Staatsrecht en gemeenterecht
Week 1
Functies van het staatsrecht
• Constitueren —> art. 97 lid 1 Gw
• In het leven beroepen van een bepaalde staatsorgnanen of in het leven roepen van bepaalde
onderwerpen
• Het wordt in het eerst genoemd in de grondwet
• Attribueren —> art. 81 Gw
• Het toekennen van bevoegdheden
• Reguleren —> art. 1 Gw
• Het grenzen stellen aan de bevoegdheden
Herhalen trias politica
• Uitvoerende macht
• Wetgevende macht
• Rechtsprekende macht
• Er is bij ons sprake van check and balances (81 Gw) wetten worden vastgesteld door de Staten-
Generaal (wetgevende macht) maar ook door de regering (uitvoerende macht)
Democratische rechtstaat
• Staatsvrije sfeer
• Legaliteitsbeginsel
• Checks and balances
• Onafhankelijke en onpartijdige rechter
Twee grondregel voor democratische staatsrechtelijke staatsorganisatie
• Geen bevoegdheid zonder grondslag in wet of grondwet
• Niemand kan die bevoegdheid uitoefenen zonder verantwoording schuldig te zijn of zonder dat
die uitoefening controle bestaat
Legaliteitsbeginsel
• Ieder overheidsoptreden dient te berusten op een daaraan voorafgaand algemene regel. Dat die
regel gemaakt mag worden, moet staan in de grondwet of in een wet in formele zin
• Wettelijke grondslag —> wettelijke voorschrift —> bepaalde bevoegdheid —>
bevoegdheidsbegrenzing —> waarborg vrijheid burger
Het koninklijk besluit
• De koning is onderdeel van de regering (art. 42 Gw) —> niet van het kabinet maar wel van de
regering dus
• Algemene maatregel van bestuur worden bij koninklijk besluit vastgesteld (art. 89 Gw)
Normen hiërarchie
• Rechtstreeks EU-recht en verdragen
• Statuut (art. 5 lid 2)
• Grondwet (let op: art. 120 Gw)
• Rijkswet
• Wet in formele zin (81 Gw)
• AMvB (89 Gw, koninklijke besluiten)
• Ministeriële regeling
• Provinciale verordening (119 Pw)
• Gemeentelijke verordening (120 Gemw)
Drie vereisten wanneer er sprake is volgens een ongeschreven staatsrechtelijke rechtsregel
• Er is sprake van een staatskundige praktijk
• De partijen hebben de overtuiging om wegens deze manier te handelen
• Land is onbestuurbaar als er niet wordt gehandeld volgens de regels
,Twee ongeschreven staatsrechtelijke regels
• Vertrouwensregel
• Conventie 1868
• De kamer mag het kabinet maar één keer ontbinden
, Week 2
De regering bestaat uit:
• De koning (42 lid 1 Gw)
• De ministers (42 lid 1 Gw)
• De staatssecretarissen (47 en 89 Gw)
Kabinet bestaat uit:
• De ministers
• Staatsecretarissen (46 lid 1 Gw)
• En de koning —> denk aan het ontslag van het kabinet (43 Gw)
De minister
• Ontstaan van het ambt (47 Gw)
• Benoemt en ontslaan bij koninklijk besluit (43 Gw)
• Eventueel: ministerie (44 Gw), kan ook zonder ministerie (44 lid 2 Gw)
• Zetel + stem in de ministerraad (45 lid 1 Gw en 11 RvOMR)
• Benoeming en aanvaarding (48 en 49 Gw)
• Soorten minsters
• Leidinggevende minister (44 lid 1 Gw)
• Zonder portefeuille (44 lid 2 Gw)
• Gevolmachtigde ministers (8 Statuut)
• Minster van staat —> is een ere titel
Minster-president
• Primus inter pares (45 lid 1 Gw, 48 Gw, 9 en 11 RvOMR)
• Voorzitter van de ministerraad (45 lid 2 Gw)
• Benoemd deels zichzelf (48 Gw)
• Vertegenwoordiger van de regering/het kabinet (o.a. 15 VEU)
• Minster van algemene zaken
Ministerraad
• Gevormd door alle ministers tezamen (45 Gw / 2 lid 1 RvOMR)
• Minster-president zit voor (45 lid 2 Gw / 2 lid 2 RvOMR)
• Vindt doorgaans op de vrijdag plaats
• Agenda wordt vastgesteld door minister-president (9 RvOMR)
• Mogelijke onderwerpen te vinden in art. 4 RvOMR
• Collegiaal bestuur (12 RvOMR jo. 6 RvOMR)
• Samen als een eenheid naar buiten stappen
Staatssecretaris
• Onderdeel van de regering (47 jo. 81 Gw)
• Niet genoemd in art. 42 lid 1, zie art. 43 Gw vs. art. 46 lid 1 Gw
• Verantwoordelijk voor zover de minister dat bepaald (46 lid 2 Gw)
• Bevoegdheid van de minster afgeleid en afhankelijk
• Minster trekt altijd aan het langste eind
• Meebarbelen in ministerraad (3 lid 1 sub b RvOMR)
• Nooit stemrecht (alleen adviserend)
Koning
• Ook onderdeel van de regering (42 lid 1 Gw)
• Koningschap geregeld in H2, § 1 van de Grondwet
• Erfelijk vervuld (24 Gw)
In de grondwet
• 24 Gw als startpunt
• 25 Gw (30 Gw, 37 lid 1 sub e Gw)
• 26 Gw (de ongeboren koning)
• 27 Gw (afstand koningschap)
• 28 Gw (huwelijk — let op art. 28 lid 3)
Week 1
Functies van het staatsrecht
• Constitueren —> art. 97 lid 1 Gw
• In het leven beroepen van een bepaalde staatsorgnanen of in het leven roepen van bepaalde
onderwerpen
• Het wordt in het eerst genoemd in de grondwet
• Attribueren —> art. 81 Gw
• Het toekennen van bevoegdheden
• Reguleren —> art. 1 Gw
• Het grenzen stellen aan de bevoegdheden
Herhalen trias politica
• Uitvoerende macht
• Wetgevende macht
• Rechtsprekende macht
• Er is bij ons sprake van check and balances (81 Gw) wetten worden vastgesteld door de Staten-
Generaal (wetgevende macht) maar ook door de regering (uitvoerende macht)
Democratische rechtstaat
• Staatsvrije sfeer
• Legaliteitsbeginsel
• Checks and balances
• Onafhankelijke en onpartijdige rechter
Twee grondregel voor democratische staatsrechtelijke staatsorganisatie
• Geen bevoegdheid zonder grondslag in wet of grondwet
• Niemand kan die bevoegdheid uitoefenen zonder verantwoording schuldig te zijn of zonder dat
die uitoefening controle bestaat
Legaliteitsbeginsel
• Ieder overheidsoptreden dient te berusten op een daaraan voorafgaand algemene regel. Dat die
regel gemaakt mag worden, moet staan in de grondwet of in een wet in formele zin
• Wettelijke grondslag —> wettelijke voorschrift —> bepaalde bevoegdheid —>
bevoegdheidsbegrenzing —> waarborg vrijheid burger
Het koninklijk besluit
• De koning is onderdeel van de regering (art. 42 Gw) —> niet van het kabinet maar wel van de
regering dus
• Algemene maatregel van bestuur worden bij koninklijk besluit vastgesteld (art. 89 Gw)
Normen hiërarchie
• Rechtstreeks EU-recht en verdragen
• Statuut (art. 5 lid 2)
• Grondwet (let op: art. 120 Gw)
• Rijkswet
• Wet in formele zin (81 Gw)
• AMvB (89 Gw, koninklijke besluiten)
• Ministeriële regeling
• Provinciale verordening (119 Pw)
• Gemeentelijke verordening (120 Gemw)
Drie vereisten wanneer er sprake is volgens een ongeschreven staatsrechtelijke rechtsregel
• Er is sprake van een staatskundige praktijk
• De partijen hebben de overtuiging om wegens deze manier te handelen
• Land is onbestuurbaar als er niet wordt gehandeld volgens de regels
,Twee ongeschreven staatsrechtelijke regels
• Vertrouwensregel
• Conventie 1868
• De kamer mag het kabinet maar één keer ontbinden
, Week 2
De regering bestaat uit:
• De koning (42 lid 1 Gw)
• De ministers (42 lid 1 Gw)
• De staatssecretarissen (47 en 89 Gw)
Kabinet bestaat uit:
• De ministers
• Staatsecretarissen (46 lid 1 Gw)
• En de koning —> denk aan het ontslag van het kabinet (43 Gw)
De minister
• Ontstaan van het ambt (47 Gw)
• Benoemt en ontslaan bij koninklijk besluit (43 Gw)
• Eventueel: ministerie (44 Gw), kan ook zonder ministerie (44 lid 2 Gw)
• Zetel + stem in de ministerraad (45 lid 1 Gw en 11 RvOMR)
• Benoeming en aanvaarding (48 en 49 Gw)
• Soorten minsters
• Leidinggevende minister (44 lid 1 Gw)
• Zonder portefeuille (44 lid 2 Gw)
• Gevolmachtigde ministers (8 Statuut)
• Minster van staat —> is een ere titel
Minster-president
• Primus inter pares (45 lid 1 Gw, 48 Gw, 9 en 11 RvOMR)
• Voorzitter van de ministerraad (45 lid 2 Gw)
• Benoemd deels zichzelf (48 Gw)
• Vertegenwoordiger van de regering/het kabinet (o.a. 15 VEU)
• Minster van algemene zaken
Ministerraad
• Gevormd door alle ministers tezamen (45 Gw / 2 lid 1 RvOMR)
• Minster-president zit voor (45 lid 2 Gw / 2 lid 2 RvOMR)
• Vindt doorgaans op de vrijdag plaats
• Agenda wordt vastgesteld door minister-president (9 RvOMR)
• Mogelijke onderwerpen te vinden in art. 4 RvOMR
• Collegiaal bestuur (12 RvOMR jo. 6 RvOMR)
• Samen als een eenheid naar buiten stappen
Staatssecretaris
• Onderdeel van de regering (47 jo. 81 Gw)
• Niet genoemd in art. 42 lid 1, zie art. 43 Gw vs. art. 46 lid 1 Gw
• Verantwoordelijk voor zover de minister dat bepaald (46 lid 2 Gw)
• Bevoegdheid van de minster afgeleid en afhankelijk
• Minster trekt altijd aan het langste eind
• Meebarbelen in ministerraad (3 lid 1 sub b RvOMR)
• Nooit stemrecht (alleen adviserend)
Koning
• Ook onderdeel van de regering (42 lid 1 Gw)
• Koningschap geregeld in H2, § 1 van de Grondwet
• Erfelijk vervuld (24 Gw)
In de grondwet
• 24 Gw als startpunt
• 25 Gw (30 Gw, 37 lid 1 sub e Gw)
• 26 Gw (de ongeboren koning)
• 27 Gw (afstand koningschap)
• 28 Gw (huwelijk — let op art. 28 lid 3)