100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

College aantekeningen Goederenrecht week 1 t/m 6

Beoordeling
-
Verkocht
3
Pagina's
49
Geüpload op
04-01-2023
Geschreven in
2022/2023

Dit document bevat de college aantekeningen van het vak Goederenrecht van week 1 t/m 6 (week 7 over erfdienstbaarheid en appartementsrechten ontbreekt dus).

Instelling
Vak











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
4 januari 2023
Aantal pagina's
49
Geschreven in
2022/2023
Type
College aantekeningen
Docent(en)
E.f. verheul en d.f. kopalit
Bevat
Week 1 t/m 6

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Goederenrecht
Week 1a – Verhaal en voorrang algemeen

Hoge Raad 13 november 2020 – Glencore II
Een zaak kan op grond van art. 3:4 lid 2 BW alleen dan als bestanddeel
worden aangemerkt als zij met de hoofdzaak fysiek is verbonden. Uit het
feit dat hak- en breekwerk voor de verwijdering van het aluminium uit de
ovens noodzakelijk is, volgt niet het bestaan van verbondenheid in de zin
van art. 3:4 lid 2 BW. Denkbaar is dat het hak- en breekwerk slechts nodig
is om het in de ovens aanwezige (maar daarmee niet verbonden)
aluminium te bereiken en daaruit te verwijderen, nu het door de gestolde
toestand niet kan worden afgetapt. Indien sprake is van fysieke
verbondenheid, gaat het bij de beoordeling of sprake is van
bestanddeelvorming op de grond dat een zaak niet van de hoofdzaak kan
worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis wordt
toegebracht aan een van de zaken, erom dat de fysieke gevolgen van
afscheiding van betekenis zijn. Daarvoor is niet relevant wat de door
afscheiding optredende vermogensrechtelijke gevolgen (zoals de gevolgen
voor de waarde van de zaken) zijn en of na afscheiding herstel kan
plaatsvinden. Met de situatie dat de fysieke gevolgen van afscheiding van
betekenis zijn, moet redelijkerwijs worden gelijkgesteld de situatie waarin
afscheiding zonder fysieke gevolgen van betekenis weliswaar technisch
mogelijk is, maar daarmee in verhouding tot de waarde van de zaken
onevenredig veel inspanningen of kosten zijn gemoeid.

Verhaal
 Verhaal op het gehele vermogen (3:276 BW)
o “De schuldenaar staat in met zijn gehele vermogen, tenzij de
wet of een overeenkomst anders bepaalt, kan een schuldeiser
zijn vordering op alle goederen van zijn schuldenaar
verhalen.”
o Dus op alle goederen, tenzij…
 Overeenkomst
 Afspraak in de overeenkomst dat op bepaalde
goederen geen verhaal kan worden genomen
 Wet
 Art. 447 Rv (huisraad, kleding, levensmiddelen)
 Art. 475a/b/c Rv (beslagvrije voet, beslag op
loonvorderingen)
o Soms ook beslag op goederen van derden:
 Retentierecht, soms (3:292 BW)
 Fiscus: bodemrecht (22 lid 3 IW)
- Ontneemt derden de mogelijkheid van verzet in
rechte tegen de inbeslagneming van de in dat
artikel bedoelde zaken en genoemde
belastingaanslagen. Deze beperking biedt de
ontvanger de mogelijkheid de belastingschuld te

, verhalen op de desbetreffende zaken, ook als
deze niet aan de belastingschuldige toebehoren.
- Beslissend of de aldaar bedoelde zaken op de
bodem van de belastingschuldige in beslag
genomen worden
 Derdenpand/hypotheek
 Paritas creditorum (3:277 BW)
o Als meerdere personen verhaal zoeken en er te weinig is om
alle vorderingen te voldoen ➝ verdelingsmaatstaf
 De normatieve kracht?
 Doorbreking van de paritas door 6:107 lid 4 BW
 Unitco (betaling steunvorderingen door derde (holding))

 R.o 3.3.2: het betalen van steunvorderingen al dan
niet door derden in de faillissementssituatie is niet
ontoelaatbaar. Het staat derden in beginsel vrij
hangende een procedure tot faillietverklaring
steunvorderingen te voldoen. Dat levert geen
doorbreking op van de paritas creditorum, ook niet
indien de vordering van de aanvrager van het
faillissement onbetaald blijft of daarvoor geen
zekerheid wordt gesteld.
 Echter is dit in sommige gevallen wel
ontoelaatbaar
o Gelijkheid van schuldeisers
o Netto-opbrengst wordt verdeeld, naar evenredigheid van
ieders vordering
o Een uitzondering hierop staat in lid 2: achtergestelde
vordering

Voorrang (3:278 e.v BW)
 Voorrecht
o Ontstaan alleen uit de wet
 3:285 BW
 Pand en hypotheek (3:227 lid 1 BW)
o (Hoge) voorrang
o Er is geen executoriale titel vereist (recht van parate executie
3:248/268)
o Pand en hypotheekhouder oefenen in geval van faillissement
hun recht uit alsof er geen faillissement was (57 lid 1 Fw)
o Zaaksgevolg, prioriteit
 De 1e in tijd heeft de sterkste in recht
 Andere gronden
o Retentierecht
Dit is een gesloten stelsel.

Het nemen van verhaal
1. Bevoegdheid tot het nemen van verhaal door de crediteur;
2. Een executoriale titel is vereist (430 Rv);

, a. Een vonnis
b. Notariële akte
3. Executoriaal beslag (bijv. 439 Rv);
a. ‘Naar evenredigheid van ieders vordering’
4. Openbare verkoop (bijv. 463 Rv);
5. Verdeling van de opbrengst indien er meerdere schuldeisers zijn
(bijv. 480 Rv)
a. Paritas creditorum!

Faillissement
 Art. 1 Fw: ‘Toestand van te hebben opgehouden te betalen’
 Art. 20 Fw: ‘Het gehele vermogen van de schuldenaar wordt
uitgewonnen’
 Art. 23-24 Fw: ‘Schuldenaar verliest beheer en beschikking over zijn’
vermogen’
o Hij kan niet meer vervreemden en beheersingshandelingen
verrichten
 Art. 33 Fw: ‘Individuele beslagen vervallen’

De ‘verkeersregels’
 Pand en hypotheek gaan voor voorrecht (3:279 BW)
 Bijzondere voorrechten gaan voor algemene voorrechten (3:280 BW)
 Bijzondere voorrechten op hetzelfde goed staan gelijk in rang (3:281
lid 1 BW)
 Bijzondere voorrechten op hetzelfde goed, hebben gelijke rang,
wanneer de vordering is ontstaan speelt geen rol
 De verhouding tussen voorrechten op alle goederen wordt bepaald
door de volgorde waarin de wet hen plaatst


Voorrecht Voorrang
Voorrang (Hoge) voorrang
Executoriale titel vereist Recht van parate executie
(3:248/268 BW)
Indienen in faillissement Separatist
Geen zaaksgevolg Zaaksgevolg




Week 1b – Pandrecht, i.h.b. op roerende zaken

, De Jong/KBC
Er is een geschil tussen de Jong en KBC over de
verdeling van de opbrengst. KBC stelt dat:
 Zij een vordering heeft van €X op DMA;
 Haar positie zou bij de verdeling bevoorrecht
zijn ex hypotheekrecht / pandrechten
De Jong stelt dat teboekstelling niet rechtsgeldig is
(incl. hypotheek).
Hof: ‘Teboekstelling is ongeldig (art. 8:784 lid 6
BW). Geen geldig hypotheekrecht, maar wel een
geldig pandrecht op de casco’s.’
Er is bij de executie wel een melding gemaakt van het
hypotheekrecht, maar niet van het pandrecht. De
executieverkoper wist dus niet van het pandrecht
(goede trouw).
 Wat gebeurt er nu met het pandrecht?
Is dat komen te vervallen doordat er geëxecuteerd is
(art. 480 Rv)? Of… is het pandrecht overgegaan (droit
de suite) aan de koper. Maar bescherming van de
executieverkoper doordat hij niet afwist van het pandrecht.
 Wat als het pandrecht vervalt door derdenbescherming?
i. De hoger gerangschikte schuldeiser executeert de
verpande zaak
a. Art. 448 jo 551 Rv: (lagere) pandhouder geldt bij de verdeling
als beperkt gerechtigde wiens recht door executie is vervallen
ii. De lager gerangschikte schuldeiser executeert de
verpande zaak
a. Art. 3:248 lid 3 BW is van toepassing. Het (hogere) pandrecht
blijft in principe bestaan, tenzij derdenbescherming (art. 3:86
lid 2 BW)
Hoge Raad: “art. 3:248 lid 3 BW ziet op het geval waarin sprake is van
enerzijds een beslaglegger / lager gerangschikte pandhouder en
anderzijds een hoger gerangschikte pandhouder. Art. 3:248 lid 1 BW ziet
dus niet op het zich hier voordoende geval van een pandhouder die
verkoopt als beslaglegger zonder melding te maken van zijn pandrecht.
Het hof heeft dus kunnen oordelen dat KBC bij de rangregeling dient te
worden aangemerkt als een beperkt gerechtigde wiens recht door de
executie is vervallen ex art. 480 Rv.”

Vestigingsvereisten vuistpand
Art. 3:84 lid 1 BW Titel
Beschikkingsbevoegdheid
Vestiging in enge zin
Art. 3:98 BW Schakelbepaling voor beperkte
rechten
Art. 3:296 lid 1 BW Zaak in de macht van de
pandhouder / derde brengen

Vestigingsvereisten stilpand

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
JudithhhhS Rijksuniversiteit Groningen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
60
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
45
Documenten
9
Laatst verkocht
1 maand geleden
Samenvattingen, schema\'s, arresten en meer - Rechtsgeleerheid Groningen

4.0

2 beoordelingen

5
0
4
2
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen