Individuele ontwikkeling op de werkvloer
Boek individueel gedrag op de werkvloer, MC toets
College 1 wat houdt het in?
- Demografsche veranderingen, ooals vrouwelijkheid
- Globalisering
- Verplaatsing banen naar lagelonenlanden
- Concurrente eist feeibele werknemers
- Technologische veranderingen; robotsering
- Bewustwording, duuroaamheid
Organisatonal behaviour model
Workplace deviance: iets doen ten koste van de organisate omdat je ontevreden bent; ooals
internetsurfen tjdens werktjd of stelen uit de kassa
Absenteïsme: niet naar het werk komen -> hoge kosten voor de organisate
Personeelsverloop (turnover): mensen gaan weg bij de organisate -> vrijwillig of onvrijwillig, vaak
werknemers die men niet kwijt wilt.
Productviteit: effectef (ddoel vs efciint (dkosten ten opoichte van het doel , leefijd heef hier geen
invloed op
Afwijkend gedrag: vrijwillig gedrag dat indruist tegen organisatenormen, komt voort uit onvrede en
verooroaakt onvrede
Organizatonal citzensship beshaviour: gedrag dat niet in de taak- en functeomschrijving staat maar
wel hele duidelijke positeve invloed heef op het effectef functoneren van de organisate ->
spontane actes wat voort komt uit altruïsme en ‘compliance/aanpassingsvermogen’ ooals
overwerken of taken van de ander op je nemen om te helpen
Vermijdbaar verzuim/avoidable absenteeism: ooals niet op komen dagen op werk omdat je een
kater hebt
Duur dienstverband/employement tenure
- Positef verband met productviteit
- Negatef verband met absenteïsme
- Positef verband met baantevredenheid
- Voorpeller van lang dienstverband bij volgende baan – bv beoordeling van het CV
Diversiteit binnen organisates
Surface level diversity: oichtbare verschillen ooals leefijd en geslacht,
huidskleur (dgeen invloed -> biograpshical csharacteristcs
Boek individueel gedrag op de werkvloer, MC toets
College 1 wat houdt het in?
- Demografsche veranderingen, ooals vrouwelijkheid
- Globalisering
- Verplaatsing banen naar lagelonenlanden
- Concurrente eist feeibele werknemers
- Technologische veranderingen; robotsering
- Bewustwording, duuroaamheid
Organisatonal behaviour model
Workplace deviance: iets doen ten koste van de organisate omdat je ontevreden bent; ooals
internetsurfen tjdens werktjd of stelen uit de kassa
Absenteïsme: niet naar het werk komen -> hoge kosten voor de organisate
Personeelsverloop (turnover): mensen gaan weg bij de organisate -> vrijwillig of onvrijwillig, vaak
werknemers die men niet kwijt wilt.
Productviteit: effectef (ddoel vs efciint (dkosten ten opoichte van het doel , leefijd heef hier geen
invloed op
Afwijkend gedrag: vrijwillig gedrag dat indruist tegen organisatenormen, komt voort uit onvrede en
verooroaakt onvrede
Organizatonal citzensship beshaviour: gedrag dat niet in de taak- en functeomschrijving staat maar
wel hele duidelijke positeve invloed heef op het effectef functoneren van de organisate ->
spontane actes wat voort komt uit altruïsme en ‘compliance/aanpassingsvermogen’ ooals
overwerken of taken van de ander op je nemen om te helpen
Vermijdbaar verzuim/avoidable absenteeism: ooals niet op komen dagen op werk omdat je een
kater hebt
Duur dienstverband/employement tenure
- Positef verband met productviteit
- Negatef verband met absenteïsme
- Positef verband met baantevredenheid
- Voorpeller van lang dienstverband bij volgende baan – bv beoordeling van het CV
Diversiteit binnen organisates
Surface level diversity: oichtbare verschillen ooals leefijd en geslacht,
huidskleur (dgeen invloed -> biograpshical csharacteristcs