100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Schema Politieke Geschiedenis Van België - breuklijnen (003252)

Rating
-
Sold
1
Pages
9
Uploaded on
08-01-2023
Written in
2022/2023

Dit is een duidelijk overzicht/schema van de eerste 3 hoofdstukken van het vak Politieke geschiedenis van België. Het zijn de 3 breuklijnen: de sociaal economisch, de levensbeschouwelijke en de communautaire breuklijn.

Institution
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 8, 2023
Number of pages
9
Written in
2022/2023
Type
Summary

Subjects

Content preview

SOCIAAL ECONOMISCH LEVENSBESCHOUWELIJK COMMUNAUTAIR
1830 –  Congres van Wenen  Context Nederlands is voor de folklore
1848 1814-1815: VK der ND wordt 1830-1848: dit was de en het Frans is voor de
bufferstaat voor Fr met een leger overgangsperiode van een toplagen van de samenleving
aangevoerd door Willem I  goed landbouwmaatschappij ( waar kerk en en politiek
voor huis Oranje want eigendom staat de meeste macht hebben) naar
breid uit een industriële maatschappij (waar In de grondwet staat
 Gw: 1815 bankiers en advocaten aan de macht taalnijverheid maar Frans
De macht gaat uit van de vorst zijn 19e eeuw) wordt gezien als taal en
maar er is wel een parlement + Ancien Regime  moderne tijd Nederlands als een dialect 
tienjarige begroting + geen  Ancien regime Frans is cultureel dominant
ministeriële verantwoordelijkheid AR eindigt in 1795 na de Franse vervolg is dat BXL verfranst
(Willem I heeft alleen de macht) annexatie 2 Vlaamse deelgroepen van
 Revolutie 1830  Frans regime literatoren: 1) de Gentse dat
Context: industrie gaat goed onder BE was in 1795 een deel van Fr en zijn de oudere 2) dit zijn de
Willem I maar landbouw onder het frans regime werd de jongere zij worden uiteindelijk
belangrijkste  ontstaan 2 feodaliteit afgeschaft de basis van de Vlaamse
oppositiegroepen: 1) middenklasser  Macht katholieken Beweging  zij zorgen ervoor
eist volkssoevereiniteit, Kieswet 1831: de cijns werden verlaagd dat Nederlandse taal cultureel
parlementair regime, ministeriële op het platteland bleef bestaan
verantwoordelijkheid en Onderwijs 1842: Willem I breide het
rechtsbescherming  onderwijs uit  hierdoor waren er
middenklasse werd uitgesloten uit minder analfabeten – in het AR was al
de macht maar deden wel mee aan het onderwijs katholiek
revolutie 2) adel en clerus willen Neutraliteit in het onderwijs was voor
terug naar tijd zonder alleen de katholieken gelijk aan het
heersende koning en ontkennen van het geloof  de
standenmaatschappij, willen katholieken maken gebruik van hun
vrijheid van godsdienst  adel en politieke meerderheid om openbare
clerus tegen onderwijspolitie van scholen weer onder hun hoedde te
Willem I nemen – zo kwamen de meeste lagere
Lagere burgerij had ook problemen scholen onder directe controle van de
met Willem I  ze werden geestelijken
uitgesloten uit de stemming ookal Organieke wet op het lager onderwijs
waren het ambtenaren, van 1842 hielp de katholieken ook
intellectuelen, onderwijzers,.. voorruit – deze wet verplichtte de
!! zij vormen het monsterverbond godsdienst moraal onafscheidelijk
tegen het regime van Willem I !! waren
Enkel conservatieven ook De liberalen konden enkel het
orangisten genoemd waren benoemingsrecht van de leerkrachten
voorstander van Willem I in de gemeenteraad houden  zo
 Verloop van revolutie bleven nog enkele liberalen scholen in
Ontevreden arme/paupers homogeen liberale gemeentes
veroorzaken relletjes en de 1846: de liberalen proberen het
middenklasse verspreide met hun middelbaar onderwijs te claimen maar
actiegroepen posters, artikels en door het harde verzet van de
starten petities  voorlopig katholieken liep dit ook mis  ook het
bewind kondigt onafhankelijkheid middelbaar kwam in de handen van de
af en de koning verliest gezag katholieke
 Politiek na revolutie 1830  Liberale, antiklerikale oppositie
Periode 1831-1845 nog geen spraak Er kwam een liberaal antiklerikaal

, van partijen met omschreven tegengewicht voor het conservatieve
programma. Tot 1836 overheerste machtsblok door een samenwerking
de katholieke en de liberaal tussen zowel de hogere als de midden
unionisten burgerij als de organisten tegen de
Sociaaleconomische verhouding in katholieke kerk als gemeenschappelijke
parlement: grootgrondbezitters vijand  ze wouden allemaal kerk en
zitten vooral in senaat staat scheiden en vormden zo een
(voorstanders van kerk) en de antiklerikale beweging
rijkere burgerij/intellectuelen zitten
vooral in de kamer  Paupers/arme
 De grondwet = compromis De overheid maakte gebruik van de
Compromis: voor de liberaal ongeletterden paupers om in de
gematigde gaan er hervormingen fabrieken te werken aangezien ze
gebeuren en voor de conservatieve intellectueel niet in staat waren om
blijft de machtsstructuur van voor een collectief klassenbewust verzet tot
de Franse revolutie behouden  stand te brengen  toch vreesde de
tolerante houding van liberalen was burgerij voor deze grote groep en
een teken van vroeg liberalisme deden ze een kleine toegeving: er
Kerk in de Gw: de kerk was organiseerde kassen voor sociale
comfortabel in de Gw aangezien de voorzieningen en pensioenen
kerk zorgde dat de gelovige zich  Kats = volkstoneel
braaf gedroegen  onderwijs en Dit was de eerste manier om de
eredienst wordt gefinancierd door mensen bewust te maken van wat er
de staat gaande was – dit zetten de arbeider tot
 Nationaal congres denken en er werden meetings
Verkiezingen: het nationaal congres georganiseerd waarbij de arbeiders
werd verkozen adhv rechtstreekse actief deel konden nemen
verkiezingen met kiescijns 
hierdoor werd de kleine burgerij en
de democraten/republikeinen
uitgesloten van de stemming
Belangrijke groepen: de adel en de
intellectuelen  er waren meer
conservatieven en gematigde
katholieken dan antiklerikalen + er
waren meer conservatieven en
gematigde katholieken dan
republikeinen
!! maar hun gemeenschappelijk
punt is dat ze de vorstelijke macht
zoals Willem I aan banden willen
leggen en ook de adel en de clerus
waren tegen de vorstelijke macht
 ze eiste: 1) koning gebonden aan
de Gw 2) scheiding der machten 3)
ministeriële verantwoordelijkheid
4) contraseign
 Consolidatie: militair,
diplomatiek en financieel
De schelde wordt geblokkeerd door
ND als gevolg van de tiendaagse

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
EmmaRose18 Vrije Universiteit Brussel
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
30
Member since
3 year
Number of followers
23
Documents
26
Last sold
2 weeks ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions