BENAUWDHEID BIJ PATIENTEN
MET ASBESTKANKER
Case study
Roosmarijn van der Voort
500909770
1T1
Hoving, J.
17 april 2023
KLRE 1.2
studie gidsnummer 1500KE2_22
aantal woorden; 958
, 1. Casusbeschrijving meneer Van der Voort
Meneer Van der Voort* is een man van 83 jaar woonachtig in Edam samen met zijn vrouw. Zij wonen in
een gemiddelde gezinswoning met voorheen hun twee zonen. Meneer heeft in zijn werkende jaren op
olietankers gewerkt op het water. Hier kwam hij veel in aanraking met giftige stoffen waaronder asbest.
Voorheen ervaarde meneer geen klachten van zijn werk met giftige stoffen, maar sinds zes maanden
geeft meneer aan benauwd te zijn in rust en na lichte inspanning. Op 2 januari 2022 werd meneer
gediagnosticeerd met asbestkanker.
Vóór de diagnose reisden meneer en mevrouw graag met de camper door heel Europa om daar te
wandelen en te fietsen. Vanwege de toenemende benauwdheid bleven ze thuis en komt de heer enkel
uit bed voor een toiletbezoek. Meneer merkt dat hij door de verminderde lichaamsbeweging toeneemt
in gewicht, momenteel heeft hij een BMI van 32.
Mevrouw Van der Voort is zijn mantelzorger en ook komt de wijkverpleegkundige twee keer per week
langs ter ondersteuning. Mijnheer heeft veel contact met zijn twee kinderen, kleinkinderen, zijn broers,
zussen en buren. Als ze op bezoek zijn geweest merkt hij dat dit veel energie van hem vraagt. Lange
gesprekken voeren lukt meneer niet meer en hij praat met een zachte stem door de kortademigheid.
Meneer betreurt dit erg, hij hield erg van sociale contacten. Meneer slaapt met de hoofdsteun omhoog
in bed omdat dit hem helpt tegen zijn benauwdheid.
Huidige “medische” interventies die worden ingezet voor de benauwdheid zijn een vernevelaar
(salbutamol) en een zuurstofbril op 2 liter (L). De verpleegkundige en meneer zelf merken dat ondanks
deze interventies, meneer nog steeds benauwd is tijdens rust, maar voornamelijk tijdens inspanning.
De verpleegkundige twijfelt over de beste behandeling en formuleert de volgende klinische vraagstelling;
“wat is de meest geschikte verpleegkundige interventie om benauwdheid te verminderen bij patiënten
met asbestkanker?”
*Geanonimiseerd
1
MET ASBESTKANKER
Case study
Roosmarijn van der Voort
500909770
1T1
Hoving, J.
17 april 2023
KLRE 1.2
studie gidsnummer 1500KE2_22
aantal woorden; 958
, 1. Casusbeschrijving meneer Van der Voort
Meneer Van der Voort* is een man van 83 jaar woonachtig in Edam samen met zijn vrouw. Zij wonen in
een gemiddelde gezinswoning met voorheen hun twee zonen. Meneer heeft in zijn werkende jaren op
olietankers gewerkt op het water. Hier kwam hij veel in aanraking met giftige stoffen waaronder asbest.
Voorheen ervaarde meneer geen klachten van zijn werk met giftige stoffen, maar sinds zes maanden
geeft meneer aan benauwd te zijn in rust en na lichte inspanning. Op 2 januari 2022 werd meneer
gediagnosticeerd met asbestkanker.
Vóór de diagnose reisden meneer en mevrouw graag met de camper door heel Europa om daar te
wandelen en te fietsen. Vanwege de toenemende benauwdheid bleven ze thuis en komt de heer enkel
uit bed voor een toiletbezoek. Meneer merkt dat hij door de verminderde lichaamsbeweging toeneemt
in gewicht, momenteel heeft hij een BMI van 32.
Mevrouw Van der Voort is zijn mantelzorger en ook komt de wijkverpleegkundige twee keer per week
langs ter ondersteuning. Mijnheer heeft veel contact met zijn twee kinderen, kleinkinderen, zijn broers,
zussen en buren. Als ze op bezoek zijn geweest merkt hij dat dit veel energie van hem vraagt. Lange
gesprekken voeren lukt meneer niet meer en hij praat met een zachte stem door de kortademigheid.
Meneer betreurt dit erg, hij hield erg van sociale contacten. Meneer slaapt met de hoofdsteun omhoog
in bed omdat dit hem helpt tegen zijn benauwdheid.
Huidige “medische” interventies die worden ingezet voor de benauwdheid zijn een vernevelaar
(salbutamol) en een zuurstofbril op 2 liter (L). De verpleegkundige en meneer zelf merken dat ondanks
deze interventies, meneer nog steeds benauwd is tijdens rust, maar voornamelijk tijdens inspanning.
De verpleegkundige twijfelt over de beste behandeling en formuleert de volgende klinische vraagstelling;
“wat is de meest geschikte verpleegkundige interventie om benauwdheid te verminderen bij patiënten
met asbestkanker?”
*Geanonimiseerd
1