
Vroege kindertijd Preoperationele kennis
Middel kindertijd Concrete operationele kennis
Puberteit / adolescentie Formele operationele kennis


AD 4.1: infancy & kleutertijd: sensomotorische kennis (0-2,5 jaar)

Tijdens de eerste 2,5 jaar is het kind bezig met het creëren van een praktisch begrip van ruimte,
tijd, causaliteit en object = de bouw van realiteit.

AD 4.2: Vroege kindertijd: pre-operationeel denken (2,5 – 7 jaar)

4

Connected book
 image
Martin J. Packer Child Development
Publisher: 2021 ISBN: 9781529756517 Edition: Unknown

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 1 t/m 12
Uploaded on
March 18, 2024
Number of pages
54
Written in
2023/2024
Type
Summary
$9.63

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
8
Followers
3
Items
6
Last sold
5 months ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions