Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 1 out of 5 pages
Class notes

Les 5 - Monogenische aandoeningen en mutaties

Document preview thumbnail
Preview 1 out of 5 pages

Collegedictaat van 5 pagina's voor het vak Genetica 1 aan de UA (les 5)

Content preview

Genetica
Les 5: Monogenische aandoeningen en mutaties

Dia 3: Bij een missense mutatie kan het zijn dat eiwit toch nog functioneel is. Niet
alle mutaties hebben een effect.

Dia 5 (EXAMEN): Mutatie in de coderende regio KAN, maar moet niet, leiden tot een
abnormaal eiwit. De abnormaliteit kan liggen in verschillende dingen: te weinig
functie uitoefenend, te veel functie uitoefenend, nieuwe functie, functie op het
moment dat het geen rol mag spelen.
Een mutatie kan ook leiden tot verstoring in RNA stabiliteit. Als midden in de
molecule een vroegtijdig stopcodon geïncorporeerd wordt, zal de aflezing midden in
de RNA molecule stoppen.
Een mutatie in de regulerende regio beïnvloedt niet de translatie maar wel de
transcriptie. Zulke mutatie kan leiden tot verminderde of versterkte activiteit van de
aflezing en eiwitvorming.

Dia 6: We spreken van een frameshift mutatie wanneer er een nucleotide
gedeleteerd wordt in een gen en hierdoor het hele leesraam van het gen verschoven
wordt. Alles na de deletie zal fout worden afgelezen. Als er een gans codon verdwijnt
is dit gewoonlijk veel onschuldiger omdat het leesraam behouden wordt.

Dia 7: Mutaties in 1 gen, afhankelijk van de soort mutaties, kunnen verschillende
ziektebeelden geven.

Dia 8: Type II collageen wordt gecodeerd door gen COL2A1. (rest van tabel NIET
kennen)

Dia 9: Het gen COL2A1 codeert voor een collageenketen en drie collageenketens
samen zullen een helicale collageenmolecule vormen, welke in de extracellulaire
matrix instaat voor stevigheid van het kraakbeen.

Dia 10: Een bepaalde mutatie van het COL2A1 gen zal ervoor zorgen dat de glycines
niet aanwezig zijn. De collageen molecule zal gevormd worden, komt in het
kraakbeen terecht maar kan deze geen stevigheid geven.
Er kunnen ook mutaties optreden in de carboxyl terminus van de eiwitketens,
waardoor de vorming van een triple helix niet mogelijk is.
Bij een nonsense mutatie krijg je een verkort eiwit, waarbij het staartje ontbreekt.
Dit eiwit zal dus niet kunnen geïncorporeerd worden en het gaat verloren.

Dia 11: De uiteinden van de collageen eiwitketens zijn belangrijk omdat zij de
vorming van een triple helix mogelijk maken.

Document information

Study
Uploaded on
September 1, 2017
Number of pages
5
Written in
2013/2014
Type
Class notes
Professor(s)
Unknown
Contains
All classes
$7.11

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
63
Followers
35
Items
57
Last sold
2 year ago

Reviews from verified buyers



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions