HOE KOMT DE PRIJS OP DE MARKT TOT STAND?
TH2L3
Eventueel link naar L2: afleiden van collectieve A en V uit individuele curven.
I. Wat is een markt
Markt = een plaats waar kopers en verkopers een prijs afspreken
Synoniem marktpartijen
Consumenten - kopers (gezinnen)
Producenten - verkopers (bedrijven) Kenmerken omgezet naar de twee marktvormen:
Volkomen mededingen
Veel aanbieders (en vragers)
II. Welke marktvormen zijn er? Homogeen product = product hetzelfde
Volledig transparante markt (prijs overal gelijk
2 verschillende markten en gemakkelijk op te zoeken)
Volkomen mededinging Vrije toetreding
Monopolie Monopolie
1 aanbieder
Algemene kenmerken voor markten Homogeen product
- Aantal aanbieders Geen transparante markt (je weet niet hoe de
- Homogeen of heterogeen product prijs tot stand komt, die is vaak hoog)
- Transparantie van de markt Moeilijke toetreding, vaak gereglementeerd
- Vrije toetreding van tot de uitreding van de markt
door de overheid
Voeg eventueel nog wat voorbeelden toe.
III. Vraagcurve
collectieve vraag/ marktvraag = verband tussen prijs en aanbod
Vraagcurve = verloop van de gevraagde
hoeveelheid
Vraagcurve verloopt dalend
P ↑ Qv ↓
= negatief verband
P ↓ Qv ↑
Factoren die het aanbod kan beïnvloeden/
verschuiven
- Inkomen van de consument
- Voorkeur van de consument
- Prijs va een substitutiegoed (vervangbaar,
concurrerend)
- Bevolkingsgrootte/ Bevolkingsgroep
(mogelijk aantal consumenten)
Substisitiegoederen zijn producten die elkaar kunnen vervangen. En dus
hebben ze eenzelfde nut of behoefte bij de consument
TH2L3
Eventueel link naar L2: afleiden van collectieve A en V uit individuele curven.
I. Wat is een markt
Markt = een plaats waar kopers en verkopers een prijs afspreken
Synoniem marktpartijen
Consumenten - kopers (gezinnen)
Producenten - verkopers (bedrijven) Kenmerken omgezet naar de twee marktvormen:
Volkomen mededingen
Veel aanbieders (en vragers)
II. Welke marktvormen zijn er? Homogeen product = product hetzelfde
Volledig transparante markt (prijs overal gelijk
2 verschillende markten en gemakkelijk op te zoeken)
Volkomen mededinging Vrije toetreding
Monopolie Monopolie
1 aanbieder
Algemene kenmerken voor markten Homogeen product
- Aantal aanbieders Geen transparante markt (je weet niet hoe de
- Homogeen of heterogeen product prijs tot stand komt, die is vaak hoog)
- Transparantie van de markt Moeilijke toetreding, vaak gereglementeerd
- Vrije toetreding van tot de uitreding van de markt
door de overheid
Voeg eventueel nog wat voorbeelden toe.
III. Vraagcurve
collectieve vraag/ marktvraag = verband tussen prijs en aanbod
Vraagcurve = verloop van de gevraagde
hoeveelheid
Vraagcurve verloopt dalend
P ↑ Qv ↓
= negatief verband
P ↓ Qv ↑
Factoren die het aanbod kan beïnvloeden/
verschuiven
- Inkomen van de consument
- Voorkeur van de consument
- Prijs va een substitutiegoed (vervangbaar,
concurrerend)
- Bevolkingsgrootte/ Bevolkingsgroep
(mogelijk aantal consumenten)
Substisitiegoederen zijn producten die elkaar kunnen vervangen. En dus
hebben ze eenzelfde nut of behoefte bij de consument