Tiffani Jeurissen 1BA Psychologie
Samenvatting OMT
Hoofdstuk 1
Psychometrie
OMT1: psychometrie
• Waarmee doen we onderzoek?
• Meetinstrumenten & psychologische tests
• Kenmerken van goede psychologische tests
OMT2: wetenschappelijk onderzoek
= methodologische keuzes bij opzetten en uitvoeren van wetenschappelijke studie
Psychologische testen
OOK psychologische test
• Sensorische, zintuiglijke waarneming
vb: kleuren onderscheiden: 5 herkennen
• Niet goed of niet wetenschappelijk onderbouwd
vb: artikel van de Flair
• Op systematische manier gedrag, attitudes in kaart brengen
vb: online beoordeling van hotel
APGAR Scoring
• Bij pasgeborenen
- Activiteit (spiertonus)
- Pols
- Grimas (reflex responsiviteit)
- Aanblik (huidkleur)
- Respiratie (ademhaling)
• Score na 1min + 5min (+ 10min bij problemen)
= 0 tot 2 per eigenschap
- 7 tot 10: normaal
- 4 tot 7: aanleiding tot ingrijpen
- 3 of lager: onmiddellijke reanimatie
Extreme gevallen: leven of dood
• Doodstraf North Carolina
• Mentale achterstand: IQ significant lager dan gemiddelde
= 70 of lager
Belang psychologische testen
• Afnemen
• Instrumentarium van psychologen
• Psychometrische kwaliteit van testen kunnen inschatten is essentieel
Psychometrie
= Wetenschappelijke studie van de kwaliteit van psychologische metingen
Psychologische test
= Systematische procedure om gedrag te vergelijken
OMT 1
,Tiffani Jeurissen 1BA Psychologie
- 2/+ personen: inter-individuele verschillen (Cronbach)
- 1 persoon op verschillende momenten: intra-individuele verschillen
• Leveren een staal / steekproef van gedrag op
- Eindig aantal items
- Selectie = cruciaal (representativiteit)
! Goede predictor: niet noodzakelijk afspiegeling van te voorspellen gedrag
= Empirische kwestie, onderwerp van wetenschappelijk onderzoek
• Gebruiken systematische procedures (standaardisering)
- Om items, vragen, opdrachten te kiezen
! Wetenschappelijke studie van de item pool
- Om test af te nemen (omstandigheden)
- om antwoorden te scoren en te interpreteren (objectieve of subjectieve scoring)
vb: Digit span (max. aantal herhaalde cijfers): gelijke cijferreeks
• Maken gebruik van testscore
- Thorndike: “Whatever exists at all exists in some amount”
- McCall: “Anything that exists in amount can be measured”
- Doel: bepaald psychologisch kenmerk (construct) meten
- Men gaat er van uit dat elke persoon dat kenmerk bezit
- Testscore: schatting van hoeveelheid waarin kenmerk aanwezig is
! Abstractie bruikbaar om niet-testgedrag te voorspellen
! ALTIJD meetfout!
X= T + e
X= geobserveerde score
T= true score
e= error
Geschiedenis van psychologische testen
Oorsprong experimentele psychologie
1. 2200 v.C. China: examen voor ambtenaren
2. Eind 19e eew Europa
• Afzetten tegen subjectieve methode
vb: introspectie
• Nadruk op objectieve, reproduceerbare methoden in laboratoria
• Aandacht voor eenvoudige, sensorische processen en lichamelijke kenmerken
vb: reactietijden, waarnemingsdrempels als basis van intelligentie
• “Bronzen instrumenten tijdperk van testing”
OMT 2
, Tiffani Jeurissen 1BA Psychologie
Wilhelm Wundt (1832-1920)
• 1e psychologisch lab (Leipzig, 1879)
• Gedachtenmeter (1862)
! Nuttig voor de astronomie
• Verdiensten:
- Erkennen van inter-individuele verschillen
- Poging om mentale processen te meten
Francis Galton (1822-1911)
• Geobsedeerd door meten
vb: intelligentie a.d.h.v. reactietijden + eenvoudige sensorische discriminatie taken
• Interesse in erfelijkheid (neef van Charles Darwin)
• Eugenetica (letterlijk “goed geboren”)
• Antropometrie: metingen van fysieke kenmerken
vs psychometrie: metingen van psychologische kenmerken
• Vader van de “differentiële psychologie”
• Psychometrisch lab (Londen, 1884)
1. Demografische gegevens
2. Kleur haar en ogen
3. Gezichtsvermogen (vb: reactietijd visuele stimuli)
4. Hoorvermogen
5. Waarnemingsdrempel tastzin
6. Longcapaciteit (spirometer)
7. Snelheid handbeweging
8. Kracht (vb: handgrip: dynamometer)
9. (Arm-)Lengte
10. Gewicht
• Systematische manier, bedenker correlatiecoëfficiënt
! Grondlegger moderne psychometrie & statistiek
• Grote bijdrage: ontwikkeling van objectieve tests, gestandaardiseerde procedures
James McKeen Cattell (1860-1944)
• Student bij Wundt & Galton
• Introduceert ideeën van Europese experimentele psychologen in VS
• Introduceert term “mentale test”
• Start eigen lab (10 mentale tests: meting van mentale sterkte / intelligentie)
1. Handgrip (dynamometer)
2. Snelheid van handbeweging over afstand van 50cm
3. 2-puntsdrempel voor tast: minimum afstand als apart waargenomen
4. Hoeveelheid druk nodig om pijn te veroorzaken (rubber punt op voorhoofd)
5. Gewichtsdifferentiatie: relatieve gewicht van uiterlijk identieke doosjes
6. Reactietijd voor geluid
7. Tijd om kleuren te benoemen
8. Bissectie van een 50-cm lijn
9. Beoordeling van 10 seconden tijd
10. Aantal letters herhaald na 1x te horen
! Fysieke en mentale energie onmogelijk te scheiden van elkaar
Clark Wissler (1870-1947)
• Verzamelde data bij 300 studenten
- Scores op “mentale tests” van Catell
- Studieresultaten
• Zwakke correlaties: mentale tests ≠ geschikt voor meten van intelligentie
• Daling van interesse in experimentele psychologie (psychofysische tests)
• “Wissler’s mistake”: homogene groep (elite universiteit) i.p.v. heterogene groep!
OMT 3
Samenvatting OMT
Hoofdstuk 1
Psychometrie
OMT1: psychometrie
• Waarmee doen we onderzoek?
• Meetinstrumenten & psychologische tests
• Kenmerken van goede psychologische tests
OMT2: wetenschappelijk onderzoek
= methodologische keuzes bij opzetten en uitvoeren van wetenschappelijke studie
Psychologische testen
OOK psychologische test
• Sensorische, zintuiglijke waarneming
vb: kleuren onderscheiden: 5 herkennen
• Niet goed of niet wetenschappelijk onderbouwd
vb: artikel van de Flair
• Op systematische manier gedrag, attitudes in kaart brengen
vb: online beoordeling van hotel
APGAR Scoring
• Bij pasgeborenen
- Activiteit (spiertonus)
- Pols
- Grimas (reflex responsiviteit)
- Aanblik (huidkleur)
- Respiratie (ademhaling)
• Score na 1min + 5min (+ 10min bij problemen)
= 0 tot 2 per eigenschap
- 7 tot 10: normaal
- 4 tot 7: aanleiding tot ingrijpen
- 3 of lager: onmiddellijke reanimatie
Extreme gevallen: leven of dood
• Doodstraf North Carolina
• Mentale achterstand: IQ significant lager dan gemiddelde
= 70 of lager
Belang psychologische testen
• Afnemen
• Instrumentarium van psychologen
• Psychometrische kwaliteit van testen kunnen inschatten is essentieel
Psychometrie
= Wetenschappelijke studie van de kwaliteit van psychologische metingen
Psychologische test
= Systematische procedure om gedrag te vergelijken
OMT 1
,Tiffani Jeurissen 1BA Psychologie
- 2/+ personen: inter-individuele verschillen (Cronbach)
- 1 persoon op verschillende momenten: intra-individuele verschillen
• Leveren een staal / steekproef van gedrag op
- Eindig aantal items
- Selectie = cruciaal (representativiteit)
! Goede predictor: niet noodzakelijk afspiegeling van te voorspellen gedrag
= Empirische kwestie, onderwerp van wetenschappelijk onderzoek
• Gebruiken systematische procedures (standaardisering)
- Om items, vragen, opdrachten te kiezen
! Wetenschappelijke studie van de item pool
- Om test af te nemen (omstandigheden)
- om antwoorden te scoren en te interpreteren (objectieve of subjectieve scoring)
vb: Digit span (max. aantal herhaalde cijfers): gelijke cijferreeks
• Maken gebruik van testscore
- Thorndike: “Whatever exists at all exists in some amount”
- McCall: “Anything that exists in amount can be measured”
- Doel: bepaald psychologisch kenmerk (construct) meten
- Men gaat er van uit dat elke persoon dat kenmerk bezit
- Testscore: schatting van hoeveelheid waarin kenmerk aanwezig is
! Abstractie bruikbaar om niet-testgedrag te voorspellen
! ALTIJD meetfout!
X= T + e
X= geobserveerde score
T= true score
e= error
Geschiedenis van psychologische testen
Oorsprong experimentele psychologie
1. 2200 v.C. China: examen voor ambtenaren
2. Eind 19e eew Europa
• Afzetten tegen subjectieve methode
vb: introspectie
• Nadruk op objectieve, reproduceerbare methoden in laboratoria
• Aandacht voor eenvoudige, sensorische processen en lichamelijke kenmerken
vb: reactietijden, waarnemingsdrempels als basis van intelligentie
• “Bronzen instrumenten tijdperk van testing”
OMT 2
, Tiffani Jeurissen 1BA Psychologie
Wilhelm Wundt (1832-1920)
• 1e psychologisch lab (Leipzig, 1879)
• Gedachtenmeter (1862)
! Nuttig voor de astronomie
• Verdiensten:
- Erkennen van inter-individuele verschillen
- Poging om mentale processen te meten
Francis Galton (1822-1911)
• Geobsedeerd door meten
vb: intelligentie a.d.h.v. reactietijden + eenvoudige sensorische discriminatie taken
• Interesse in erfelijkheid (neef van Charles Darwin)
• Eugenetica (letterlijk “goed geboren”)
• Antropometrie: metingen van fysieke kenmerken
vs psychometrie: metingen van psychologische kenmerken
• Vader van de “differentiële psychologie”
• Psychometrisch lab (Londen, 1884)
1. Demografische gegevens
2. Kleur haar en ogen
3. Gezichtsvermogen (vb: reactietijd visuele stimuli)
4. Hoorvermogen
5. Waarnemingsdrempel tastzin
6. Longcapaciteit (spirometer)
7. Snelheid handbeweging
8. Kracht (vb: handgrip: dynamometer)
9. (Arm-)Lengte
10. Gewicht
• Systematische manier, bedenker correlatiecoëfficiënt
! Grondlegger moderne psychometrie & statistiek
• Grote bijdrage: ontwikkeling van objectieve tests, gestandaardiseerde procedures
James McKeen Cattell (1860-1944)
• Student bij Wundt & Galton
• Introduceert ideeën van Europese experimentele psychologen in VS
• Introduceert term “mentale test”
• Start eigen lab (10 mentale tests: meting van mentale sterkte / intelligentie)
1. Handgrip (dynamometer)
2. Snelheid van handbeweging over afstand van 50cm
3. 2-puntsdrempel voor tast: minimum afstand als apart waargenomen
4. Hoeveelheid druk nodig om pijn te veroorzaken (rubber punt op voorhoofd)
5. Gewichtsdifferentiatie: relatieve gewicht van uiterlijk identieke doosjes
6. Reactietijd voor geluid
7. Tijd om kleuren te benoemen
8. Bissectie van een 50-cm lijn
9. Beoordeling van 10 seconden tijd
10. Aantal letters herhaald na 1x te horen
! Fysieke en mentale energie onmogelijk te scheiden van elkaar
Clark Wissler (1870-1947)
• Verzamelde data bij 300 studenten
- Scores op “mentale tests” van Catell
- Studieresultaten
• Zwakke correlaties: mentale tests ≠ geschikt voor meten van intelligentie
• Daling van interesse in experimentele psychologie (psychofysische tests)
• “Wissler’s mistake”: homogene groep (elite universiteit) i.p.v. heterogene groep!
OMT 3