Domein D: Markt
Vraag en aanbod
Markt: een plaats waar vraag en aanbod bij elkaar komen
Concrete markt: direct contact
Abstracte markt: totale vraag en aanbod
De betalingsbereidheid geeft aan hoeveel iemand maximaal bereid is om uit te geven aan een bepaald
product.
Het heeft te maken met iemands behoeften en prioriteiten, maar ook beschikbare middelen (inkomen)
Andere factoren: aantal vragers, behoeften, prijzen van andere producten
Vraag wordt voornamelijk beïnvloed door de prijs
Dalende vraaglijn: hogere prijs – vraag is klein (negatief verband)
Vraaglijn zal in geheel verplaatsen als er een verandering is van factoren die
de vraag beïnvloeden. Verandering van de prijs van een product veranderd
langs de vraaglijn.
Collectieve vraag: verzameling consumenten die vraag uitoefenen
Producenten zullen bij een hoge prijs meer aanbieden en bij een lagere prijs
minder aanbieden (positief verband)
Collectief aanbod: verzameling producenten die aanbieden
Aanbodlijn wordt beïnvloed door: prijzen van productiefactoren, technische
ontwikkeling, aantal aanbieders
Het samenspel van vraag en aanbod door middel van prijzen bepaald hoeveel er geproduceerd wordt.
Prijs Vraag Aanbod
Stijgt Daalt Stijgt
Daalt Stijgt Daalt
De werking van de markt kan ook met behulp van vergelijkingen worden weergegeven
Qv = Qa (gevraagde hoeveelheid = aangeboden hoeveelheid)
Qv = -2P + 44 Qa = 2P – 12 2P – 12 = -2P + 44
P = 14
Ter controle: evenwichtsprijs in de aanbod-/vraagfunctie invullen
De evenwichtsprijs is de prijs waarvoor geldt dat bij die prijs consumenten het product willen kopen
en aanbieders het product willen verkopen (geen overschot markt geruimd)
Aanbodkant van de economie = productiekant of de kostenkant
Vaste (constante kosten) = CK Variabele kosten = VK
Een onderneming is deze kosten kwijt, Kosten zijn afhankelijk van de omvang
ongeacht de hoeveelheid producten. van de productie.
(Hoe groter de productie, hoe lager de
constante kosten per product)
TK = totale kosten TVK = totale variabele kosten TCK = totale
constante kosten
(TK = TVK + TCK)
GTK = gemiddelde totale kosten GCK = gemiddelde constante kosten
(GTK = TK/Q)
, Proportionele variabele kosten: kosten lopen gelijk op met
productie
Progressief variabele kosten: kosten stijgen sterker dan
productie
Degressief variabele kosten: kosten stijgen minder sterk dan
productie
Marginale kosten (MK): extra kosten bij de productie van 1 extra productie
(verandering TK/verandering q)
TO = totale opbrengst GO = gemiddelde opbrengst MO = marginale opbrengst
(TO = P x Q) = omzet (GO = TO/q) (MO = delta TO/delta q)
Break-even: kosten zijn gelijk aan opbrengsten TO = TK &
GO = GTK
Er wordt geen winst of verlies gemaakt
TK = 4q + 480.000 TO = 10q (TO = TK)
10q = 4q + 480.000
q = 80.000 break-even afzet (BEA)
80.000 x 10 = 800.000 break-even omzet (BEO)
Maximale winst MO = MK
Een bedrijf wilt zoveel mogelijk winst maken, ze willen dit maximaliseren.
Als we één extra product produceren, levert dat precies even veel op als dat het kost.
Hoeveel winst er wordt gemaakt wordt bepaald door de kostenkant erbij te betrekken.
TO = P x Q TW = TO – TK
Prijselasticiteit en inkomenselasticiteit
Met de prijselasticiteit van de vraag wordt via een getal aangegeven wat het effect is van een
verandering van de prijs op de gevraagde hoeveelheid.
((Nieuwe q – oude q)/oude q x 100) / ((nieuwe prijs – oude prijs)/oude prijs x 100) = getal
Procentuele verandering vraag/procentuele verandering prijs x 100% = prijselasticiteit van de vraag
Normale situatie: vraag positief getal & prijs negatief getal
vraag negatief getal & prijs positief getal
vraag reageert op prijs van een product
elastisch: als de prijselasticiteit kleiner is dan -1 (reageert op prijsverandering)
Als p daalt omzet stijgt
Als p stijgt omzet daalt
inelastisch: als de prijselasticiteit groter is dan -1 (reageert minder heftig op prijsverandering)
Als p daalt omzet daalt
Als p stijgt omzet stijgt
Betalingsbereidheid: maximale prijs die een consument wenst te betalen.
