Myrna
Kneppers
Projectmanagement
1.1
Tentamenstof:
Projectmanagement
(Grit)
Hoofdstuk
1
t/m
4
1.
Het
project
Wat
is
een
project?
Een
project
is
een
tijdelijke
samenwerking
van
een
aantal
mensen
–
meestal
uit
verschillende
vakgebieden
–
om
binnen
een
vastgestelde
tijd
een
vooraf
opgesteld
doel
te
bereiken
met
een
vastgesteld
budget.
Typen
organisaties
Een
organisatie
is
een
groep
mensen
die
samenwerkt
om
een
en
hetzelfde
doel
te
bereiken
• Improvisatie
(bv
alternatief
aanbieden)
• Routinematige
werkzaamheden
(iets
wat
je
elke
dag
doet,
routine)
• Projectmatige
werkzaamheden
(tussen
routine
en
improvisatie
Eigenschappen
soorten
werkzaamheden
(Improvisatie,
projectmatig
en
routinematige
werkzaamheden)
Projectmatig
=
planmatig.
Project
wordt
opgedeeld
in
fasen
en
er
is
een
PvA.
Van
improvisatie
naar
routine
(Via
project
naar
routine)
Door
bij
een
project
gebruik
te
maken
van
een
plan
van
aanpak
breng
je
een
soort
routine
in
projectmatig
werken
Kenmerken
van
een
project:
• Duidelijk
beginpunt:
project
start–up
oftewel
kick-‐off
• Tijdelijk
van
aard:
afgesproken
einddatum
• Eenmalig
duidelijk
gedefinieerd
projectresultaat
• Meestal
één
opdrachtgever/sponser
• Een
budget
• Mensen
uit
verschillende
disciplines
(vakgebieden)
• Eigen
projectorganisatie
• Gaat
niet
vanzelf
• Plan
van
aanpak
&
Resultaatgericht
Verschillende
projecttypen
• technische
projecten
(of
harde
projecten)
• sociale
projecten
(of
zachte
projecten)
• commerciële
projecten
(doel
geld
verdienen>marktonderzoek,
nieuw
product,
etc.)
• gemengde
projecten
(technische
en
sociale
projecten,
bijv.
computerprogramma)
• evenementen
projecten
(projectresultaat
zichtbaar
op
een
vast
moment
>
beurzen/festivals)
(Verder:
projecten
met
interne/externe
opdrachtgever,
dienst
(cursus),
product
opleveren
(gebouw)
, Myrna
Kneppers
Top-‐down
werken
Bij
een
project
bepaal
je
eerst
de
grote
lijnen
(in
fasen)
-‐
voorbereiding
(denken)
-‐
realisatie
(doen)
-‐
nazorg
(onderhouden)
Fasen
(om
risico’s
te
verkleinen)
Initiatief:
idee
komt
tot
stand.
Levert
een
projectvoorstel
wat
moet
worden
goedgekeurd.
Definitie:
wordt
bepaald
wat
het
eindresultaat
wordt
en
wat
er
moet
gebeuren.
De
uitkomst
is
het
PvA.
Ontwerp:
hoe
gaat
het
worden,
wat
krijgt
de
opdrachtgever
>
ontwerp(rapport)
Voorbereiding:
hoe
wordt
het
projectresultaat
gemaakt;
gedetailleerd
ontwerp
(bv.
bouwtekeningen)
Realisatie:
Doen!
Het
gewenste
projectresultaat
ontstaat
Nazorg:
projectresultaat
wordt
gebruikt.
Het
wordt
in
stand
gehouden
door
het
aan
te
passen.
1.
Initiatieffase
2.
Definitiefase
3.
Ontwerpfase
-‐
Bepalen
probleemstelling
-‐
Wat
kan
er
verwacht
worden
Hoe
ziet
de
oplossing
eruit?
-‐
Haalbaarheidsonderzoek
-‐
Eisen
en
wensen
Brainstorm
-‐
Doel
of
resultaat
vaststellen
-‐
Resultaat
wordt
definitief
Prototype
-‐
Eindigt
in
projectvoorstel
vastgelegd
Eindigt
in
een
ontwerp
-‐
Eindigt
in
plan
van
aanpak
dat
het
project
definieert
4.Voorbereidingsfase.
5.
Realisatiefase
6.
Nazorg
-‐
Eerst
denken
dan
doen
-‐
Realiseren
projectdoel
-‐
Het
projectresultaat
wordt
-‐
Ontwerp
klaarmaken
voor
-‐
Implementatie
gebruikt
realisatie
-‐
Conversie
-‐
Mogelijk
aanpassingen
in
-‐
Na
afloop
is
het
projectresultaat
eisen
projectresultaat
opgeleverd
-‐
Resultaat
moet
in
stand
gehouden
worden
Implementatie:
de
invoering
van
het
resultaat
van
het
project
Conversie:
overgang
van
een
oude
naar
een
nieuwe
situatie
(bijv
bij
de
invoer
van
een
nieuw
softwareprogramma)
Voordeel
van
in
fasen
werken:
project
beslismomenten.
Na
elke
fase
kan
er
worden
bijgestuurd.
-‐
Doorgaan
op
de
ingeslagen
weg
-‐
Doorgaan,
met
aanpassingen
van
het
projectdoel
-‐
Stoppen
met
het
project
(baten
moeten
hoger
zijn
dan
de
kosten)
Kneppers
Projectmanagement
1.1
Tentamenstof:
Projectmanagement
(Grit)
Hoofdstuk
1
t/m
4
1.
Het
project
Wat
is
een
project?
Een
project
is
een
tijdelijke
samenwerking
van
een
aantal
mensen
–
meestal
uit
verschillende
vakgebieden
–
om
binnen
een
vastgestelde
tijd
een
vooraf
opgesteld
doel
te
bereiken
met
een
vastgesteld
budget.
Typen
organisaties
Een
organisatie
is
een
groep
mensen
die
samenwerkt
om
een
en
hetzelfde
doel
te
bereiken
• Improvisatie
(bv
alternatief
aanbieden)
• Routinematige
werkzaamheden
(iets
wat
je
elke
dag
doet,
routine)
• Projectmatige
werkzaamheden
(tussen
routine
en
improvisatie
Eigenschappen
soorten
werkzaamheden
(Improvisatie,
projectmatig
en
routinematige
werkzaamheden)
Projectmatig
=
planmatig.
Project
wordt
opgedeeld
in
fasen
en
er
is
een
PvA.
Van
improvisatie
naar
routine
(Via
project
naar
routine)
Door
bij
een
project
gebruik
te
maken
van
een
plan
van
aanpak
breng
je
een
soort
routine
in
projectmatig
werken
Kenmerken
van
een
project:
• Duidelijk
beginpunt:
project
start–up
oftewel
kick-‐off
• Tijdelijk
van
aard:
afgesproken
einddatum
• Eenmalig
duidelijk
gedefinieerd
projectresultaat
• Meestal
één
opdrachtgever/sponser
• Een
budget
• Mensen
uit
verschillende
disciplines
(vakgebieden)
• Eigen
projectorganisatie
• Gaat
niet
vanzelf
• Plan
van
aanpak
&
Resultaatgericht
Verschillende
projecttypen
• technische
projecten
(of
harde
projecten)
• sociale
projecten
(of
zachte
projecten)
• commerciële
projecten
(doel
geld
verdienen>marktonderzoek,
nieuw
product,
etc.)
• gemengde
projecten
(technische
en
sociale
projecten,
bijv.
computerprogramma)
• evenementen
projecten
(projectresultaat
zichtbaar
op
een
vast
moment
>
beurzen/festivals)
(Verder:
projecten
met
interne/externe
opdrachtgever,
dienst
(cursus),
product
opleveren
(gebouw)
, Myrna
Kneppers
Top-‐down
werken
Bij
een
project
bepaal
je
eerst
de
grote
lijnen
(in
fasen)
-‐
voorbereiding
(denken)
-‐
realisatie
(doen)
-‐
nazorg
(onderhouden)
Fasen
(om
risico’s
te
verkleinen)
Initiatief:
idee
komt
tot
stand.
Levert
een
projectvoorstel
wat
moet
worden
goedgekeurd.
Definitie:
wordt
bepaald
wat
het
eindresultaat
wordt
en
wat
er
moet
gebeuren.
De
uitkomst
is
het
PvA.
Ontwerp:
hoe
gaat
het
worden,
wat
krijgt
de
opdrachtgever
>
ontwerp(rapport)
Voorbereiding:
hoe
wordt
het
projectresultaat
gemaakt;
gedetailleerd
ontwerp
(bv.
bouwtekeningen)
Realisatie:
Doen!
Het
gewenste
projectresultaat
ontstaat
Nazorg:
projectresultaat
wordt
gebruikt.
Het
wordt
in
stand
gehouden
door
het
aan
te
passen.
1.
Initiatieffase
2.
Definitiefase
3.
Ontwerpfase
-‐
Bepalen
probleemstelling
-‐
Wat
kan
er
verwacht
worden
Hoe
ziet
de
oplossing
eruit?
-‐
Haalbaarheidsonderzoek
-‐
Eisen
en
wensen
Brainstorm
-‐
Doel
of
resultaat
vaststellen
-‐
Resultaat
wordt
definitief
Prototype
-‐
Eindigt
in
projectvoorstel
vastgelegd
Eindigt
in
een
ontwerp
-‐
Eindigt
in
plan
van
aanpak
dat
het
project
definieert
4.Voorbereidingsfase.
5.
Realisatiefase
6.
Nazorg
-‐
Eerst
denken
dan
doen
-‐
Realiseren
projectdoel
-‐
Het
projectresultaat
wordt
-‐
Ontwerp
klaarmaken
voor
-‐
Implementatie
gebruikt
realisatie
-‐
Conversie
-‐
Mogelijk
aanpassingen
in
-‐
Na
afloop
is
het
projectresultaat
eisen
projectresultaat
opgeleverd
-‐
Resultaat
moet
in
stand
gehouden
worden
Implementatie:
de
invoering
van
het
resultaat
van
het
project
Conversie:
overgang
van
een
oude
naar
een
nieuwe
situatie
(bijv
bij
de
invoer
van
een
nieuw
softwareprogramma)
Voordeel
van
in
fasen
werken:
project
beslismomenten.
Na
elke
fase
kan
er
worden
bijgestuurd.
-‐
Doorgaan
op
de
ingeslagen
weg
-‐
Doorgaan,
met
aanpassingen
van
het
projectdoel
-‐
Stoppen
met
het
project
(baten
moeten
hoger
zijn
dan
de
kosten)