EIWITTEN OF PROTEÏNEN
WAT ZIJN EIWITTEN?
• In noodsituatie zal het lichaam overschakelen op energielevering uit eiwitten → lichaamseiwitten
worden afgebroken om aan brandstof te komen = gevaarlijke situatie, want normaal is een eiwit een
bouwstof!
• Functie: een bestanddeel voor alle cellen en weefsels: spierweefsel, pezen, ligamenten, organen,
klieren, nagels, haren, huid, beenderen, het gebit, de bloedvaten (voor elasticiteit). Enzymen,
hormonen, transportmoleculen in het bloed en antistoffen zijn eiwitachtige structuren. Ze worden door
het lichaam gebruikt voor de opbouw van de cellen of de aanmaak van hormonen
• Elk weefsel heeft een specifieke aminozuur-combinatie. De code hiervan ligt vervat in ons genetisch
materiaal
• Eiwitten uit voedingsmiddelen zijn opgebouwd uit aminozuren → eiwitten worden door de
spijsvertering weer afgebroken tot aminozuren → hiermee worden lichaamseiwitten aangemaakt.
• Vlees, vis, zuivel, granen en peulvruchten zijn eiwitrijke voedingsmiddelen.
• Ze maken na water het grootste deel uit van ons lichaamsgewicht
• 20 verschillende aminozuren → 50 000 eiwitten kunnen hieruit ontstaan
WAT ZIJN AMINOZUREN?
• Aminozuren zijn bouwstenen van eiwitten of proteïnen en van neurotransmitters (stoffen die instaan
voor geestelijk evenwicht, geheugen en mentale scherpte).
• Het zijn moleculen opgebouwd uit koolstof, zuurstof, waterstof en stikstof.
• Functie: vitaminen en mineralen naar behoren laten werken.
• Voorbeelden:
o Tryptofaan: nodig voor de aanmaak van serotonine (= hormoon → slaap, positieve stemming,
kalmte)
o Tyrosine: grondstof voor de aanmaak van de schildklier- en bijnierschorshormonen. Tekort
leidt tot een ijzerdeficiëntie
o Glutamine: naast glucose de enige brandstof voor de hersenen
o Glutathion: ontgift, antioxidant, beschermt tegen straling
o Taurine: vertering en uitscheiding van vetten
• Essentiële en niet-essentiële aminozuren:
o Het grootste deel is niet essentieel: de lever kan ze zelf aanmaken (12 van de 20)
o Overige ACHT aminozuren zijn essentieel: het lichaam kan ze niet zelf aanmaken → uit voeding
halen
• Vlees en vis bevatten alle 8 essentiële aminozuren. Eiwitrijke voedingsmiddelen die alle essentiële
aminozuren bevatten = volwaardige eiwitten.
• Biologische waarde: indicatie om aan te tonen hoe sterk het aminozurenpatroon lijkt op dat van het
menselijk lichaam. Dierlijke eiwitten hebben een hogere biologische waarde, omdat ze meer op de
“menselijke” eiwitten lijken dan de plantaardige.
• Goede eiwitcombinaties:
o Granen + peulvruchten of noten en zaden of zuivel
o Granen of groenten + vlees of vis
EIWITBEHOEFTE
Gemiddeld: 1 gram eiwit/kilo lichaamsgewicht/dag
1
WAT ZIJN EIWITTEN?
• In noodsituatie zal het lichaam overschakelen op energielevering uit eiwitten → lichaamseiwitten
worden afgebroken om aan brandstof te komen = gevaarlijke situatie, want normaal is een eiwit een
bouwstof!
• Functie: een bestanddeel voor alle cellen en weefsels: spierweefsel, pezen, ligamenten, organen,
klieren, nagels, haren, huid, beenderen, het gebit, de bloedvaten (voor elasticiteit). Enzymen,
hormonen, transportmoleculen in het bloed en antistoffen zijn eiwitachtige structuren. Ze worden door
het lichaam gebruikt voor de opbouw van de cellen of de aanmaak van hormonen
• Elk weefsel heeft een specifieke aminozuur-combinatie. De code hiervan ligt vervat in ons genetisch
materiaal
• Eiwitten uit voedingsmiddelen zijn opgebouwd uit aminozuren → eiwitten worden door de
spijsvertering weer afgebroken tot aminozuren → hiermee worden lichaamseiwitten aangemaakt.
• Vlees, vis, zuivel, granen en peulvruchten zijn eiwitrijke voedingsmiddelen.
• Ze maken na water het grootste deel uit van ons lichaamsgewicht
• 20 verschillende aminozuren → 50 000 eiwitten kunnen hieruit ontstaan
WAT ZIJN AMINOZUREN?
• Aminozuren zijn bouwstenen van eiwitten of proteïnen en van neurotransmitters (stoffen die instaan
voor geestelijk evenwicht, geheugen en mentale scherpte).
• Het zijn moleculen opgebouwd uit koolstof, zuurstof, waterstof en stikstof.
• Functie: vitaminen en mineralen naar behoren laten werken.
• Voorbeelden:
o Tryptofaan: nodig voor de aanmaak van serotonine (= hormoon → slaap, positieve stemming,
kalmte)
o Tyrosine: grondstof voor de aanmaak van de schildklier- en bijnierschorshormonen. Tekort
leidt tot een ijzerdeficiëntie
o Glutamine: naast glucose de enige brandstof voor de hersenen
o Glutathion: ontgift, antioxidant, beschermt tegen straling
o Taurine: vertering en uitscheiding van vetten
• Essentiële en niet-essentiële aminozuren:
o Het grootste deel is niet essentieel: de lever kan ze zelf aanmaken (12 van de 20)
o Overige ACHT aminozuren zijn essentieel: het lichaam kan ze niet zelf aanmaken → uit voeding
halen
• Vlees en vis bevatten alle 8 essentiële aminozuren. Eiwitrijke voedingsmiddelen die alle essentiële
aminozuren bevatten = volwaardige eiwitten.
• Biologische waarde: indicatie om aan te tonen hoe sterk het aminozurenpatroon lijkt op dat van het
menselijk lichaam. Dierlijke eiwitten hebben een hogere biologische waarde, omdat ze meer op de
“menselijke” eiwitten lijken dan de plantaardige.
• Goede eiwitcombinaties:
o Granen + peulvruchten of noten en zaden of zuivel
o Granen of groenten + vlees of vis
EIWITBEHOEFTE
Gemiddeld: 1 gram eiwit/kilo lichaamsgewicht/dag
1