Dit is onderzoek!
Hoofdstuk 3
3.1 Hoe worden kenmerken in meetbare termen vertaald?
De kwaliteit van de gegevens die je verzamelt, is afhankelijk van de manier waarop je dat doet.
Ten eerste is het belangrijk om een goede definitie te hebben van het kenmerk dat je meet.
Dan weet iedereen die je onderzoeksrapport leest precies wat je beoogt te meten.
Ten tweede is het vooral bij abstracte, complexe kenmerken, als discriminatie/agressie
belangrijk om te zoeken naar concrete karakteristieken waaraan je bijvoorbeeld kunt aflezen
hoe discriminerend, agressief iemand is.
Dit proces van vertalen van een abstract kenmerk in concreet meetbare termen wordt
operationaliseren genoemd.
Bij operationaliseren wordt het kenmerk zoals bedoeld (intelligentie) vertaald in een kenmerk zoals
bepaald (IQ).
Er wordt over een variabele gesproken op het moment dat een kenmerk vertaald is in een begrip
zoals gemeten. Intelligentie is dus een kenmerk en IQ is de variabele.
Variabele = is een meetbaar kenmerk dat verschillende waarden of scores kent.
Operationaliseren is zeker waar het complexe kenmerken betreft een complex proces. Het
operationaliseringsproces kent de volgende fasen:
1. Het definiëren
2. Het vaststellen van (sub) dimensies
3. Het vinden van indicatoren
Het definiëren
Zorg ervoor dat de definitie niet te algemeen is. Je moet ervoor zorgen dat het concreet is, maar
verval niet in voorbeelden.
Te ruim agressie is ongewenst gedrag
Te smal agressie is gedrag als schoppen, slaan en schelden
Goed agressie is gedrag dat erop gericht is een ander te kwetsen
Het vaststellen van (sub) dimensies
Je kunt mensen op verschillende manieren kwetsen, namelijk fysiek en verbaal. Dit noemen we
dimensies.
Bij agressie is er onderscheidt tussen verbale en fysieke agressie. Maar naast dit onderscheid kun je
ook een onderscheid maken tussen directe en indirecte agressie. Dit noemen we subdimensies.
Het vinden van indicatoren
Je moet per dimensie indicatoren gaan zoeken, die maken dat je het begrip kunt meten.
Het is verstandig om een complex abstract begrip te operationaliseren in een aantal vragen of
observatiepunten. Het voordeel van het gebruik van meer vragen is dat toeval een minder grote rol
speelt.
Het operationaliseren is een proces wat je dwingt om jezelf de vraag te stellen of je alle
dimensies van een kenmerkt wilt meten.
Operationaliseren is van kwalitatief en voor kwantitatief onderzoek belangrijk
, 3.2 Welke dataverzamelingsmethode wordt gebruikt?
In onderzoek worden de volgende dataverzamelingsmethoden gebruikt
Vragen stellen
Observeren
Bestaand materiaal gebruiken
Vragen stellen
Voor onderzoek geldt dat de meeste gegevens verkregen worden door mensen zelf, of door
informanten naar informatie te vragen.
Om erachter te komen wat mensen voelen, denken, weten en willen moet je mensen uiteraard
vragen stellen.
Observeren
Wanneer het om gedrag gaat moet je mensen observeren. Maar wanneer het om intiem gedrag of
zeer ongewenst gedrag gaat is observatie lastig en vaan ongewenst. Mensen gaan zich dan anders
gedragen. Het is beter om hier naar te vragen op een manier dat ze zich veilig voelen en de info
anoniem blijft. Er zijn specifieke technieken, zoals randomised-respnsetechniek die je kunt gebruiken
bij meting van gevoelig gedrag.
Bestaand materiaal gebruiken
Soms is het eenvoudiger om bestaand materiaal te gebruiken dan materiaal te verzamelen via
bevraging of observatie.
Voordeel van bestaand materiaal gebruiken beperkte kosten, niet lastig vallen van respondenten
en je hebt niet te maken met zaken als reminders en non-respons.
Verder zijn mensen door de vele onderzoeken, soms onderzoeksmoe geworden en dit voorkom je
door het gebruik van bestaand materiaal. Er is dan geen sprake van respondentenbederf.
Soms kun je naar bepaalde dingen ook niet vragen, omdat het zich in het verleden heeft afgespeeld.
Deskresearch = je hoeft er niet het veld voor in, je kunt relaxed achter je pc blijven zitten.
Ook kunnen sommige onderwerpen zo complex zijn dat ze moeilijk rechtstreeks te onderzoeken zijn.
Je kunt uiteraard ook voor een combinatie van dataverzamelingsmethoden kiezen, dit wordt
datatriangulatie genoemd. In kwalitatief onderzoek is dit heel gebruikelijk.
3.3 Is de dataverzameling betrouwbaar en valide?
De kwaliteit van je verzamelde data wordt bepaald door:
De validiteit
De betrouwbaarheid
De relatie tussen betrouwbaarheid en validiteit
De validiteit
Bij validiteit is onderscheid te maken tussen:
- De instrumentele validiteit
- De ecologische validiteit
Hoofdstuk 3
3.1 Hoe worden kenmerken in meetbare termen vertaald?
De kwaliteit van de gegevens die je verzamelt, is afhankelijk van de manier waarop je dat doet.
Ten eerste is het belangrijk om een goede definitie te hebben van het kenmerk dat je meet.
Dan weet iedereen die je onderzoeksrapport leest precies wat je beoogt te meten.
Ten tweede is het vooral bij abstracte, complexe kenmerken, als discriminatie/agressie
belangrijk om te zoeken naar concrete karakteristieken waaraan je bijvoorbeeld kunt aflezen
hoe discriminerend, agressief iemand is.
Dit proces van vertalen van een abstract kenmerk in concreet meetbare termen wordt
operationaliseren genoemd.
Bij operationaliseren wordt het kenmerk zoals bedoeld (intelligentie) vertaald in een kenmerk zoals
bepaald (IQ).
Er wordt over een variabele gesproken op het moment dat een kenmerk vertaald is in een begrip
zoals gemeten. Intelligentie is dus een kenmerk en IQ is de variabele.
Variabele = is een meetbaar kenmerk dat verschillende waarden of scores kent.
Operationaliseren is zeker waar het complexe kenmerken betreft een complex proces. Het
operationaliseringsproces kent de volgende fasen:
1. Het definiëren
2. Het vaststellen van (sub) dimensies
3. Het vinden van indicatoren
Het definiëren
Zorg ervoor dat de definitie niet te algemeen is. Je moet ervoor zorgen dat het concreet is, maar
verval niet in voorbeelden.
Te ruim agressie is ongewenst gedrag
Te smal agressie is gedrag als schoppen, slaan en schelden
Goed agressie is gedrag dat erop gericht is een ander te kwetsen
Het vaststellen van (sub) dimensies
Je kunt mensen op verschillende manieren kwetsen, namelijk fysiek en verbaal. Dit noemen we
dimensies.
Bij agressie is er onderscheidt tussen verbale en fysieke agressie. Maar naast dit onderscheid kun je
ook een onderscheid maken tussen directe en indirecte agressie. Dit noemen we subdimensies.
Het vinden van indicatoren
Je moet per dimensie indicatoren gaan zoeken, die maken dat je het begrip kunt meten.
Het is verstandig om een complex abstract begrip te operationaliseren in een aantal vragen of
observatiepunten. Het voordeel van het gebruik van meer vragen is dat toeval een minder grote rol
speelt.
Het operationaliseren is een proces wat je dwingt om jezelf de vraag te stellen of je alle
dimensies van een kenmerkt wilt meten.
Operationaliseren is van kwalitatief en voor kwantitatief onderzoek belangrijk
, 3.2 Welke dataverzamelingsmethode wordt gebruikt?
In onderzoek worden de volgende dataverzamelingsmethoden gebruikt
Vragen stellen
Observeren
Bestaand materiaal gebruiken
Vragen stellen
Voor onderzoek geldt dat de meeste gegevens verkregen worden door mensen zelf, of door
informanten naar informatie te vragen.
Om erachter te komen wat mensen voelen, denken, weten en willen moet je mensen uiteraard
vragen stellen.
Observeren
Wanneer het om gedrag gaat moet je mensen observeren. Maar wanneer het om intiem gedrag of
zeer ongewenst gedrag gaat is observatie lastig en vaan ongewenst. Mensen gaan zich dan anders
gedragen. Het is beter om hier naar te vragen op een manier dat ze zich veilig voelen en de info
anoniem blijft. Er zijn specifieke technieken, zoals randomised-respnsetechniek die je kunt gebruiken
bij meting van gevoelig gedrag.
Bestaand materiaal gebruiken
Soms is het eenvoudiger om bestaand materiaal te gebruiken dan materiaal te verzamelen via
bevraging of observatie.
Voordeel van bestaand materiaal gebruiken beperkte kosten, niet lastig vallen van respondenten
en je hebt niet te maken met zaken als reminders en non-respons.
Verder zijn mensen door de vele onderzoeken, soms onderzoeksmoe geworden en dit voorkom je
door het gebruik van bestaand materiaal. Er is dan geen sprake van respondentenbederf.
Soms kun je naar bepaalde dingen ook niet vragen, omdat het zich in het verleden heeft afgespeeld.
Deskresearch = je hoeft er niet het veld voor in, je kunt relaxed achter je pc blijven zitten.
Ook kunnen sommige onderwerpen zo complex zijn dat ze moeilijk rechtstreeks te onderzoeken zijn.
Je kunt uiteraard ook voor een combinatie van dataverzamelingsmethoden kiezen, dit wordt
datatriangulatie genoemd. In kwalitatief onderzoek is dit heel gebruikelijk.
3.3 Is de dataverzameling betrouwbaar en valide?
De kwaliteit van je verzamelde data wordt bepaald door:
De validiteit
De betrouwbaarheid
De relatie tussen betrouwbaarheid en validiteit
De validiteit
Bij validiteit is onderscheid te maken tussen:
- De instrumentele validiteit
- De ecologische validiteit