Revolutie = drastische verandering over een korte termijn
IR = 2de bevolking golf
1ste IR = ca 1750 - verstedelijking- fabrieken - gemechaniseerde arbeid
Wat veranderde er op vlak van techniek en economische organisatie ?
Industrialisatie begon in de textielindustrie :
- stoommachines (J.Wall)→ Grote productiviteit
- aandrijving machines worden gekoppeld aan arbeids machines
- (stoommachine = aandrijving machine met bvb de weefmachine)
- Stoommachines worden gekoppeld aan andere machines om zo grotere
machines te bouwen.
- Huisarbeid →fabrieksarbeid
- arbeidsspecialisatie door A. Smith : arbeider had maar 1 taak in de fabriek
- arbeidsspecialisatie werd voor het eerst in praktijk gebracht door de
manufactuur.
+ voordelen :
+ hogere productiviteit
+ winst van ondernemers stijgen
- nadelen
- arbeid trots verdwijnt
- looninkomst per afgewerkte product daalt
In welke sector startte de eerste industriële revolutie in Engeland ?
+ Het begon in de engelse katoenindustrie
+ probleem = vraag naar katoen stijgt door :
+ mode
+ koloniale expansie (uitbreiden van de kolonies )
+ de bevolkingsgroei → meer kleren nodig
+ dus : aanbod van textiel steeg door uitvinding van de weef-spin nijverheid
+ stoommachine
+ De staalindustrie volgde
+ Staalindustrie - steenkoolindustrie
+ reden : omdat hout schaars werd : meer vervangen door :
+ steenkool (cokes)
+ opmerking
+ stoommachine →meer bodemwater uit de mijnen
wegpompen →dieper graven
+ Vraag stijgt naar : spoorwegen, nieuwe technieken
Welke waren de voorwaarden voor het ontstaan van de eerste industriële revolutie ?
Lange termijn evoluties zorgen voor Factoren die hebben geleid tot
gunstige omstandigheden ‘agrarische industrialisatie
revolutie’
stijging bevolking stijging vraag
arbeidskrachten
nieuwe financiële technieken kapitaal
, kolonies kapitaal + grondstoffen
eigen bodem grondstoffen
de verlichting economische liberalisme
nieuwe ideeën technische vernieuwing
Voorwaarde :
1. Agrarische revolutie en bevolkingsgroei
Agrarische revolutie leidde tot enorme bevolkingsgroei. Door de vernieuwingen in de
landbouw was er een grote productiviteit waardoor de bevolking kon groeien.
→Er is een correlatie tussen de bevolkingsgroei en de industrialisatie
opmerk = bevokinsexplosie over heel de wereld.
Indexcijfer = een overzichtelijke beeld van de stijgende bevolking.
Enorm bevolkingsstijging kwam niet alleen door de vernieuwingen in de landbouw maar ook
door de betere geneesmiddelen en betere voedsel
20ste eeuw = stijgende geboortecijfer leed tot een enorme evlokingsexplosie
Explosie in Europa :
de bevolkingsexplosie in europe leidt tot een plattelandsvlucht : de mensen gaan steden
trekken in de hoop om daar werk te vinden in fabrieken ,want men had niet zoveel arbeiders
meer nodig in de landbouw door mechanisering.
Conclusie = 19de eeuw =
Er is een enorme bevolkingsexplosie ten gevolgen van de vernieuwingen in de landbouw.
Die bevlokingexplosie leidt tot verder industrialisatie en urbanisatie.
Mondiale bevolkingsexplosie, met verschillen in tijd en plaats :
Europa : E18 - B19 E = de sterftecijfer daalt
1900 = ook de geboortecijfer daalt
Demografische transitie = de overgang van pre-industrieel naar modern bevolkingspatroon
ontwikkelingslanden = de demografische transitie is nog bezig : de sterftecijfer is gedaald
WO II maar, de geboortebeperking blijft nog altijd een probleem.
Conclusie =
vraag :
bevolkings stijgt →vraag naar afgewerkte producten stijgt.
Aanbod :
- betere rendement in landbouw : ook nodige industrie gewassen =
overlevingslandbouw wordt commerciële landbouw
- bevolking stijgt = overschot aan arbeidskrachten op het platteland
- plattelandsvlucht
Opmerking :
industrialisatie leidt tot enorme verstedelijking
- plattelandsvlucht = kleine bedrijfjes worden onrendabel door mechanisering
- stijging van urbanisatiegraad = de industrie trekt arbeiders aan die hopen op werk in
de fabrieken