Bouwkunde W4
Kennisklip:
Naast woningbouw is er utiliteitsbouw: alle bouwwerken die geen
woonbestemmingen hebben: kantoren, winkels, bioscopen,
recreatiegebouwen, fabrieken, zorginstellingen.
Woningbouw bestaat uit:
Laagbouw: woning met max. 3 woonlagen
Etagebouw: 3 of 4 bouwlagen, lift nog niet verreist volgens bouwbesluit
Hoogbouw: meer dan 4 woonlagen, lift verplicht volgens bouwbesluit
Grondgebonden woningen
Vrijstaande woning
Een vrijstaande woning is een eengezinswoning die los staat van
(eventueel) aanwezige andere objecten. Je kunt erom heen
2-onder-1-kapwoning
Een 2-onder-1-kapwoning is een eengezinswoning waarvan het
hoofdgebouw is verbonden met het hoofdgebouw van één andere
gelijksoortige en gelijkvormige woning.
Geschakelde woning
Een geschakelde woning is een eengezinswoning waarbij de muren of
muren van aanbouwen gedeeltelijk aan (aanbouwen van) andere
woningen grenzen.
Tussenwoning (rijtjeswoning)
Is een eengezinswoning waarbij de tussenmuren aan andere panden
grenzen en waarbij de woningen ten opzichte van elkaar in een gelijk
vlak of lijn liggen.
Hoekwoning
Is een eengezinswoning die grenst aan een aanliggende woning. De
hoekwoning ligt op het begin of einde van de reeks woningen
Als een woning aan een openbaar gebied grenst is het een eindwoning
Niet- grondgebonden woningen
Galerijflat
Een galerijflat is een flatwoning waarbij de voordeur uitkomt op een aan
de buitenkant gelegen loopgang.
Portiekflat
Een portiekflat is een flatwoning waarbij de voordeur uitkomt op een
gemeenschappelijk afsluitbaar trappenhuis, een centrale hal of een
gesloten portiek.
Corridorflat
Een corridorflat is een flatwoning waarbij de voordeur uitkomt op een
centraal binnen de bouwmassa per etage gelegen loopgang dan wel op
een centrale hal op de etage
, Maisonnette
Een maisonnette is een specifiek type woning waarbij de woning zelf twee
of meer bouwlagen heeft.
Boven- en benedenwoning
Een benedenwoning is een etagewoning op de begane grond met een
voordeur die op straat uitkomt. Een bovenwoning is een etagewoning op
een etage die bereikbaar is via een binnentrap met een mogelijk
gemeenschappelijke voordeur
Portiekwoning
Een portiekwoning is een etagewoning waarbij de voordeur uitkomt in een
open portiek. Een portiek is een toegangsportaal gelegen achter de
voorgevel van waaruit de afzonderlijke woningen direct worden ontsloten
via een gemeenschappelijk te gebruiken trap en bordessen.
Hoorcollege:
Eind 19e eeuw:
• Sterke bevolkingsgroei en trek van plattelandsbevolking naar stad
• Leefomstandigheden arbeiders zeer slecht
Sinds 1901 is minimale kwaliteit van woningen vastgelegd in de
Woningwet
Doel:
• Bewoning slechte woningen onmogelijk maken
• Bouw van goede woningen bevorderen
Voor de invulling van de technische eisen voor de bouw verwijst de
Woningwet naar het Bouwbesluit. Het Bouwbesluit bestaat sinds 1992.
Het Bouwbesluit 2012 bevat voorschriften voor veiligheid, gezondheid,
bruikbaarheid, energiezuinigheid & milieu.
Een bouwwerk moet altijd voldoen aan die voorschriften. Hieronder wat
voorschriften
Veiligheid = Constructie, brand
Gezondheid = Schadelijke stoffen, daglicht, geluidsoverlast
Bruikbaarheid = Toegankelijkheid, eisen deuren/gangen
Energiezuinigheid = Isolatie, luchtdoorlatendheid
Functionele eis
‘Een te bouwen bouwwerk biedt in een verblijfsgebied bescherming tegen
geluid van buiten’
Prestatie-eis (wanneer wordt er aan het voorschrift voldaan)
‘een uitwendige scheidingsconstructie van een verblijfsgebied heeft een
volgens NEN 5077 bepaalde karakteristieke geluidwering met een
minimum van 20dB’.