Consumentensurplus (-overschot): consumenten die bereid zijn een
hogere prijs te betalen dan de evenwichtsprijs
Vraag en aanbod
Markt: een plaats waar vraag en aanbod bij elkaar komen
Concrete markt: direct contact
Abstracte markt: totale vraag en aanbod
De betalingsbereidheid geeft aan hoeveel iemand maximaal bereid is om uit te geven aan een bepaald
product.
Het heeft te maken met iemands behoeften en prioriteiten, maar ook beschikbare middelen (inkomen)
Andere factoren: aantal vragers, behoeften, prijzen van andere producten
Vraag wordt voornamelijk beïnvloed door de prijs
Dalende vraaglijn: hogere prijs – vraag is klein (negatief verband)
Vraaglijn zal in geheel verplaatsen als er een verandering is van factoren die
de vraag beïnvloeden. Verandering van de prijs van een product veranderd
langs de vraaglijn.
Collectieve vraag: verzameling consumenten die vraag uitoefenen
Producenten zullen bij een hoge prijs meer aanbieden en bij een lagere prijs
minder aanbieden (positief verband)
Collectief aanbod: verzameling producenten die aanbieden
Aanbodlijn wordt beïnvloed door: prijzen van productiefactoren, technische
ontwikkeling, aantal aanbieders
Het samenspel van vraag en aanbod door middel van prijzen bepaald hoeveel er geproduceerd wordt.
Prijs Vraag Aanbod
Stijgt Daalt Stijgt
Daalt Stijgt Daalt
De werking van de markt kan ook met behulp van vergelijkingen worden weergegeven
Qv = Qa (gevraagde hoeveelheid = aangeboden hoeveelheid)
Qv = -2P + 44 Qa = 2P – 12 2P – 12 = -2P + 44
P = 14
Ter controle: evenwichtsprijs in de aanbod-/vraagfunctie invullen
De evenwichtsprijs is de prijs waarvoor geldt dat bij die prijs consumenten het product willen kopen
en aanbieders het product willen verkopen (geen overschot markt geruimd)
Aanbodkant van de economie = productiekant of de kostenkant
Vaste (constante kosten) = CK Variabele kosten = VK
Een onderneming is deze kosten kwijt, Kosten zijn afhankelijk van de omvang
ongeacht de hoeveelheid producten. van de productie.
(Hoe groter de productie, hoe lager de
constante kosten per product)
TK = totale kosten TVK = totale variabele kosten TCK = totale
constante kosten
(TK = TVK + TCK)
GTK = gemiddelde totale kosten GCK = gemiddelde constante kosten
(GTK = TK/Q)
, Proportionele variabele kosten: kosten lopen gelijk op met
productie
Progressief variabele kosten: kosten stijgen sterker dan
productie
Degressief variabele kosten: kosten stijgen minder sterk dan
productie
Marginale kosten (MK): extra kosten bij de productie van 1 extra productie
(verandering TK/verandering q)
TO = totale opbrengst GO = gemiddelde opbrengst MO = marginale opbrengst
(TO = P x Q) = omzet (GO = TO/q) (MO = delta TO/delta q)
Break-even: kosten zijn gelijk aan opbrengsten TO = TK &
GO = GTK
Er wordt geen winst of verlies gemaakt
TK = 4q + 480.000 TO = 10q (TO = TK)
10q = 4q + 480.000
q = 80.000 break-even afzet (BEA)
80.000 x 10 = 800.000 break-even omzet (BEO)
Maximale winst MO = MK
Een bedrijf wilt zoveel mogelijk winst maken, ze willen dit maximaliseren.
Als we één extra product produceren, levert dat precies even veel op als dat het kost.
Hoeveel winst er wordt gemaakt wordt bepaald door de kostenkant erbij te betrekken.
TO = P x Q TW = TO – TK
Prijselasticiteit en inkomenselasticiteit
Met de prijselasticiteit van de vraag wordt via een getal aangegeven wat het effect is van een
verandering van de prijs op de gevraagde hoeveelheid.
((Nieuwe q – oude q)/oude q x 100) / ((nieuwe prijs – oude prijs)/oude prijs x 100) = getal
Procentuele verandering vraag/procentuele verandering prijs x 100% = prijselasticiteit van de vraag
Normale situatie: vraag positief getal & prijs negatief getal
vraag negatief getal & prijs positief getal
vraag reageert op prijs van een product
elastisch: als de prijselasticiteit kleiner is dan -1 (reageert op prijsverandering)
Als p daalt omzet stijgt
Als p stijgt omzet daalt
inelastisch: als de prijselasticiteit groter is dan -1 (reageert minder heftig op prijsverandering)
Als p daalt omzet daalt
Als p stijgt omzet stijgt
Betalingsbereidheid: maximale prijs die een consument wenst te betalen.
Consumentensurplus (-overschot): consumenten die bereid zijn een
hogere prijs te betalen dan de evenwichtsprijs