Rijbewijs halen
= Theorie-examen + praktijk+ leestestx
- 5punten: snelheidsovertredingen, derde graad (voorrang rood licht stopstreep) en
vierde graad (bevelen politie negeren)
- 41 op 50 min.
- Enkel op de afbeelding kijken
- Met voorlopig rijbewijs geen aanhangwagen
- Ongeschikt om te rijden: binnen 4 dagen rijbewijs afgeven aan gemeente
- Minstens 17 jaar
- Je mag niet tussen 22u en 6u rijden op een vr, za, zo voor/na feestdagen
- Rijbewijs B: alle voertuigen met MTM lager dan 3,5 ton
Verkeersreglement
- Openbare weg= straten fietspaden voetpad berm pleinen
- Spoorvoertuigen hebben eigen verkeersreglement (wel bevoegde persoon en
verkeerslichten)
- Openbare plaats (bv. parking van ziekenhuis, tankstation)
- Gelden niet op niet-openbare plaatsen (maar wel regels: alcohol vlucht verzekering)
- Gelden niet op Privé wegen
- Straat: binnen bebouwde kom, zone 30, in woonerf en erf
- Rijbaan= rijstroken (onderbroken lijn) weg waarop bestuurders rijden
- Middenberm: scheidt de rijbaan
- Speelstraat (stapvoets rijden) ook fietsers
- Pad: is voor voetgangers en voertuig niet breder dan voetganger
- Aardeweg: wel voor bestuurders van voertuigen
- Fietspad: max 25km/u dus voor fietsers (minder dan 1m breed) en bromfiets klasse A
- Trottoir/ voetpad: stapvoets, voor voetgangers// <10j mogen rijden
- Gelijkgrondse berm: gebruikt door voetgangers, enkel buiten bebouwde kom
rijwielen, ruiters/ voertuig mag hierop oom ander verkeer te laten passeren
- Plein: verkeer in alle richtingen
- Gemeente + geel bord: administratieve grens
- Bebouwde kom: bestaat vooral uit straten dan wegen
- Woonerf: woonfunctie// erf: toerisme, recreatie (MAX 20km/u)
- Schoolomgeving: bord zone 30 en pas op veel kinderen
- Verblijfsfunctie: niet gemotoriseerde verplaatsing
- Verkeersfunctie: gemotoriseerde verplaatsing
- Vakantiezone binnen bebouwde kom: 30km/u// buiten: 50/70 km/u
- Zebrapad = oversteekplaats voetgangers: verplicht gebruikt op minder dan 20m
- Plaatselijk verkeer= bewoners, bezoekers, levering, gemeenschappelijk vervoer,
fietsers en ruiters + verboden parkeren
WEGGEBRUIKER
- Weggebruiker= voetganger + bestuurder voertuig
o Bestuurder: bestuurt voertuig/ dier (ook motorrijder die zijn motor duwt)
o Iemand die een fiets, bromfiets duwt is voetganger
- Stilstaand voertuig: duur om te laden en lossen of in- en uitstappen
1
, - Geparkeerd voertuig: langer nodig dan boven vermeld
- Rijwiel= fietsen (<1m) zonder motor met pedalen
- Motorvoertuig: op eigen kracht rijden + rijbewijs
- Bromfiets klasse A: v max 25 km/u, ten hoogste 50cm3, min 16j, passagier
meenemen wanneer bestuurder 18jaar is + nummerplaat
- Bromfietsklasse B: v max 45km/u, ten hoogste 50 cm3
- Speed pedelec: max 45km/u, ten hoogste 50cm3
- Motorfiets: inhoud groter dan 50cm3, Sneller dan 45km/u, bestuurder 18/21
- Driewielige, vierwielig (quad) gelden dezelfde regels als auto
- Gemeentelijke parkeerkaart: voordeel bij parkeren in jouw gemeente
- Sleep: trekkende voertuig aan 1 of meerdere voertuigen
- MTM= maximale toegelaten massa/ rijbewijs B: MTM 3,5 ton
PICS borden
- MBT= massa in beladen toestand; massa op dat ogenblik
- Eigen massa= lege voertuig met volle brandstoftank
- Lading is materiaal
- Gebruik gsm: in houder die aan voertuig bevestigd is// vergt veel aandacht
Iemand die met een step niet sneller dan stapvoets rijdt is een voetganger
Met skates, skeelers, inlineskates, rolschaatsen, een step of een skateboard
bent u voor de wet een voetganger.
REGELING VERKEER
1. Bevoegde persoon
a. Verticaal arm: alle weggebruikers stoppen
b. Fluit: voor aandacht
c. Horizontaal gestrekte arm
i. Buik/ rug: stoppen
ii. Vingertoppen: verder rijdt + je mag naar voor naar rechts en links
d. Overdwars zwaait met rood licht: stoppen en langs de kant
i. Ronddraaiende voorarm: versnellen
ii. Op- en neer bewegende beweging: vertragen
2. Verkeerslichten
3. Verkeersborden
4. Verkeersregels
Personen die aanijzing geven
- leden openbare brandweerdienst
- signaalgevers bij sportwedstrijden/ evenementen
- wegkapiteins van fietsers/ motorrijders
15-50: mogen vergezeld zijn door wegkapitein
51(-150 bij : moeten vergezeld zijn met min 2 wegkapiteins
- Verkeersbrigadiers: begeleiden overstekende kinderen
- Gemachtigde opzichters: bord + dragen ZGR armband met de naam van de gemeente
- Groepsleider voetganger: mag verkeer regelen op kruispunt (als er geen
verkeerslichten zijn)
- Groepsleider van ruiter: min 10 ruiters-> ZGRband met groepsleider op vermeld
- Werfopzichter: beschermd personeel op opeenbare weg tijdens werkzaamheden
Wegkapitein/ groepsleider: enkel bij kruispunten zonder verkeerslichten
2
, PRIORITAIRE VOERTUIGEN
- Enkel blauw zwaailicht: niks doen
- Blauw zwaailicht en geluidssignaal: onmiddellijk rijbaan verplaat (desnoods stoppen)
- Pas op bij kruispunt
Verkeersborden
3 soorten verkeerstekens
- Verkeersborden
o Gevaarsborden (driehoek, !spoor!)
o Verkeersborden die voorrang regelen
o Verbodsborden (verboden)
o Gebodsborden (gemoet)
o Verkeersborden die stilstaan en parkeren regelen
o Aanwijzingsbord (rechthoek/ vierkant)
Onderbord (extra info)
- Verkeerslichten
- Wegmarkering
*zone wordt enkel beëindigt met ‘einde zone’
*verkeersbord boven rijstrook-> geldt enkel voor DAT rijstrook
-ALLE BORDEN (zie kopie)-
( TOL: verboden voorbij rijden zonder te stoppen)
Alle borden rechts behalve gebodsborden en aanwijzingsborden
VERKEERSLICHTEN
Enkel de verkeerslichten aan jouw RECHTER kant gelden! (Links/ boven herhaal worden)
ROOD: verboden voorbij stopstreep/ verkeerslicht te rijden
GROEN: mag stopstreep en verkeerslicht voorbijrijden
ORANJE: stoppen, tenzij je niet meer veilig kunt stoppen
2-kleurige verkeerslichten voor voetgangers
Verkeerslichten in pijlen
o Pijl van jouw richting groen? Je mag op het kruispunt MAAR voorrang
verlenen aan bestuurders en voetgangers
o Ontruimingspeil: bestuurders uit tegenovergestelde richting wordt tegen
gehouden door rood licht (dan weet je dat je veilig bent)
o Vierkante pijl (groen) rond fiets/ voetganger: fietsers mogen diagonaal
oversteken (er zijn geen auto’s)
Pijlen boven rijstrook
o Groen naar beneden: je mag rijden
o Oranje schuin: rijstrook zo vlug mogelijk verlaten
o Rode kruis: je mag niet rijden
o Leeg: berijdbaar
Oranjegeel KNIPPERlicht: dubbelvoorzichtig zijn, want de voorrangsregel blijven van
toepassing
Verkeerslichten aan een overweg
3
= Theorie-examen + praktijk+ leestestx
- 5punten: snelheidsovertredingen, derde graad (voorrang rood licht stopstreep) en
vierde graad (bevelen politie negeren)
- 41 op 50 min.
- Enkel op de afbeelding kijken
- Met voorlopig rijbewijs geen aanhangwagen
- Ongeschikt om te rijden: binnen 4 dagen rijbewijs afgeven aan gemeente
- Minstens 17 jaar
- Je mag niet tussen 22u en 6u rijden op een vr, za, zo voor/na feestdagen
- Rijbewijs B: alle voertuigen met MTM lager dan 3,5 ton
Verkeersreglement
- Openbare weg= straten fietspaden voetpad berm pleinen
- Spoorvoertuigen hebben eigen verkeersreglement (wel bevoegde persoon en
verkeerslichten)
- Openbare plaats (bv. parking van ziekenhuis, tankstation)
- Gelden niet op niet-openbare plaatsen (maar wel regels: alcohol vlucht verzekering)
- Gelden niet op Privé wegen
- Straat: binnen bebouwde kom, zone 30, in woonerf en erf
- Rijbaan= rijstroken (onderbroken lijn) weg waarop bestuurders rijden
- Middenberm: scheidt de rijbaan
- Speelstraat (stapvoets rijden) ook fietsers
- Pad: is voor voetgangers en voertuig niet breder dan voetganger
- Aardeweg: wel voor bestuurders van voertuigen
- Fietspad: max 25km/u dus voor fietsers (minder dan 1m breed) en bromfiets klasse A
- Trottoir/ voetpad: stapvoets, voor voetgangers// <10j mogen rijden
- Gelijkgrondse berm: gebruikt door voetgangers, enkel buiten bebouwde kom
rijwielen, ruiters/ voertuig mag hierop oom ander verkeer te laten passeren
- Plein: verkeer in alle richtingen
- Gemeente + geel bord: administratieve grens
- Bebouwde kom: bestaat vooral uit straten dan wegen
- Woonerf: woonfunctie// erf: toerisme, recreatie (MAX 20km/u)
- Schoolomgeving: bord zone 30 en pas op veel kinderen
- Verblijfsfunctie: niet gemotoriseerde verplaatsing
- Verkeersfunctie: gemotoriseerde verplaatsing
- Vakantiezone binnen bebouwde kom: 30km/u// buiten: 50/70 km/u
- Zebrapad = oversteekplaats voetgangers: verplicht gebruikt op minder dan 20m
- Plaatselijk verkeer= bewoners, bezoekers, levering, gemeenschappelijk vervoer,
fietsers en ruiters + verboden parkeren
WEGGEBRUIKER
- Weggebruiker= voetganger + bestuurder voertuig
o Bestuurder: bestuurt voertuig/ dier (ook motorrijder die zijn motor duwt)
o Iemand die een fiets, bromfiets duwt is voetganger
- Stilstaand voertuig: duur om te laden en lossen of in- en uitstappen
1
, - Geparkeerd voertuig: langer nodig dan boven vermeld
- Rijwiel= fietsen (<1m) zonder motor met pedalen
- Motorvoertuig: op eigen kracht rijden + rijbewijs
- Bromfiets klasse A: v max 25 km/u, ten hoogste 50cm3, min 16j, passagier
meenemen wanneer bestuurder 18jaar is + nummerplaat
- Bromfietsklasse B: v max 45km/u, ten hoogste 50 cm3
- Speed pedelec: max 45km/u, ten hoogste 50cm3
- Motorfiets: inhoud groter dan 50cm3, Sneller dan 45km/u, bestuurder 18/21
- Driewielige, vierwielig (quad) gelden dezelfde regels als auto
- Gemeentelijke parkeerkaart: voordeel bij parkeren in jouw gemeente
- Sleep: trekkende voertuig aan 1 of meerdere voertuigen
- MTM= maximale toegelaten massa/ rijbewijs B: MTM 3,5 ton
PICS borden
- MBT= massa in beladen toestand; massa op dat ogenblik
- Eigen massa= lege voertuig met volle brandstoftank
- Lading is materiaal
- Gebruik gsm: in houder die aan voertuig bevestigd is// vergt veel aandacht
Iemand die met een step niet sneller dan stapvoets rijdt is een voetganger
Met skates, skeelers, inlineskates, rolschaatsen, een step of een skateboard
bent u voor de wet een voetganger.
REGELING VERKEER
1. Bevoegde persoon
a. Verticaal arm: alle weggebruikers stoppen
b. Fluit: voor aandacht
c. Horizontaal gestrekte arm
i. Buik/ rug: stoppen
ii. Vingertoppen: verder rijdt + je mag naar voor naar rechts en links
d. Overdwars zwaait met rood licht: stoppen en langs de kant
i. Ronddraaiende voorarm: versnellen
ii. Op- en neer bewegende beweging: vertragen
2. Verkeerslichten
3. Verkeersborden
4. Verkeersregels
Personen die aanijzing geven
- leden openbare brandweerdienst
- signaalgevers bij sportwedstrijden/ evenementen
- wegkapiteins van fietsers/ motorrijders
15-50: mogen vergezeld zijn door wegkapitein
51(-150 bij : moeten vergezeld zijn met min 2 wegkapiteins
- Verkeersbrigadiers: begeleiden overstekende kinderen
- Gemachtigde opzichters: bord + dragen ZGR armband met de naam van de gemeente
- Groepsleider voetganger: mag verkeer regelen op kruispunt (als er geen
verkeerslichten zijn)
- Groepsleider van ruiter: min 10 ruiters-> ZGRband met groepsleider op vermeld
- Werfopzichter: beschermd personeel op opeenbare weg tijdens werkzaamheden
Wegkapitein/ groepsleider: enkel bij kruispunten zonder verkeerslichten
2
, PRIORITAIRE VOERTUIGEN
- Enkel blauw zwaailicht: niks doen
- Blauw zwaailicht en geluidssignaal: onmiddellijk rijbaan verplaat (desnoods stoppen)
- Pas op bij kruispunt
Verkeersborden
3 soorten verkeerstekens
- Verkeersborden
o Gevaarsborden (driehoek, !spoor!)
o Verkeersborden die voorrang regelen
o Verbodsborden (verboden)
o Gebodsborden (gemoet)
o Verkeersborden die stilstaan en parkeren regelen
o Aanwijzingsbord (rechthoek/ vierkant)
Onderbord (extra info)
- Verkeerslichten
- Wegmarkering
*zone wordt enkel beëindigt met ‘einde zone’
*verkeersbord boven rijstrook-> geldt enkel voor DAT rijstrook
-ALLE BORDEN (zie kopie)-
( TOL: verboden voorbij rijden zonder te stoppen)
Alle borden rechts behalve gebodsborden en aanwijzingsborden
VERKEERSLICHTEN
Enkel de verkeerslichten aan jouw RECHTER kant gelden! (Links/ boven herhaal worden)
ROOD: verboden voorbij stopstreep/ verkeerslicht te rijden
GROEN: mag stopstreep en verkeerslicht voorbijrijden
ORANJE: stoppen, tenzij je niet meer veilig kunt stoppen
2-kleurige verkeerslichten voor voetgangers
Verkeerslichten in pijlen
o Pijl van jouw richting groen? Je mag op het kruispunt MAAR voorrang
verlenen aan bestuurders en voetgangers
o Ontruimingspeil: bestuurders uit tegenovergestelde richting wordt tegen
gehouden door rood licht (dan weet je dat je veilig bent)
o Vierkante pijl (groen) rond fiets/ voetganger: fietsers mogen diagonaal
oversteken (er zijn geen auto’s)
Pijlen boven rijstrook
o Groen naar beneden: je mag rijden
o Oranje schuin: rijstrook zo vlug mogelijk verlaten
o Rode kruis: je mag niet rijden
o Leeg: berijdbaar
Oranjegeel KNIPPERlicht: dubbelvoorzichtig zijn, want de voorrangsregel blijven van
toepassing
Verkeerslichten aan een overweg
3