CHEMIE
1. Het structuurmodel van de materie
1.1 Atoommodellen ter verklaring van de bouw van
Het is de voorstelling vd manier hoe een atoom is opgebouwd.
Bij elk nieuw experiment ontstaat er een meer verfijnd atoommodel.
1) Atoommodel van Dalton (1766-1844)
- bol, massief (volledig opgevuld)
- eigen massa (m) en volume (V)
- atoom is ondeelbaar, onaantastbaar
- behoud van atoomsoorten (er komen geen soorten
bij, er gaan er geen weg)
BESLUIT: massakarakter
1) Atoommodel van Thomson (1904)
ook gekend als het krentenbroodmodel
pos. grondmaterie
neg. vastzittende deeltjes neutraal
BESLUIT: massakarakter (grondmaterie),
elektronen karakter (pos. en neg.)
2) Atoommodel van Rutherford (1911)
experiment
afgebogen terugkaatsing
beschieten
rechtdoor (groot deel)
Uitleg: Rutherford beschoot een dunne metaalfolie met +--
deeltjes, het merendeel van deze stralen gaat gewoon rechtdoor,
dunne metaalfolie (Al, Au) alsof er niets in de weg zit, een klein deel wordt afgebogen en nog
een kleiner deel wordt teruggekaatst. Het kan dus niet zijn dat een
atoom volledig massief is (zoals Thomson zei), maar moet bestaan
uit een grote, lege ruimte, met ergens een massa binnenin.
, concreet:
-stralen
rechtdoor
Atoommodel van Bohr
e-
‘’lege ruimte’’ = elektronenwolk (bevat e-)
e-
e- kern (bevat p+ en n°, dit zijn kerndeeltjes of nucleonen)
e- bewegen zomaar in
de elektronenwolk p+ m= 1 en l = +1
n° m = 1 en l = 0
e- m 0 (verw. klein) en l = -1
e.l.e. = e.l. ladings. 1,6 * 10-9 C (Coulomb)
I. p+, n° en e- zijn 3 elementaire deeltjes van een atoom
p+ = Protonen (in kern)
n° = Neutronen (in kern)
e- = Elektronen (in Elektronen wolk)
II. m = massa
l = lading
zijn niet de echte waarden (getal + eenheid), maar de relatieve waarden (getal zonder
eenheid) (= waarden vergeleken met een eenheidswaarde)
eenheidswaarde:
= atomaire massa-eenheid 1,7 10-27 kg
e.l.e = el. ladingseenheid 1,6 10-19
III. p+ = pos. lading
e- = neg. lading
atoom is neutraal
1. Het structuurmodel van de materie
1.1 Atoommodellen ter verklaring van de bouw van
Het is de voorstelling vd manier hoe een atoom is opgebouwd.
Bij elk nieuw experiment ontstaat er een meer verfijnd atoommodel.
1) Atoommodel van Dalton (1766-1844)
- bol, massief (volledig opgevuld)
- eigen massa (m) en volume (V)
- atoom is ondeelbaar, onaantastbaar
- behoud van atoomsoorten (er komen geen soorten
bij, er gaan er geen weg)
BESLUIT: massakarakter
1) Atoommodel van Thomson (1904)
ook gekend als het krentenbroodmodel
pos. grondmaterie
neg. vastzittende deeltjes neutraal
BESLUIT: massakarakter (grondmaterie),
elektronen karakter (pos. en neg.)
2) Atoommodel van Rutherford (1911)
experiment
afgebogen terugkaatsing
beschieten
rechtdoor (groot deel)
Uitleg: Rutherford beschoot een dunne metaalfolie met +--
deeltjes, het merendeel van deze stralen gaat gewoon rechtdoor,
dunne metaalfolie (Al, Au) alsof er niets in de weg zit, een klein deel wordt afgebogen en nog
een kleiner deel wordt teruggekaatst. Het kan dus niet zijn dat een
atoom volledig massief is (zoals Thomson zei), maar moet bestaan
uit een grote, lege ruimte, met ergens een massa binnenin.
, concreet:
-stralen
rechtdoor
Atoommodel van Bohr
e-
‘’lege ruimte’’ = elektronenwolk (bevat e-)
e-
e- kern (bevat p+ en n°, dit zijn kerndeeltjes of nucleonen)
e- bewegen zomaar in
de elektronenwolk p+ m= 1 en l = +1
n° m = 1 en l = 0
e- m 0 (verw. klein) en l = -1
e.l.e. = e.l. ladings. 1,6 * 10-9 C (Coulomb)
I. p+, n° en e- zijn 3 elementaire deeltjes van een atoom
p+ = Protonen (in kern)
n° = Neutronen (in kern)
e- = Elektronen (in Elektronen wolk)
II. m = massa
l = lading
zijn niet de echte waarden (getal + eenheid), maar de relatieve waarden (getal zonder
eenheid) (= waarden vergeleken met een eenheidswaarde)
eenheidswaarde:
= atomaire massa-eenheid 1,7 10-27 kg
e.l.e = el. ladingseenheid 1,6 10-19
III. p+ = pos. lading
e- = neg. lading
atoom is neutraal