SAMENVATTING H3
H4. HUMANISTISCHE PSYCHOLOGIE
1. TYPERING V D HUMANISTISCHE PSYCHOLOGIE EN ROGERS
1.1 BASISUITGANGSPUNTEN
1. Subjectiviteit
a. Centralisme: gedrag en belevingen worden door de persoon zelf veroorzaakt
2. Bewustzijn
a. In staat om te reflecteren over eigen gedrag
3. Levenslange ontwikkeling, proces en groei
a. Op zoek naar het goede
4. Zelf verantwoordelijk voor zelfactualisatie
a. Vertrouwen in goedheid v mens
5. Hier en nu
6. Mens = 1 holistisch geheel
7. Doel = bevrijden v groeibelemmerende zaken
25
, 1.2 MENSBEELD
Optimistisch: vertrouwen in individuele groeimogelijkheden
Rol v h individu = groot
Aangeboren tendens om te groeien
Subjectiviteit
Authentieke subjectieve gevoelens vormen de essentie v een persoon
Geen reductie tot diagnose WANT beoordeling van buitenaf idpv binnenuit
Kinderen volwassenen
Kinderen = puur
Volwassenen = onecht WANT lichamelijk kompas afgestaan om te voldoen aan wensen v opvoeders en
sociale normen
Mensen dieren
Dieren zijn zich niet bewust v gevoelens
Discussiepunten
- Conflict tss
o Streven naar onbelemmerde ontwikkeling v eigen identiteit
o Beperkingen die horen bij functioneren binnen sociale structuur
- Niet iedereen heeft streven naar goedheid in zich
1.3 INDELING
Organistisch: groei kan plaatsvinden in accepterende en ruimte biedende omgeving -> interactie omgeving &
organisme
Personalistisch: persoonlijke vrijheid om eigen leven in hand te nemen (dominante visie)
Moeilijk linken aan bio-psycho-sociaal-model
Gelijkenissen:
o Persoon als totaliteit bekijken
o Interactie tss individu en omgeving
Verschillen:
o Weinig aandacht voor biologische en culturele invloeden ook aandacht voor biologische en
culturele invloeden
26
H4. HUMANISTISCHE PSYCHOLOGIE
1. TYPERING V D HUMANISTISCHE PSYCHOLOGIE EN ROGERS
1.1 BASISUITGANGSPUNTEN
1. Subjectiviteit
a. Centralisme: gedrag en belevingen worden door de persoon zelf veroorzaakt
2. Bewustzijn
a. In staat om te reflecteren over eigen gedrag
3. Levenslange ontwikkeling, proces en groei
a. Op zoek naar het goede
4. Zelf verantwoordelijk voor zelfactualisatie
a. Vertrouwen in goedheid v mens
5. Hier en nu
6. Mens = 1 holistisch geheel
7. Doel = bevrijden v groeibelemmerende zaken
25
, 1.2 MENSBEELD
Optimistisch: vertrouwen in individuele groeimogelijkheden
Rol v h individu = groot
Aangeboren tendens om te groeien
Subjectiviteit
Authentieke subjectieve gevoelens vormen de essentie v een persoon
Geen reductie tot diagnose WANT beoordeling van buitenaf idpv binnenuit
Kinderen volwassenen
Kinderen = puur
Volwassenen = onecht WANT lichamelijk kompas afgestaan om te voldoen aan wensen v opvoeders en
sociale normen
Mensen dieren
Dieren zijn zich niet bewust v gevoelens
Discussiepunten
- Conflict tss
o Streven naar onbelemmerde ontwikkeling v eigen identiteit
o Beperkingen die horen bij functioneren binnen sociale structuur
- Niet iedereen heeft streven naar goedheid in zich
1.3 INDELING
Organistisch: groei kan plaatsvinden in accepterende en ruimte biedende omgeving -> interactie omgeving &
organisme
Personalistisch: persoonlijke vrijheid om eigen leven in hand te nemen (dominante visie)
Moeilijk linken aan bio-psycho-sociaal-model
Gelijkenissen:
o Persoon als totaliteit bekijken
o Interactie tss individu en omgeving
Verschillen:
o Weinig aandacht voor biologische en culturele invloeden ook aandacht voor biologische en
culturele invloeden
26