DE MAAN: SATELLIET VAN DE AARDE
1. Uitzicht en kenmerken
Diameter: 3456 km (Aarde: 12742 km)
Afstand: gemiddeld 384400 km van de Aarde
Oppervlak:
o heldere gebieden = terrae (met bergen en
kraters)
o donkere gebieden = maria (gestolde
lavavelden)
o pokdalig uiterlijk met kraters als gevolg van
meteorietinslagen
Zwaartekracht: 6x kleiner dan op Aarde.
o gevolgen: geen dampkring, extreme
temperaturen (dag: >100 °c, nacht: < -100
°C), zwarte i.p.v. blauwe hemel
2. Bewegingen van de Maan
2.1. Maanrevolutie
De Maan beweegt in een ellipsvormige baan rond de Aarde. Het baanvlak maakt een
hoek van 5° met het eclipticavlak.
Door deze ellipsvormige baan staat de Maan niet altijd even ver van de Aarde.
Gemiddeld genomen is het verschil tussen kortste en langste afstand ongeveer 40000
km:
1
, o kortste afstand Maan-Aarde = PERIGEUM
o langste afstand Maan-Aarde = APOGEUM
Een volle maan in het perigeum lijkt daardoor groter dan een volle maan in het
apogeum:
Twee soorten omlooptijden:
o SIDERISCHE omlooptijd = de tijd die nodig is om t.o.v. de sterren eenzelfde
positie in te nemen (= 27,3 dagen)
o SYNODISCHE omlooptijd = de tijd die nodig is om t.o.v. de Zon eenzelfde
positie in te nemen (= 29,5 dagen)
2
1. Uitzicht en kenmerken
Diameter: 3456 km (Aarde: 12742 km)
Afstand: gemiddeld 384400 km van de Aarde
Oppervlak:
o heldere gebieden = terrae (met bergen en
kraters)
o donkere gebieden = maria (gestolde
lavavelden)
o pokdalig uiterlijk met kraters als gevolg van
meteorietinslagen
Zwaartekracht: 6x kleiner dan op Aarde.
o gevolgen: geen dampkring, extreme
temperaturen (dag: >100 °c, nacht: < -100
°C), zwarte i.p.v. blauwe hemel
2. Bewegingen van de Maan
2.1. Maanrevolutie
De Maan beweegt in een ellipsvormige baan rond de Aarde. Het baanvlak maakt een
hoek van 5° met het eclipticavlak.
Door deze ellipsvormige baan staat de Maan niet altijd even ver van de Aarde.
Gemiddeld genomen is het verschil tussen kortste en langste afstand ongeveer 40000
km:
1
, o kortste afstand Maan-Aarde = PERIGEUM
o langste afstand Maan-Aarde = APOGEUM
Een volle maan in het perigeum lijkt daardoor groter dan een volle maan in het
apogeum:
Twee soorten omlooptijden:
o SIDERISCHE omlooptijd = de tijd die nodig is om t.o.v. de sterren eenzelfde
positie in te nemen (= 27,3 dagen)
o SYNODISCHE omlooptijd = de tijd die nodig is om t.o.v. de Zon eenzelfde
positie in te nemen (= 29,5 dagen)
2