Bewegingsactiviteiten: Praktijk
Deel 1: op het droge
Wat is het vak?
- Aangepaste bewegingsactiviteit is een beweegactiviteit die zo aangepast of gewijzigd
is dat ze net zo geschikt is voor een persoon met als voor een persoon zonder
beperking.
INCLUSIVE DESIGN
- Design for all of universal design
- Verwijst naar producten of omgevingen die beantwoorden aan alle noden van alle
gebruikers
- Vb: ouderen die openbaar vervoer gebruiken makkelijk maken, rolstoelgebruikers het
makkelijker maken.
Waarom deze cursus?
- Spelen kunnen een bruikbaar middel zijn in:
o Educatie
o Recreatie
o Revalidatie
een zeer groot gamma aan menselijke vermogens wordt
aangesproken
de ganse persoon wordt betrokken (mentale en motorische functies
worden aangesproken)
Hoofddoelstellingen
- De indeling van bewegingsactiviteiten kennen en kunnen toepassen
- De moeilijkheidsgraad en doelstellingen van een activiteit aan te passen aan een
specifieke doelgroep
- Bewegingsactiviteiten naar waarde kunnen schatten
Bijkomende doelstellingen
- De meerwaarde van het intensief samenwerken met collega studenten ondervinden
- Op een respectvolle en veilige manier samen bewegen, rekening houdend met ieders
kwaliteiten en beperkingen
- Kunnen samenwerken en een groepsdynamiek kunnen hanteren
, 5 doelstellingen:
1. Basismotorische vaardigheden
- Eigenschappen ivm lichaams of bewegingsbeheersing
- Snelheid ,Kracht ,Lenigheid ,Uithouding ,Reactietijd AUDITIEF, VISUEEL, TACTIEL,
Evenwicht ,Coördinatie
- Meerder tegelijk gebruiken combinatiespel
2. Perceptueel – motorische vaardigheden
- Vaardigheden ivm perceptie(van ruimte of tijd) en de motorische aanpassing aan de
gegeven situatie, door iets waar te nemen uit je omgeving ga je je beweging bijsturen
- Vb: tikkertje en veel personen op veel letten
- 2 aspecten waar het fout kan lopen
o Kwantitatief aspect (perceptie)
Focussen op verkeerde of irrelevante spelfactoren
Getikt worden omdat je op de foute dingen let
o Kwalitatief aspect( beoordeling)
Foute inschatting van de situatie( evaluatie van ruimte of tijd)
Slechte evaluatie van de tijd of ruimte
3. Psychomotorische vaardigheden
- Elementaire technische vaardigheden( nadruk op de correcte uitvoering of techniek)
Vangen, Werpen, Trappen, Koppen, Dribbelen, Rollen, Opslaan
Vooral balsporten: juist uitvoeren
4. Tactische vaardigheden
- Tactische of strategisch inzicht, vaardigheden in een directe kamp met de
tegenstander (doel= doelpunt maken)
o Goede opstelling in het veld
o Kunnen anticiperen
o Schijnbewegingen, verdediger van zich afschudden
o Mandekking
- Waar het vaak misloopt:
o Tactische kennis: het niet kennen van de meeste adequate oplossing voor
een bepaalde situatie ( vooral beginners)
o Tactisch denken: te weinig samenhang tussen de spelers , spelers begrijpen
elkaar niet.
5. Socio- motorische vaardigheden
- Samenwerking en interactie binnen een groep, alle spelers moeten betrokken
worden om het speldoel te bereiken
- Nadruk op sociale spelelementen:
Deel 1: op het droge
Wat is het vak?
- Aangepaste bewegingsactiviteit is een beweegactiviteit die zo aangepast of gewijzigd
is dat ze net zo geschikt is voor een persoon met als voor een persoon zonder
beperking.
INCLUSIVE DESIGN
- Design for all of universal design
- Verwijst naar producten of omgevingen die beantwoorden aan alle noden van alle
gebruikers
- Vb: ouderen die openbaar vervoer gebruiken makkelijk maken, rolstoelgebruikers het
makkelijker maken.
Waarom deze cursus?
- Spelen kunnen een bruikbaar middel zijn in:
o Educatie
o Recreatie
o Revalidatie
een zeer groot gamma aan menselijke vermogens wordt
aangesproken
de ganse persoon wordt betrokken (mentale en motorische functies
worden aangesproken)
Hoofddoelstellingen
- De indeling van bewegingsactiviteiten kennen en kunnen toepassen
- De moeilijkheidsgraad en doelstellingen van een activiteit aan te passen aan een
specifieke doelgroep
- Bewegingsactiviteiten naar waarde kunnen schatten
Bijkomende doelstellingen
- De meerwaarde van het intensief samenwerken met collega studenten ondervinden
- Op een respectvolle en veilige manier samen bewegen, rekening houdend met ieders
kwaliteiten en beperkingen
- Kunnen samenwerken en een groepsdynamiek kunnen hanteren
, 5 doelstellingen:
1. Basismotorische vaardigheden
- Eigenschappen ivm lichaams of bewegingsbeheersing
- Snelheid ,Kracht ,Lenigheid ,Uithouding ,Reactietijd AUDITIEF, VISUEEL, TACTIEL,
Evenwicht ,Coördinatie
- Meerder tegelijk gebruiken combinatiespel
2. Perceptueel – motorische vaardigheden
- Vaardigheden ivm perceptie(van ruimte of tijd) en de motorische aanpassing aan de
gegeven situatie, door iets waar te nemen uit je omgeving ga je je beweging bijsturen
- Vb: tikkertje en veel personen op veel letten
- 2 aspecten waar het fout kan lopen
o Kwantitatief aspect (perceptie)
Focussen op verkeerde of irrelevante spelfactoren
Getikt worden omdat je op de foute dingen let
o Kwalitatief aspect( beoordeling)
Foute inschatting van de situatie( evaluatie van ruimte of tijd)
Slechte evaluatie van de tijd of ruimte
3. Psychomotorische vaardigheden
- Elementaire technische vaardigheden( nadruk op de correcte uitvoering of techniek)
Vangen, Werpen, Trappen, Koppen, Dribbelen, Rollen, Opslaan
Vooral balsporten: juist uitvoeren
4. Tactische vaardigheden
- Tactische of strategisch inzicht, vaardigheden in een directe kamp met de
tegenstander (doel= doelpunt maken)
o Goede opstelling in het veld
o Kunnen anticiperen
o Schijnbewegingen, verdediger van zich afschudden
o Mandekking
- Waar het vaak misloopt:
o Tactische kennis: het niet kennen van de meeste adequate oplossing voor
een bepaalde situatie ( vooral beginners)
o Tactisch denken: te weinig samenhang tussen de spelers , spelers begrijpen
elkaar niet.
5. Socio- motorische vaardigheden
- Samenwerking en interactie binnen een groep, alle spelers moeten betrokken
worden om het speldoel te bereiken
- Nadruk op sociale spelelementen: