Tijdsbesef
- Middeleeuwen: 500 - 1500
- Vroege middeleeuwen: 500 - 1000
- Late middeleeuwen: 1000 - 1500
- Romaanse periode: ± 11e eeuw t/m 13e eeuw
- Gotische periode: ± 14e en 15e eeuw
Jeroen Bosch (Jheronimus Bosch)
- Belangrijke middeleeuwse Nederlandse schilder.
- Wat hij schilderde was helemaal niet in de traditie die de andere kunstenaars deden.
- Schilderde alles op paneel.
- Zijn beroemdste werk, tuin der lusten - 1480-90
- Naakte mensen werden niet geschilderd in die tijd, behalve Adam en Eva, dit was heel
ongebruikelijk.
- Eenhoorns kwamen heel veel voor in de middeleeuwen.
- Hij woonde in de middeleeuwen in den Bosch, hoe kon hij weten hoe bijv. een olifant eruit zag?
- Waarschijnlijk van tekeningen.
- Olifanten heeft hij misschien wel echt gezien in het circus.
- De fontein is waarschijnlijk een fallus symbool, symbool voor de penis, meestal iets met
vruchtbaarheid.
- In het midden zijn waarschijnlijk de nakomelingen van Adam en Eva. Er zit heel veel symboliek
in het schilderij.
- Uil stond in die tijd voor verleiding —> nachtdier —> lokvogel.
- Het gaat dus vooral over verleiding, alles in deze afbeelding gaat over lust en verleiding.
- Er zijn heel veel theorieën over wat hier nu eigenlijk is afgebeeld.
- Rechts is de hel afgebeeld, dat is zeker.
,Late Middeleeuwen, Toenemend gevoel van verbondenheid
- Meer verbondenheid doordat iedereen christelijk was.
- Kerk speelde een grote rol met de oprichting van kloosters, meer bedevaarten —> het begin van
de kruistochten.
- Er is heel veel onwetendheid en analfabetisme, hierdoor luisterde iedereen naar wat de kerk
hen vertelde.
- Andersdenkende werden eerst getolereerd maar later niet meer.
- Ze namen eerst hun rituelen over om zich welkom te voelen.
- Later werden dingen hen verboden.
- Hierna werd er gezorgd dat deze mensen niet meer schadelijk of een bedreiging waren voor
de kerk.
- Demonologie: Mensen genezen via plantjes en kruiden, ze kunnen die kennis alleen hebben
doordat ze hun zielen verkocht zouden hebben aan de duivel.
- Inquisitie: soort opsporingsdienst naar heksen.
- Europa werd ook wel aangeduid als “christianitas” = christenheid.
(Bij)geloof
- Mensen zijn christen, maar omdat mensen ook zo onwetendheid zijn is er ook veel bijgeloof
- Komt voort uit angst.
- Mensen werden voorbereid op het laatste oordeel, of je naar de hemel of de hel gaat.
- Apocalyps: het einde van de wereld, mensen waren daar heel bang voor.
- Angst voor: de almacht van God, de natuur, het onbekende en planten en kruiden
Bestaria
- Beschrijving van echte en fabeldieren.
- Metafoor voor christelijke deugden of juist zonden.
- Er werd geen onderscheid gemaakt tussen echte en fabeldieren.
- Eenhoorn was echt een soort van ultiem dier en men dacht in die tijd dat het echt bestond. Er
waren mensen die op tocht gingen om een eenhoorn te vangen.
, Bedevaarten
- Bedevaart: Je gaat naar een heilige plek vanwege een
geloofsovertuiging, meestal in de hoop op genezing of
om je zonde af te laten kopen.
- In Lourdes blijkt Maria verschenen te zijn, je kon daar
flesjes met heilig water en Maria kopen. Dit zou je
genezen.
- Het is een reis naar bedevaartsoord die een bijzondere
betekenis heeft binnen een religie.
- De plaats is verbonden met een stichter of heilige
(relieken).
- Plaats van openbaring, verlichting of wonder.
Relieken
- 3 soorten:
- Primaire: Wat het dichts bij de heiligen liggen.
bijvoorbeeld gebeente, bloed, haar, etc.
- Secundaire: Bezittingen of overblijfselen van een
heilige.
- Tertiaire: Voorwerpen die in aanraking zijn geweest
met een heilige.
- Was belangrijk, omdat mensen dan naar de kerk of het
klooster zouden gaan, dat levert geld op.
- Er was ook handel in relieken, vooral neppe relieken.
- Als je naar een kerk ging was het vanzelfsprekend dat
je een donatie gaf, dus hoe meer relieken des te meer
mensen des te meer donaties.
Kruistochten: 1095-1271
- Doelen: Bevrijding Heilige Land, Islamitische macht buiten
Europa houden, oosterse en westerse kerk herenigen,
uitbreiding van wereldse macht naar (verre) oosten.
- Eigenlijk ging het altijd om geld.