1. Inleiding en achtergrondinformatie
Kunstmatige intelligentie: de naam voor iets dat door mensen is
gemaakt dat slim gedrag vertoont.
Doel van kunstmatige intelligentie: dingen beter automatiseren dat
de mens kan. Voorbeeld: een zelfrijdende auto.
Verschillende definities van AI:
Psychologie: hoe zitten de gedachten van een mens in elkaar en hoe
kunnen we dat vertalen naar machines?
Biologie: hoe kunnen we de complexe structuren in de natuur en bij
dieren vertalen naar machines?
Sociologie: waarom gaan mensen op een bepaalde manier met elkaar
om en wat betekent dat voor de omgang tussen machines en mensen?
Wiskunde: hoe kunnen we het universum in een formeel systeem vatten,
zodat machines ermee om kunnen gaan?
Neurologie: hoe werkt het brein en hoe kunnen we dat met machines
nabootsen?
Filosofie: wat is intelligentie eigenlijk en kúnnen we het wel met
machines maken?
Je hebt zwakke kunstmatige intelligentie (weak A.I.) en je hebt
sterke kunstmatige intelligentie (strong A.I.): heeft te maken met
hoeveel expertise de machine heeft. Voorbeeld: een zwakke intelligentie
(weak A.I.) kan alleen 1 ding goed doen; zoals een chatbot (maar het kan
niet autorijden).
Een sterke intelligentie (strong A.I.) is een machine die net zo slim of zelfs
slimmer is dan de mens; het kan zichzelf onderscheiden van de
buitenwereld en bewust zijn van zichzelf.
2. Filosofie en ethiek
Turing Test: een test van Alan Turing die wilde kijken hoe intelligent AI
nou eigenlijk is; 3 kamers afgesloten met een computer. De computers zijn
verbonden met elkaar. In de eerste kamer was een man/vrouw, in de
tweede was de AI en in de eerste was een jury. De jury moest dan raden
welke chat nou een echte mens was en welke een chatbot.
Chinese Kamer: Computer zou slechts opdrachten navolgen en begrijpt
zelf niks.