1 INLEIDING: etymologie en historische context ..................................................................................2
2 De vroege Renaissance in Firenze: Brunelleschi en Alberti ................................................................4
2 de vroege renaissance: Brunelleschi.................................................................................................4
2.1 ONTSTAAN VAN HET MODERNE PLEIN DANKZIJ DE TOEPASSING VAN HET LINEAIRE PERSPECTIEF ......... 6
2.2 BRUNELLESCHI: HET OEUVRE ................................................................................................................ 8
2 De vroege Renaissance : Alberti .....................................................................................................11
2.1 De Re Aedificatoria, 1450: .................................................................................................................. 11
3 De Hoge Renaissance in Rome: Roma quanta fuit ipsa ruina docet .................................................16
4 Architectuur als wetenschap: de zuilenorde ...................................................................................22
5 Renaissance in de Lage Landen ......................................................................................................23
,De verwetenschappelijking van architectuur in
Renaissance
KLEINE SAMENVATTING
- Arch w als wetenschap gezien onder impuls v humanisme
- Studie v antieke arch gebeurd door
o Tekst Vitrivius
o Al dan niet vermeende antieke gebouwen (uit Romeinse keizerrijk)
- Dit leid naar zoeken naar architecturale canon, die op zijn beurt leidt tot ontwikkeling
architectuur theorie (concept v zuilenorde staat hierbij centraal)
o Zuilenorde: fundament v architectuur ontwerp/ onderwijs ook al komt het uit
misinterpretatie
▪ Bv van renaissance lost in translation
▪ Bv van renaissance construct
▪ Internationaal succesverhaal 15-19e eeuw
1 INLEIDING: etymologie en historische context
• W gebruikt vanaf 19de eeuw over 15-16de eeuw
• Letterlijk: rinascimento / renaître : wedergeboorte van de klassieke oudheid: sublimeren de stijl
van de antieken tot een ideaal
• Renaissance geen kopie v antieke oudheid tijdens rom kijzerrijk maar zorgt voor inspo (=
construct, (emulatie en lost in translation))
• Vloeit voort uit een depreciatie van de Middeleeuwse (Gotische) architectuur cfr. Giorgio Vasari
(artikel Trachtenberg les 4)
• Renaissance is tegenhanger Gotiek
• De Renaissance als een kunststroming die ontstaat vanuit een radicale breuk met de laat-
Middeleeuwse cultuur: HUMANISME (Cicero en Aristoteles)
• Renaissance = kunststroming → door breuk
• Verklaring woorden:
o Construct: iets nieuws gebaseerd op iets wat bestaat
o Emulatie: bewust vernieuwen en verbeteren van iets bestaat
o Lost in translation (taylor): misinterpretatie doet zich vaak voor
• HUMANISME:
o Filosofie en opvatting van de werkelijkheid:
• het bovennatuurlijke verklaringsmodel van de Kerk (Scholastiek, Sacrale, Aquino)
wordt vervangen door het concept van de mens als maat van alle dingen > niet
langer op het goddelijke gericht zoals de Gotiek → gevolg: men vertrouwd in wet
ontwikkelingen (kennis en deugd)
• Visuele en tastbare = werkelijke wereld (geen afspiegeling)
o Oorspronkelijk verstond men onder humanisme:
• een optimale ontwikkeling van de menselijke mogelijkheden door de combinatie van
kennis en deugd
• een levensbeschouwing die zich niet beroept op goddelijke openbaring, maar
vertrouwt op het vermogen van de mens om zelf zijn leven zin te geven
• een teruggrijpen naar de oudheid als cultuur- en vormingsideaal (Aristoteles,
Nicomacheische Ethiek)
, o Aristoteles
• Geen onderscheid tussen vrije kunsten (zonder rechtstreeks nut) vs ambachten
MAAR gelijkwaardige opdeling tussen de universele kunsten met intellectueel,
praktisch en productief nut
1. → ziet alle kunsten als gelijkwaardig
2. → maakt wel opdeling; ene kunst heeft intellectueel nut, andere productief
nut
• Onderscheid tss:
• voor renaissance: bouwmeester: ontwerp + bouwen
• renaissance: architect: denkt na over ontwerp en tekent uit --> voert niet uit
• gevolg:
• andere commmunicatie: lineaire perspectief → wetenschappelijke studie
(intellectueel), theoretisering
• Vitruvianisme: wetenschappelijke en theoretische benadering die vitrivius
als basis neemt
• arch w gezien als belangrijk onderdeel v maatschappelijk pol project →
ordening vh gezin (moreel en sociaal project)
• Ideaalsteden: maatschappij die gebaseerd is op klassieke oudheid? En
probeert te verbeteren (arch gaat verder dan gebouwen)
o FIRENZE
• 15de eeuw, De Medici: bankiers en mecenaat: Magnificenza (Ethiek Aristoteles)
• Firenze groeit uit tot cultureel labo o.i.v. machtige families die elkaar met cultuur
beconcureren.
• Waarom Firenze als centrum vroege renaissance:
1. 14-15de eeuw Belangrijk intellectueel en economisch centrum (vroege
middeleeuwen?) (wol en textiel)
2. Medici zorgen dat eerste industrie w opgestart → financiële industrie
(banken) → doen investeringen, gedreven door ethiek v aristoteles
(Magnificenza: sociaal economische status en morele connotatie: taak v
elke burger die veel geld heeft en hoge sociale functie heeft, moet gestalte
geven in zijn architectuurprojecten → A ziet dit niet enkel als pronken; je
draagt bij tot creëren van een mooie stad (investeren in pronkarchitectuur)
Medici volgen dit (andere grote famillies doen dit ook → dit w soort
competitie, elkaar steeds overtreffen
3. Antieke invloeden:
• Gotiek bereikt nooit een hoogtepunt in italië zoals dat gebeurd in
Engelland en Nederlanden doordat antieke invloeden zo sterk
aanwezig zijn
• Elementen sluiten meer aan bij antieke invloeden dan gotiek
• 15de eeuw: men misinterpreteerd dit baptiserium als authentiek
gebouw v romeinse keizerrijk in vele bronnen
Firenze, Baptisterium Sta Maria del Fiore, 1128 (in 15de eeuw: Tempel van Mars)