Geschiedenis van het Oude Nabije
Oosten: deel 1
1. Inleiding: situering in tijd en ruimte
1.1. Geografische context
1.1.1. Terrein
Levant = relatief smalle strook die zich aan de oostkust van de MZ uitstrekt van
de zee tot de Syro-Arabische Woestijn an van Anatolië tot de Sinaï woestijn ih
zuiden
Ruime geografie
• Vruchtbare Sikkel
o Egypte
o Syro-Palestina
o Mesopotamië
= veel contacten; vruchtbare gebieden rond de S-A woestijn
• MZ-bekken
= verbinding m o.a. Cyprus
, ° landbouw revolutie + ertussen ligt de Syro-
Arabische woestijn die ontoegankelijk was voor de komst vd kameel
Routes
• Over land: de belangrijkste routes volgen de VS (de woestijn werd pas
vanaf het 1e millennium in gebruik genomen) m oa. Egyp/Meso
Bv. van Eygpte via Megiddo & Jizreëlvlakte naar Hazor & Damascus en
dan en meer n en meer z route
Z: via Tadmor naar Mari op de Eufraat
N: via Aleppo naar de Eufraat
• Over zee: kustvaart langs de hele MZkust was belangrijk voor de handel
bv. Ugarit – Cyprus (aardewerk/koper)
Naamgeving
= wetenschappelijk/religieus/politiek perspectief!
• Hele gebied
o Syro-Palestina
, ▪ MAAR: anachronisme want gaat terug op Romeinse
provincie Syria Palaestina
o Levant
▪ ‘Land vd opgaande zon’ = meer neutraal
o (West)-Syrië + Libanon + Palestina/Israël
▪ MAAR: politiek want gebieden uit elkaar getrokken
• Zuidelijke Levant
o Palestina
▪ MAAR: naam die tot 1e helft 20e E w gegeven aan het hele
gebied maar nu enkel Arabisch talige regio’s in ZL (dus geen
Palestijnse joden)
o (Erets) Israël
▪ In staat Israël m Erets benoemd om verschil te maken m het
hedendaagse Israël
o Heilig Land of Land vd Bijbel
o Kanaän
▪ ‘Laagland’ = meer neutrale term / al in Bijbelse literatuur
gebruikt
Lokale geografie
Noordelijke Levant
= 4 parallelle reliëfzones, deel van de grote N-Z breuklijn (=grote slenk)1 die ook
parallel liggen aan de MZ
1) Kustlijn (Fenicië) = plateau
→Soms heel erg smal (Orontes)
2) Westelijk bergland
→Kizil Dog →Jebel Ansariye → Libanon → Galilea, Samaria, Judea →
Negevwoestijn
3) Vallei < Grote Slenk
→Orrontes / Bega’) = dal (tot -400m) → Litanirivier → Jordaan: Dode Zee
en meer v Galilea
→Dode Zee: er is absoluut geen leven
4) Oostelijk bergland en plateau (Anti-Libanon & Syr woestijn)
→N: plateau = van Ebla tot Eufraat
1
De Grote Slenk (ook bekend als de Oost-Afrikaanse slenk, Grote Afrikaanse Slenk of de Grote Riftvallei) is
een riftvallei; een langgerekt stelsel van slenken, dat loopt van Libanon tot Mozambique over een totale lengte
van 6400 km
, →Z: bergland: Antilibanon, Gilead, Ammon, Moab, Edom
→wegen volgen meestal een noord-zuidrichting
→verhinderde het ontstaan van grote rijken
Oosten: deel 1
1. Inleiding: situering in tijd en ruimte
1.1. Geografische context
1.1.1. Terrein
Levant = relatief smalle strook die zich aan de oostkust van de MZ uitstrekt van
de zee tot de Syro-Arabische Woestijn an van Anatolië tot de Sinaï woestijn ih
zuiden
Ruime geografie
• Vruchtbare Sikkel
o Egypte
o Syro-Palestina
o Mesopotamië
= veel contacten; vruchtbare gebieden rond de S-A woestijn
• MZ-bekken
= verbinding m o.a. Cyprus
, ° landbouw revolutie + ertussen ligt de Syro-
Arabische woestijn die ontoegankelijk was voor de komst vd kameel
Routes
• Over land: de belangrijkste routes volgen de VS (de woestijn werd pas
vanaf het 1e millennium in gebruik genomen) m oa. Egyp/Meso
Bv. van Eygpte via Megiddo & Jizreëlvlakte naar Hazor & Damascus en
dan en meer n en meer z route
Z: via Tadmor naar Mari op de Eufraat
N: via Aleppo naar de Eufraat
• Over zee: kustvaart langs de hele MZkust was belangrijk voor de handel
bv. Ugarit – Cyprus (aardewerk/koper)
Naamgeving
= wetenschappelijk/religieus/politiek perspectief!
• Hele gebied
o Syro-Palestina
, ▪ MAAR: anachronisme want gaat terug op Romeinse
provincie Syria Palaestina
o Levant
▪ ‘Land vd opgaande zon’ = meer neutraal
o (West)-Syrië + Libanon + Palestina/Israël
▪ MAAR: politiek want gebieden uit elkaar getrokken
• Zuidelijke Levant
o Palestina
▪ MAAR: naam die tot 1e helft 20e E w gegeven aan het hele
gebied maar nu enkel Arabisch talige regio’s in ZL (dus geen
Palestijnse joden)
o (Erets) Israël
▪ In staat Israël m Erets benoemd om verschil te maken m het
hedendaagse Israël
o Heilig Land of Land vd Bijbel
o Kanaän
▪ ‘Laagland’ = meer neutrale term / al in Bijbelse literatuur
gebruikt
Lokale geografie
Noordelijke Levant
= 4 parallelle reliëfzones, deel van de grote N-Z breuklijn (=grote slenk)1 die ook
parallel liggen aan de MZ
1) Kustlijn (Fenicië) = plateau
→Soms heel erg smal (Orontes)
2) Westelijk bergland
→Kizil Dog →Jebel Ansariye → Libanon → Galilea, Samaria, Judea →
Negevwoestijn
3) Vallei < Grote Slenk
→Orrontes / Bega’) = dal (tot -400m) → Litanirivier → Jordaan: Dode Zee
en meer v Galilea
→Dode Zee: er is absoluut geen leven
4) Oostelijk bergland en plateau (Anti-Libanon & Syr woestijn)
→N: plateau = van Ebla tot Eufraat
1
De Grote Slenk (ook bekend als de Oost-Afrikaanse slenk, Grote Afrikaanse Slenk of de Grote Riftvallei) is
een riftvallei; een langgerekt stelsel van slenken, dat loopt van Libanon tot Mozambique over een totale lengte
van 6400 km
, →Z: bergland: Antilibanon, Gilead, Ammon, Moab, Edom
→wegen volgen meestal een noord-zuidrichting
→verhinderde het ontstaan van grote rijken