Inleiding in het recht
Twee betekenissen van ‘recht’ Objectief (of positief) recht Subjectief recht
Formeel recht
Materieel recht
Bronnen van recht
de wet
Wet in formele zin
Wet in materiele zin
Rangorde van wetgeving
1. De hogere wet gaat voor een lagere wet;
2. De recentere wet gaat voor de oudere wet.
Bronnen van recht: Jurisprudentie
Interpretatiemethoden
Grammaticale methode: welke betekenis heeft het woord in het alledaagse spraakgebruik?
Wetshistorische interpretatie: de rechter beroept zich op de bij de wet behorende
Kamerstukken (= parlementaire geschiedenis).
Teleologische methode: wat is het (maatschappelijke) doel van de regeling, wat wil de wet
bereiken of voorkomen?
Redeneerwijzen
1. A-contrario-redeneren: de rechter gaat ervanuit dat een bepaalde rechtsregel NIET van
toepassing is, omdat die rechtsregel uitsluitend geschreven is voor de gevallen die in de
regeling uitdrukkelijk worden genoemd;
2. Redenering naar analogie: de rechter gaat ervanuit dat een bepaalde kwestie zoveel lijkt op
een kwestie die wél wettelijk geregeld is, dat die laatste regel ook van toepassing wordt
verklaard op de nietgeregelde kwestie.
Staatsrechtelijke beginselen Nederland is een rechtsstaat
1. Beginsel van de machtenscheiding (de trias politica);
2. Het legaliteitsbeginsel;
3. Beginsel van democratie;
4. Onafhankelijkheid van de rechter;
5. De grondrechten
Klassieke grondrechten • Sociale grondrechten
Organen van de staat: wie is wie ook alweer?
De Koning
De Regering
De Staten-Generaal
Wetgevingsproces
1. Regering neemt het initiatief;
, 2. Leden van de Tweede Kamer nemen initiatief
Week 3
Inleiding in het recht Bestuursrecht – besluitvormingsfase
Algemeen versus bijzonder bestuursrecht
Awb is van toepassing tenzij de bijzondere bestuurswet daarvan afwijkt.
De bijzondere regeling gaat vóór op de algemene regeling als deze van elkaar afwijken.
Voorbeeld: artikel 4:13 en 4:14 Awb tegenover artikel 3.9 Wabo.
Belangrijke begrippen in het bestuursrecht (Awb)
Bestuursorgaan;
Besluit;
Bevoegdheid;
Belanghebbende.
Bestuursorgaan Artikel 1:1 lid 1 sub a Awb: een orgaan van een rechtspersoon die krachtens
publiekrecht is ingesteld.
Onderscheid bestuursorgaan – openbaar lichaam
Besluit Artikel 1:3 Awb
Schriftelijke beslissing
Van een bestuursorgaan
Publiekrechtelijke rechtshandeling
Soorten besluiten
1. Besluiten van algemene strekking
2. Beschikkingen
Soorten beschikkingen
Gebonden vs vrije beschikkingen
Begunstigende vs belastende bs.
Bestuursbevoegdheid
Legaliteitsbeginsel
Attributie
Delegatie
Mandaat
Week 4
Inleiding in het recht Bestuursrecht – rechtsbeschermingsfase
Afwijzing
Wat nu?
1. Kan ik bezwaar maken?
2. Zo ja, bij wie?
3. Binnen welke termijn?
4. Hoe moet ik bezwaar maken?
Twee betekenissen van ‘recht’ Objectief (of positief) recht Subjectief recht
Formeel recht
Materieel recht
Bronnen van recht
de wet
Wet in formele zin
Wet in materiele zin
Rangorde van wetgeving
1. De hogere wet gaat voor een lagere wet;
2. De recentere wet gaat voor de oudere wet.
Bronnen van recht: Jurisprudentie
Interpretatiemethoden
Grammaticale methode: welke betekenis heeft het woord in het alledaagse spraakgebruik?
Wetshistorische interpretatie: de rechter beroept zich op de bij de wet behorende
Kamerstukken (= parlementaire geschiedenis).
Teleologische methode: wat is het (maatschappelijke) doel van de regeling, wat wil de wet
bereiken of voorkomen?
Redeneerwijzen
1. A-contrario-redeneren: de rechter gaat ervanuit dat een bepaalde rechtsregel NIET van
toepassing is, omdat die rechtsregel uitsluitend geschreven is voor de gevallen die in de
regeling uitdrukkelijk worden genoemd;
2. Redenering naar analogie: de rechter gaat ervanuit dat een bepaalde kwestie zoveel lijkt op
een kwestie die wél wettelijk geregeld is, dat die laatste regel ook van toepassing wordt
verklaard op de nietgeregelde kwestie.
Staatsrechtelijke beginselen Nederland is een rechtsstaat
1. Beginsel van de machtenscheiding (de trias politica);
2. Het legaliteitsbeginsel;
3. Beginsel van democratie;
4. Onafhankelijkheid van de rechter;
5. De grondrechten
Klassieke grondrechten • Sociale grondrechten
Organen van de staat: wie is wie ook alweer?
De Koning
De Regering
De Staten-Generaal
Wetgevingsproces
1. Regering neemt het initiatief;
, 2. Leden van de Tweede Kamer nemen initiatief
Week 3
Inleiding in het recht Bestuursrecht – besluitvormingsfase
Algemeen versus bijzonder bestuursrecht
Awb is van toepassing tenzij de bijzondere bestuurswet daarvan afwijkt.
De bijzondere regeling gaat vóór op de algemene regeling als deze van elkaar afwijken.
Voorbeeld: artikel 4:13 en 4:14 Awb tegenover artikel 3.9 Wabo.
Belangrijke begrippen in het bestuursrecht (Awb)
Bestuursorgaan;
Besluit;
Bevoegdheid;
Belanghebbende.
Bestuursorgaan Artikel 1:1 lid 1 sub a Awb: een orgaan van een rechtspersoon die krachtens
publiekrecht is ingesteld.
Onderscheid bestuursorgaan – openbaar lichaam
Besluit Artikel 1:3 Awb
Schriftelijke beslissing
Van een bestuursorgaan
Publiekrechtelijke rechtshandeling
Soorten besluiten
1. Besluiten van algemene strekking
2. Beschikkingen
Soorten beschikkingen
Gebonden vs vrije beschikkingen
Begunstigende vs belastende bs.
Bestuursbevoegdheid
Legaliteitsbeginsel
Attributie
Delegatie
Mandaat
Week 4
Inleiding in het recht Bestuursrecht – rechtsbeschermingsfase
Afwijzing
Wat nu?
1. Kan ik bezwaar maken?
2. Zo ja, bij wie?
3. Binnen welke termijn?
4. Hoe moet ik bezwaar maken?