Goederenrecht
1 Inleiding
1.1 Het nieuwe goederenrecht
Eerbiedigende werking = nieuwe regels doen geen afbreuk aan reeds verworven rechten + zijn nvt op
alle rechtshandelingen en rechtsfeiten die dateren van voor inwerkingtreding of diens rechtsgevolgen
TENZIJ anders overeengekomen door partijen zelf
1.2 Plaats vh goederenrecht in ons rechtsstelsel
Objectief recht = een SL geldende regels
Subjectief recht = het recht ontleende en juridisch afdwingbare afspraken of BH die personen i/e SL
kunnen laten gelden -> titularis v/e subjectief recht = rechtssubject (natuurlijk of rechtspersoon)
Politieke subjectieve rechten = rechter die de burger kan inroepen in relatie tot de OH
Burgerlijke subjectieve rechten = rechten waarop burger zich kan beroepen i/h rechtsverkeer met
andere burgers
Extra-patrimoniale rechten = rechten die buiten het vermogen v/e persoon vallen (morele waarde) ->
niet verhandelbaar, niet in geld waardeerbaar + eindigen bij overlijden v persoon
(persoonlijkheidsrechten en familierechten) bv recht op naam, nationaliteit, woonplaats, recht te
huwen, scheiden, adopteren
Patrimoniale of vermogensrechten = maken wel deel uit vh vermogen -> in geld waardeerbaar, kunnen
verhandeld w + doven niet uit bij overlijden
• Zakelijke rechten = verlenen een recht, aanspraak of heerschappij op een goed
• Vorderingsrechten = rechten die toelaten om v/e ander de uitvoering te eisen v 1 of meer VB’en
• Intellectuele rechten = rechten die persoon kan hebben op geestelijke voortbrengselen
Vermogen = goederen v/e persoon + schulden (lasten) (baten + lasten)
= juridische algemeenheid die geheel vh bestaande en toekomstige goederen en VB’en
omvat (art 3.35 BW)
Art 3.36 BW: indien SA VB’en niet nakomt -> SE kan zich verhalen op alle goederen vd SA + alle
toekomstige goederen vd SA (ieder verbindt zich met gans zijn vermogen !!! uitz: zakelijke
zekerheidsrechten)
Zaak = lichamelijk goed = al wat bestaat en tastbaar is MAAR geen personen (dus wel dieren)
Goederen -> lichamelijk goederen = zaken en onlichamelijke goederen = rechten
2 Zakelijke rechten
2.1 Zakelijke rechten vs vorderingsrechten
Zakelijke rechten doen juridische relatie ontstaan tss persoon (rechtssubject) en zaak (rechtsobject)
• Bepaald goed of geheel v goederen tot voorwerp
• Kan op alle goederen behalve uit art 3.7 + 3.8 BW
• Erga omnes (tgo iedereen)
1
, Vorderingsrechten doen relatie ontstaan tss 2 personen -> persoonlijke rechten
• Inter partes (tss partijen
2.2 Vorderingsrechten vs rechtsvorderingen
Rechtsvordering = recht op toegang tot rechter -> mogelijkheid om beroep te doen op rechter om
rechtsplicht te doen nakomen of om subjectief recht te laten honoreren
2.3 Volgrecht en recht v voorrang
Volgrecht = het recht tav de zaak kan w uitgeoefend ongeacht in wiens handen de zaak is (recht plakt
a/d zaak, niet persoon)
Recht v voorrang = titularis vh zakelijk recht kan zaak terugnemen zonder zich te moeten onderwerpen
aan regels vd evenredige of ponds pondsgewijze verdeling (art 3.5 BW -> bij samenloop en insolvabiliteit
zal deze SE als eerste zijn middelen kunnen terugpakken)
2.4 Genotsrechten en zekerheidsrechten
Numerus clausus-beginsel = aantal zakelijke rechten is beperkt door wetgever (art 3.3 BW)
Zakelijke genotsrechten = eigenlijke zakelijke rechten, betrekking op zaak zelf + kunnen voortdurend w
uitgeoefend
Zakelijke zekerheidsrechten = zakelijke zekerheden, accessoir -> bijkomend tov vorderingsrechten
waarvan zij zekerheid strekken, betrekking op geldwaarde + kunnen 1 keer kunnen w uitgeoefend
Eigendomsrecht is zakelijk recht op eigen zaak
3 Indeling v zaken en goederen
3.1 Indeling v zaken
3.1.1 In de handel of buiten de handel
In de handel = zaken die vrij kunnen circuleren i/h rechtsverkeer + vatbaar voor private toe-eigening
Buiten de handel = zaken die tot openbaar domein behoren
3.1.2 Domeingoederen
Art 3.45 BW: goederen die toebehoren tot OH, onderscheid tss
• Openbaar domein = bestemd tot gebruik door allen en werking v/e openbare dienst
o Door aard vd zaak (bv rivier)
o Door uitdrukkelijke of impliciete beslissing vd bevoegde OH (bv musea)
o Door wet
• Privaat domein
Affectatie = domeingoederen krijgen publieke bestemming
Desaffectatie = gebruik v allen w ontnomen
Openbaar domein geniet bijz. bescherming -> onbeschikbaar, buiten de handel, onvervreemdbaar,
onverjaarbaar
!!! OH kan privatieve ingebruikneming toestaan dmv vergunning (eenzijdige bestuurshandeling) of
concessie (contract tss OH en particulier), retributie betalen = publiekrechtelijke gebruiksrechten
2
1 Inleiding
1.1 Het nieuwe goederenrecht
Eerbiedigende werking = nieuwe regels doen geen afbreuk aan reeds verworven rechten + zijn nvt op
alle rechtshandelingen en rechtsfeiten die dateren van voor inwerkingtreding of diens rechtsgevolgen
TENZIJ anders overeengekomen door partijen zelf
1.2 Plaats vh goederenrecht in ons rechtsstelsel
Objectief recht = een SL geldende regels
Subjectief recht = het recht ontleende en juridisch afdwingbare afspraken of BH die personen i/e SL
kunnen laten gelden -> titularis v/e subjectief recht = rechtssubject (natuurlijk of rechtspersoon)
Politieke subjectieve rechten = rechter die de burger kan inroepen in relatie tot de OH
Burgerlijke subjectieve rechten = rechten waarop burger zich kan beroepen i/h rechtsverkeer met
andere burgers
Extra-patrimoniale rechten = rechten die buiten het vermogen v/e persoon vallen (morele waarde) ->
niet verhandelbaar, niet in geld waardeerbaar + eindigen bij overlijden v persoon
(persoonlijkheidsrechten en familierechten) bv recht op naam, nationaliteit, woonplaats, recht te
huwen, scheiden, adopteren
Patrimoniale of vermogensrechten = maken wel deel uit vh vermogen -> in geld waardeerbaar, kunnen
verhandeld w + doven niet uit bij overlijden
• Zakelijke rechten = verlenen een recht, aanspraak of heerschappij op een goed
• Vorderingsrechten = rechten die toelaten om v/e ander de uitvoering te eisen v 1 of meer VB’en
• Intellectuele rechten = rechten die persoon kan hebben op geestelijke voortbrengselen
Vermogen = goederen v/e persoon + schulden (lasten) (baten + lasten)
= juridische algemeenheid die geheel vh bestaande en toekomstige goederen en VB’en
omvat (art 3.35 BW)
Art 3.36 BW: indien SA VB’en niet nakomt -> SE kan zich verhalen op alle goederen vd SA + alle
toekomstige goederen vd SA (ieder verbindt zich met gans zijn vermogen !!! uitz: zakelijke
zekerheidsrechten)
Zaak = lichamelijk goed = al wat bestaat en tastbaar is MAAR geen personen (dus wel dieren)
Goederen -> lichamelijk goederen = zaken en onlichamelijke goederen = rechten
2 Zakelijke rechten
2.1 Zakelijke rechten vs vorderingsrechten
Zakelijke rechten doen juridische relatie ontstaan tss persoon (rechtssubject) en zaak (rechtsobject)
• Bepaald goed of geheel v goederen tot voorwerp
• Kan op alle goederen behalve uit art 3.7 + 3.8 BW
• Erga omnes (tgo iedereen)
1
, Vorderingsrechten doen relatie ontstaan tss 2 personen -> persoonlijke rechten
• Inter partes (tss partijen
2.2 Vorderingsrechten vs rechtsvorderingen
Rechtsvordering = recht op toegang tot rechter -> mogelijkheid om beroep te doen op rechter om
rechtsplicht te doen nakomen of om subjectief recht te laten honoreren
2.3 Volgrecht en recht v voorrang
Volgrecht = het recht tav de zaak kan w uitgeoefend ongeacht in wiens handen de zaak is (recht plakt
a/d zaak, niet persoon)
Recht v voorrang = titularis vh zakelijk recht kan zaak terugnemen zonder zich te moeten onderwerpen
aan regels vd evenredige of ponds pondsgewijze verdeling (art 3.5 BW -> bij samenloop en insolvabiliteit
zal deze SE als eerste zijn middelen kunnen terugpakken)
2.4 Genotsrechten en zekerheidsrechten
Numerus clausus-beginsel = aantal zakelijke rechten is beperkt door wetgever (art 3.3 BW)
Zakelijke genotsrechten = eigenlijke zakelijke rechten, betrekking op zaak zelf + kunnen voortdurend w
uitgeoefend
Zakelijke zekerheidsrechten = zakelijke zekerheden, accessoir -> bijkomend tov vorderingsrechten
waarvan zij zekerheid strekken, betrekking op geldwaarde + kunnen 1 keer kunnen w uitgeoefend
Eigendomsrecht is zakelijk recht op eigen zaak
3 Indeling v zaken en goederen
3.1 Indeling v zaken
3.1.1 In de handel of buiten de handel
In de handel = zaken die vrij kunnen circuleren i/h rechtsverkeer + vatbaar voor private toe-eigening
Buiten de handel = zaken die tot openbaar domein behoren
3.1.2 Domeingoederen
Art 3.45 BW: goederen die toebehoren tot OH, onderscheid tss
• Openbaar domein = bestemd tot gebruik door allen en werking v/e openbare dienst
o Door aard vd zaak (bv rivier)
o Door uitdrukkelijke of impliciete beslissing vd bevoegde OH (bv musea)
o Door wet
• Privaat domein
Affectatie = domeingoederen krijgen publieke bestemming
Desaffectatie = gebruik v allen w ontnomen
Openbaar domein geniet bijz. bescherming -> onbeschikbaar, buiten de handel, onvervreemdbaar,
onverjaarbaar
!!! OH kan privatieve ingebruikneming toestaan dmv vergunning (eenzijdige bestuurshandeling) of
concessie (contract tss OH en particulier), retributie betalen = publiekrechtelijke gebruiksrechten
2