Hoorcollege 2 – Macro- en Microscopische bouw van nieren en
urinewegen
Functies van de nieren
- Excretie: metabolieten, medicijnen en toxinen
- Homeostase: volume, osmolariteit, elektrolyten en bloed pH
- Endocrien: erythropoëtine (epo), renine (RAAS), prostaglandine en
calcitriol (vit D)
Ontwikkeling van de nieren
Ze ontstaan uit het intermediair mesoderm en zijn opgedeeld in 3 delen:
1. Pronephros, deze is niet functioneel (voornier).
2. Mesonephros, deze is alleen embryonaal functioneel voor de excretie,
gaat in regressie.
3. Metanephros, deze blijft functioneel. Uit de oernier vormt een
ureterknop die uitgroeit
tot de ureter. Deze buis groeit richting de metanephros en vertakt tot
verzamelbuizen,
nierbekken en kelkjes. De metanephros vormt de nefronen, interstitium
en een kapsel.
Er groeien endogene cellen in die de vaatjes van de Glomerulus
vormen.
De nieren liggen retroperitoneaal, dorsaal en migreren naar craniaal,
waarbij de rechter verder naar voren ligt en vaak door de lever omgeven
wordt (niet bij varken). De linker nier ligt lager en dus losser. Bij het rund
liggen de nieren aan de rechterkant achter elkaar met de rechter voor de
linker, omdat links het maagpakket ligt.
De primaire nier bestaat uit multipele nierlobben die van buiten naar
binnen fuseren tot een secundaire nier. Per diersoort is er verschil in de
mate van fusie.
Gelobd, multipapillair: honderden/duizenden lobjes (zeezoogdier) en 12-25
lobben (rund). Deze zien eruit als een druiventros en hebben geen (echt)
nierbekken, maar allemaal aparte buisjes. Calyces-gangensysteem-ureter.
1
, Glad, multipapillair: gladde buitenkant, maar de papillen niet gefuseerd.
Calyces-nierbekken-ureter (varken, mens)
Glad, unipapillair: gladde buitenkant met maar 1 papil = crista renalis
(Vleeseters, kleine herkauwers, paard)
2
urinewegen
Functies van de nieren
- Excretie: metabolieten, medicijnen en toxinen
- Homeostase: volume, osmolariteit, elektrolyten en bloed pH
- Endocrien: erythropoëtine (epo), renine (RAAS), prostaglandine en
calcitriol (vit D)
Ontwikkeling van de nieren
Ze ontstaan uit het intermediair mesoderm en zijn opgedeeld in 3 delen:
1. Pronephros, deze is niet functioneel (voornier).
2. Mesonephros, deze is alleen embryonaal functioneel voor de excretie,
gaat in regressie.
3. Metanephros, deze blijft functioneel. Uit de oernier vormt een
ureterknop die uitgroeit
tot de ureter. Deze buis groeit richting de metanephros en vertakt tot
verzamelbuizen,
nierbekken en kelkjes. De metanephros vormt de nefronen, interstitium
en een kapsel.
Er groeien endogene cellen in die de vaatjes van de Glomerulus
vormen.
De nieren liggen retroperitoneaal, dorsaal en migreren naar craniaal,
waarbij de rechter verder naar voren ligt en vaak door de lever omgeven
wordt (niet bij varken). De linker nier ligt lager en dus losser. Bij het rund
liggen de nieren aan de rechterkant achter elkaar met de rechter voor de
linker, omdat links het maagpakket ligt.
De primaire nier bestaat uit multipele nierlobben die van buiten naar
binnen fuseren tot een secundaire nier. Per diersoort is er verschil in de
mate van fusie.
Gelobd, multipapillair: honderden/duizenden lobjes (zeezoogdier) en 12-25
lobben (rund). Deze zien eruit als een druiventros en hebben geen (echt)
nierbekken, maar allemaal aparte buisjes. Calyces-gangensysteem-ureter.
1
, Glad, multipapillair: gladde buitenkant, maar de papillen niet gefuseerd.
Calyces-nierbekken-ureter (varken, mens)
Glad, unipapillair: gladde buitenkant met maar 1 papil = crista renalis
(Vleeseters, kleine herkauwers, paard)
2