Les 6: Redeneerhulpen acute zorg
Verwoorden wat het doel is van minimaal de volgende redeneerhulpen: ABCDE, AVPU,
GCS/EMV, AMPLE, ALTIS, EWS en SBAR;
In een casus of scenario de genoemde redeneerhulpen toepassen en interpreteren;
Verwoorden hoe een verband gelegd wordt tussen de verschillende metingen/scores en wat
dit betekent voor de verpleegkundige zorg.
1e Indruk
Veiligheid
P.A.T.
o Patient of Pediatric
o Assessment
o Triangle
Ademhaling
Circulatie
Bewustzijn
Tijdens het assessment wordt er gekeken naar de turgor toestand. De huidturgor is de elastische
spanning van de huid, die wordt bepaald door het intra- en extracellulaire vocht en de elasticiteit van
de huid. De huidturgor kan dus iets zeggen over de hydratietoestand
Wat is klinisch redeneren?
Klinisch redeneren is de vaardigheid om eigen observaties en interpretaties te koppelen aan medische
kennis (fysiologie, anatomie, pathologie en farmacologie)
Oriëntatie op de situatie
Doel: actuele gezondheidssituatie van de patiënt in kaart brengen.
- Informatie verzamelen
- Informatie weergeven
Redeneerhulpen: SBAR, AMPLE, SIRS-criteria, EWS-score
Verschillende redeneerhulpen
ABCDE
o Treat first what kills first
AVPU
o Wordt gebruikt in de Airway en Disability
o AVPU is een methode om het bewustzijn te bepalen.
A Alert is bewust van omgeving en tijd.
V Verbal reageert op aanspreken maar niet op de omgeving.
P Pain reageert alleen op pijnprikkels.
U Unresponsive reageert nergens meer op en is bewusteloos.
GCS/EMV
o De Glasgow-coma scale of EMV score is een schaal waarin het bewustzijn van een
persoon kan worden uitgedrukt. Bij een score van 15 punten is de persoon geheel bij
bewustzijn. Bij een score onder de 8 is er sprake van coma.
AMPLE
o AMPLE is een methode meer informatie over het slachtoffer te krijgen. Deze
informatie kan doorgegeven worden aan een arts of het ambulance personeel. Je
krijgt door uitvragen volgens AMPLE veel informatie over het slachtoffer.
A Allergies Heeft het slachtoffer een allergie voor iets?
M Medicine Welke medicijnen gebruikt het slachtoffer?
P Past Is er in het verleden iets gebeurd?
L Last meal Wanneer heeft het slachtoffer voor het laatst gegeten?
Verwoorden wat het doel is van minimaal de volgende redeneerhulpen: ABCDE, AVPU,
GCS/EMV, AMPLE, ALTIS, EWS en SBAR;
In een casus of scenario de genoemde redeneerhulpen toepassen en interpreteren;
Verwoorden hoe een verband gelegd wordt tussen de verschillende metingen/scores en wat
dit betekent voor de verpleegkundige zorg.
1e Indruk
Veiligheid
P.A.T.
o Patient of Pediatric
o Assessment
o Triangle
Ademhaling
Circulatie
Bewustzijn
Tijdens het assessment wordt er gekeken naar de turgor toestand. De huidturgor is de elastische
spanning van de huid, die wordt bepaald door het intra- en extracellulaire vocht en de elasticiteit van
de huid. De huidturgor kan dus iets zeggen over de hydratietoestand
Wat is klinisch redeneren?
Klinisch redeneren is de vaardigheid om eigen observaties en interpretaties te koppelen aan medische
kennis (fysiologie, anatomie, pathologie en farmacologie)
Oriëntatie op de situatie
Doel: actuele gezondheidssituatie van de patiënt in kaart brengen.
- Informatie verzamelen
- Informatie weergeven
Redeneerhulpen: SBAR, AMPLE, SIRS-criteria, EWS-score
Verschillende redeneerhulpen
ABCDE
o Treat first what kills first
AVPU
o Wordt gebruikt in de Airway en Disability
o AVPU is een methode om het bewustzijn te bepalen.
A Alert is bewust van omgeving en tijd.
V Verbal reageert op aanspreken maar niet op de omgeving.
P Pain reageert alleen op pijnprikkels.
U Unresponsive reageert nergens meer op en is bewusteloos.
GCS/EMV
o De Glasgow-coma scale of EMV score is een schaal waarin het bewustzijn van een
persoon kan worden uitgedrukt. Bij een score van 15 punten is de persoon geheel bij
bewustzijn. Bij een score onder de 8 is er sprake van coma.
AMPLE
o AMPLE is een methode meer informatie over het slachtoffer te krijgen. Deze
informatie kan doorgegeven worden aan een arts of het ambulance personeel. Je
krijgt door uitvragen volgens AMPLE veel informatie over het slachtoffer.
A Allergies Heeft het slachtoffer een allergie voor iets?
M Medicine Welke medicijnen gebruikt het slachtoffer?
P Past Is er in het verleden iets gebeurd?
L Last meal Wanneer heeft het slachtoffer voor het laatst gegeten?