186. Inleiding
Artikel 7:658 BW creëert aansprakelijkheid ter zake van arbeidsongevallen en beroeps
ziekten. Werkgeveraansprakelijkheid gaat vrij ver;
- Er worden zeer strenge eisen gesteld met betrekking tot de door de werkgever te betrachten
zorgvuldigheid.
- De werkgever moet rekening houden met het ervaringsfeit dat werknemers tijdens hun
werknemers niet steeds de vereiste zorg in achtnemen.
- Alleen in uitzonderlijke gevallen wordt er opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer
aangenomen. In zo’n geval blijft de schade voor de rekening van de werknemer.
- Er zijn bijzondere regels op het stuk van de stelplicht en de bewijslast met betrekking tot
werkgeversaansprakelijkheid, neergelegd in artikel 7:658 lid 2 BW.
- Er is een aanvullende bescherming voor de werknemer in artikel 7:611 BW.
- De werknemer mag rechtsgrond kiezen, dus hij mag ook bijvoorbeeld op grond van 6:162 een
vordering instellen. Dit komt niet vaak voor want onder 7:658 wordt sneller aansprakelijkheid
aangenomen. Op grond van 7:658 moet de werkgever bewijzen dat hij niet tekort is
geschoten, in plaats van dat de werknemer moet bewijzen dat hij wel tekort is geschoten.
187. Zorgplicht van de werkgever
De werkgever is verplicht de lokalen, werktuigen en gereedschappen waarin of waarmee
wordt gewerkt zo in te richten en te onderhouden als redelijkerwijs nodig is om te voorkomen
dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt. Hij is eveneens
gehouden om te dien einde passende maatregelen te treffen en aanwijzingen te verstrekken.
Schiet de werkgever hierin te kort, dan is hij aansprakelijk voor de door de werknemer
geleden schade. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de zorgplicht van de werkgever ruim
moet worden uitgelegd maar dat er geen sprake is van een absolute waarborg tegen
arbeidsongevallen, ook niet ten aanzien van werknemers wier werkzaamheden bijzondere
risico’s van ongevallen meebrengen. Niet snel kan worden aangenomen dat de werkgever aan
zijn zorgplicht heeft voldaan en dus niet o.g.v. 7:658 aansprakelijk is. De werkgever dient ook
toezicht te houden op behoorlijke naleving van de door hem gegeven instructies en op
behoorlijk onderhoud van de werkruimten.
De enkele omstandigheid dat er is gehandeld in strijd met een wettelijke regeling is niet steeds
voldoende voor aansprakelijkheid van de werkgever, ook de overige omstandigheden van het
geval kunnen een rol spelen. De vraag of de werkgever de op hem rustende zorgplicht is
nagekomen, moet worden beantwoord aan de hand van de in de betrokken periode geldende
inzichten. Bij gebreke van concrete voorschriften komt het aan op de concrete
omstandigheden. Is de werkgever in gebreke gebleven met het treffen van
veiligheidsmaatregelen tegen gevaren die hem bekend waren of behoorden te zijn, dan is hij
ook aansprakelijk wanneer een hem niet bekend gevaar zich heeft verwezenlijkt. Vereist is
dan wel dat het niet nemen van de maatregelen met het oog op de wél bekende gevaren de
kans op verwezenlijking op het onbekende gevaar aanmerkelijk heeft verhoogd.
1