In prestatie-eis wordt vaak verwezen naar NEN-normen. Hierin staat:
Kennisklip:
Naast woningbouw is er utiliteitsbouw: alle bouwwerken die geen
woonbestemmingen hebben: kantoren, winkels, bioscopen,
recreatiegebouwen, fabrieken, zorginstellingen.
Woningbouw bestaat uit:
Laagbouw: woning met max. 3 woonlagen
Etagebouw: 3 of 4 bouwlagen, lift nog niet verreist volgens bouwbesluit
Hoogbouw: meer dan 4 woonlagen, lift verplicht volgens bouwbesluit
Grondgebonden woningen
Vrijstaande woning
Een vrijstaande woning is een eengezinswoning die los staat van
(eventueel) aanwezige andere objecten. Je kunt erom heen
2-onder-1-kapwoning
Een 2-onder-1-kapwoning is een eengezinswoning waarvan het
hoofdgebouw is verbonden met het hoofdgebouw van één andere
gelijksoortige en gelijkvormige woning.
Geschakelde woning
Een geschakelde woning is een eengezinswoning waarbij de muren of
muren van aanbouwen gedeeltelijk aan (aanbouwen van) andere
woningen grenzen.
Tussenwoning (rijtjeswoning)
Is een eengezinswoning waarbij de tussenmuren aan andere panden
grenzen en waarbij de woningen ten opzichte van elkaar in een gelijk
vlak of lijn liggen.
Hoekwoning
Is een eengezinswoning die grenst aan een aanliggende woning. De
hoekwoning ligt op het begin of einde van de reeks woningen
Als een woning aan een openbaar gebied grenst is het een eindwoning
Niet- grondgebonden woningen
Galerijflat
Een galerijflat is een flatwoning waarbij de voordeur uitkomt op een aan
de buitenkant gelegen loopgang.
Portiekflat
Een portiekflat is een flatwoning waarbij de voordeur uitkomt op een
gemeenschappelijk afsluitbaar trappenhuis, een centrale hal of een
gesloten portiek.
Corridorflat
Een corridorflat is een flatwoning waarbij de voordeur uitkomt op een
centraal binnen de bouwmassa per etage gelegen loopgang dan wel op
een centrale hal op de etage
, Maisonnette
Een maisonnette is een specifiek type woning waarbij de woning zelf twee
of meer bouwlagen heeft.
Boven- en benedenwoning
Een benedenwoning is een etagewoning op de begane grond met een
voordeur die op straat uitkomt. Een bovenwoning is een etagewoning op
een etage die bereikbaar is via een binnentrap met een mogelijk
gemeenschappelijke voordeur
Portiekwoning
Een portiekwoning is een etagewoning waarbij de voordeur uitkomt in een
open portiek. Een portiek is een toegangsportaal gelegen achter de
voorgevel van waaruit de afzonderlijke woningen direct worden ontsloten
via een gemeenschappelijk te gebruiken trap en bordessen.
Hoorcollege:
Eind 19e eeuw:
• Sterke bevolkingsgroei en trek van plattelandsbevolking naar stad
• Leefomstandigheden arbeiders zeer slecht
Sinds 1901 is minimale kwaliteit van woningen vastgelegd in de
Woningwet
Doel:
• Bewoning slechte woningen onmogelijk maken
• Bouw van goede woningen bevorderen
Voor de invulling van de technische eisen voor de bouw verwijst de
Woningwet naar het Bouwbesluit. Het Bouwbesluit bestaat sinds 1992.
Het Bouwbesluit 2012 bevat voorschriften voor veiligheid, gezondheid,
bruikbaarheid, energiezuinigheid & milieu.
Een bouwwerk moet altijd voldoen aan die voorschriften. Hieronder wat
voorschriften
Veiligheid = Constructie, brand
Gezondheid = Schadelijke stoffen, daglicht, geluidsoverlast
Bruikbaarheid = Toegankelijkheid, eisen deuren/gangen
Energiezuinigheid = Isolatie, luchtdoorlatendheid
Functionele eis
‘Een te bouwen bouwwerk biedt in een verblijfsgebied bescherming tegen
geluid van buiten’
Prestatie-eis (wanneer wordt er aan het voorschrift voldaan)
‘een uitwendige scheidingsconstructie van een verblijfsgebied heeft een
volgens NEN 5077 bepaalde karakteristieke geluidwering met een
minimum van 20dB’.
In prestatie-eis wordt vaak verwezen naar NEN-normen. Hierin staat: